Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Psalmen 81
Doe je mond wijd open
Blaas de ramshoorn bij nieuwe maan
Voor de koorleider, op de wijs van de Gittiet, een psalm van Asaf.
Zing vrolijk voor God, onze kracht.
Juich voor de God van Jakob.
Juich voor de God van Jakob.
Zet een lied in en sla de tamboerijn.
Speel de mooie harp en de luit.
Speel de mooie harp en de luit.
Blaas de ramshoorn bij nieuwe maan, op de vastgestelde tijd, op onze feestdag.
Want dat is een regel in Israël, een voorschrift van de God van Jakob.
Hij stelde het in als getuigenis voor Jozef, toen Hij optrok tegen Egypte.
Daar hoorde ik een taal die ik niet kende:
Daar hoorde ik een taal die ik niet kende:
Mijn volk, luister toch naar mij
Ik heb de last van je schouders gehaald.
Je handen zijn los van de draagkorf.
Je handen zijn los van de draagkorf.
In je nood riep je en ik hielp je eruit.
Ik antwoordde je uit het onweer.
Ik toetste je bij het water van Meriba.
Sela.
Ik antwoordde je uit het onweer.
Ik toetste je bij het water van Meriba.
Sela.
Luister, mijn volk, ik wil je waarschuwen.
Israël, als je toch naar mij luisterde.
Israël, als je toch naar mij luisterde.
Er mag bij jou geen vreemde god zijn.
Je mag niet buigen voor een god van elders.
Je mag niet buigen voor een god van elders.
Ik ben de HEERE, jouw God.
Ik heb je uit Egypte gehaald.
Doe je mond wijd open en ik zal hem vullen.
Ik heb je uit Egypte gehaald.
Doe je mond wijd open en ik zal hem vullen.
Maar mijn volk luisterde niet naar mij.
Israël wilde niets van mij weten.
Israël wilde niets van mij weten.
Toen liet ik hen begaan in hun koppige hart.
Ze gingen hun eigen gang.
Ze gingen hun eigen gang.
Als mijn volk toch naar mij luisterde.
Als Israël toch mijn wegen ging.
Als Israël toch mijn wegen ging.
In een oogwenk zou ik hun vijanden neerslaan.
Mijn hand zou ik keren tegen hun tegenstanders.
Mijn hand zou ik keren tegen hun tegenstanders.
Wie de HEERE haten, zouden voor Hem kruipen.
En hun tijd zou voor altijd duren.
En hun tijd zou voor altijd duren.
Hij zou hen voeden met het beste van de tarwe.
Ja, ik zou je verzadigen met honing uit de rots.
Ja, ik zou je verzadigen met honing uit de rots.