Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Prediker 5
Beloften en bezit
Laat je woorden weinig zijn
Wees niet te snel met je mond en laat je hart geen woord haasten voor God.
Want God is in de hemel en jij bent op de aarde.
Laat je woorden daarom weinig zijn.
Want God is in de hemel en jij bent op de aarde.
Laat je woorden daarom weinig zijn.
Want zoals een droom komt door veel bezigheid, zo komen dwaze woorden door veel praten.
Als je God iets belooft, stel het dan niet uit om het te betalen.
Hij houdt niet van dwazen.
Betaal wat je belooft.
Hij houdt niet van dwazen.
Betaal wat je belooft.
Het is beter niets te beloven dan iets te beloven en het niet te betalen.
Laat je mond je niet tot zonde brengen.
Zeg niet tegen de bode: Het was een vergissing.
Waarom zou God boos worden om jouw woorden en het werk van je handen vernietigen?
Zeg niet tegen de bode: Het was een vergissing.
Waarom zou God boos worden om jouw woorden en het werk van je handen vernietigen?
Want bij veel dromen en veel woorden is veel leegte.
Heb daarom ontzag voor God.
Heb daarom ontzag voor God.
Als je in een gewest ziet dat armen onderdrukt worden en dat recht en gerechtigheid geroofd worden, verbaas je dan niet.
Want boven de hoge staat een hogere, en boven hen staan er nog hogeren.
Want boven de hoge staat een hogere, en boven hen staan er nog hogeren.
Voor iedereen geldt de opbrengst van het land.
Zelfs een koning wordt door de akker gediend.
Zelfs een koning wordt door de akker gediend.
Wie van geld houdt
Wie van geld houdt, krijgt nooit genoeg geld.
Wie van rijkdom houdt, krijgt nooit genoeg opbrengst.
Ook dat is leegte.
Wie van rijkdom houdt, krijgt nooit genoeg opbrengst.
Ook dat is leegte.
Als het bezit toeneemt, nemen ook de eters toe.
Wat heeft de eigenaar er dan aan, behalve dat zijn ogen ernaar kijken?
Wat heeft de eigenaar er dan aan, behalve dat zijn ogen ernaar kijken?
De slaap van een arbeider is zoet, of hij nu weinig of veel gegeten heeft.
Maar de overvloed van een rijke laat hem niet slapen.
Maar de overvloed van een rijke laat hem niet slapen.
Er is een pijnlijk kwaad dat ik zag onder de zon: rijkdom die de eigenaar bewaart tot zijn eigen schade.
Of die rijkdom gaat verloren door een tegenslag, en als hij een zoon krijgt, heeft hij niets meer in zijn hand.
Zoals hij uit de buik van zijn moeder kwam, zo gaat hij naakt weer terug.
Van zijn gezwoeg neemt hij niets mee in zijn hand.
Van zijn gezwoeg neemt hij niets mee in zijn hand.
Ook dat is een pijnlijk kwaad: precies zoals hij kwam, gaat hij weg.
Wat levert het hem op dat hij voor de wind gezwoegd heeft?
Wat levert het hem op dat hij voor de wind gezwoegd heeft?
Al zijn dagen at hij in het donker, met veel verdriet, ziekte en woede.
Kijk, dit is wat ik goed en mooi vond: eten en drinken en genieten van al het werk waaraan je zwoegt onder de zon.
Doe dat al de dagen van je leven die God je geeft.
Dat is je deel.
Doe dat al de dagen van je leven die God je geeft.
Dat is je deel.
God geeft een mens soms rijkdom en bezit.
Geeft Hij hem ook de macht om ervan te eten en zijn deel te nemen, dan is dat een gave van God.
Geeft Hij hem ook de macht om ervan te eten en zijn deel te nemen, dan is dat een gave van God.
Zo iemand denkt niet veel aan de dagen van zijn leven, want God antwoordt hem met vreugde in zijn hart.