Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Numeri 24
De laatste spreuken van Bileam
De derde spreuk
Bileam zag dat de HEERE het goed vond dat hij Israël zegende.
Daarom ging hij deze keer niet zoals eerder op zoek naar voortekens.
Hij keerde zijn gezicht naar de woestijn.
Daarom ging hij deze keer niet zoals eerder op zoek naar voortekens.
Hij keerde zijn gezicht naar de woestijn.
Bileam keek op en zag Israël, gelegerd naar zijn stammen.
Toen kwam de Geest van God over hem.
Toen kwam de Geest van God over hem.
Hij sprak zijn spreuk uit: Dit zegt Bileam, de zoon van Beor.
Dit zegt de man wiens ogen geopend zijn.
Dit zegt de man wiens ogen geopend zijn.
Dit zegt hij die de woorden van God hoort en een visioen van de Almachtige ziet.
Hij valt neer, en zijn ogen worden geopend.
Hij valt neer, en zijn ogen worden geopend.
Hoe mooi zijn je tenten, Jakob, je woningen, Israël!
Ze strekken zich uit als beekdalen, als tuinen langs een rivier.
Ze zijn als sandelbomen die de HEERE geplant heeft, als ceders langs het water.
Ze zijn als sandelbomen die de HEERE geplant heeft, als ceders langs het water.
Water stroomt uit zijn emmers, en zijn zaad heeft volop water.
Zijn koning wordt groter dan Agag, en zijn koninkrijk wordt verheven.
Zijn koning wordt groter dan Agag, en zijn koninkrijk wordt verheven.
God heeft hem uit Egypte geleid.
Hij heeft de kracht van een wilde os.
Hij verslindt de volken die zijn vijanden zijn.
Hij breekt hun beenderen en doorboort hen met zijn pijlen.
Hij heeft de kracht van een wilde os.
Hij verslindt de volken die zijn vijanden zijn.
Hij breekt hun beenderen en doorboort hen met zijn pijlen.
Hij gaat liggen, hij rust als een leeuw, als een leeuwin.
Wie durft hem wakker te maken?
Gezegend is wie jou zegent, en vervloekt is wie jou vervloekt!
Wie durft hem wakker te maken?
Gezegend is wie jou zegent, en vervloekt is wie jou vervloekt!
Balak wordt kwaad
Toen werd Balak woedend op Bileam.
Hij sloeg zijn handen ineen en zei tegen Bileam: Ik heb u geroepen om mijn vijanden te vervloeken.
Maar u hebt hen nu al drie keer gezegend!
Hij sloeg zijn handen ineen en zei tegen Bileam: Ik heb u geroepen om mijn vijanden te vervloeken.
Maar u hebt hen nu al drie keer gezegend!
Ga nu maar gauw terug naar huis!
Ik had beloofd u rijk te belonen, maar de HEERE heeft u die eer onthouden.
Ik had beloofd u rijk te belonen, maar de HEERE heeft u die eer onthouden.
Bileam antwoordde Balak: Heb ik niet al tegen de boden gezegd die u naar mij stuurde:
Al gaf Balak mij zijn paleis vol zilver en goud, dan nog kon ik niet ingaan tegen het bevel van de HEERE.
Ik kan niets goeds of kwaads doen uit mijzelf.
Wat de HEERE zegt, dat zeg ik.
Ik kan niets goeds of kwaads doen uit mijzelf.
Wat de HEERE zegt, dat zeg ik.
Ik ga nu terug naar mijn volk.
Maar kom, ik zal u waarschuwen.
Ik zal u zeggen wat dit volk in de laatste dagen met uw volk zal doen.
Maar kom, ik zal u waarschuwen.
Ik zal u zeggen wat dit volk in de laatste dagen met uw volk zal doen.
Een ster uit Jakob
Toen sprak hij zijn spreuk uit: Dit zegt Bileam, de zoon van Beor.
Dit zegt de man wiens ogen geopend zijn.
Dit zegt de man wiens ogen geopend zijn.
Dit zegt hij die de woorden van God hoort en de kennis van de Allerhoogste kent.
Hij ziet een visioen van de Almachtige; hij valt neer, en zijn ogen worden geopend.
Hij ziet een visioen van de Almachtige; hij valt neer, en zijn ogen worden geopend.
Ik zie hem, maar niet nu.
Ik aanschouw hem, maar niet van dichtbij.
Er komt een ster uit Jakob, er staat een scepter op uit Israël.
Hij verplettert de grenzen van Moab en vernietigt alle zonen van Seth.
Ik aanschouw hem, maar niet van dichtbij.
Er komt een ster uit Jakob, er staat een scepter op uit Israël.
Hij verplettert de grenzen van Moab en vernietigt alle zonen van Seth.
Edom wordt zijn bezit, en ook Seïr, het land van zijn vijanden, wordt zijn bezit.
Maar Israël toont zijn kracht.
Maar Israël toont zijn kracht.
Uit Jakob komt een heerser, en hij vernietigt wie uit de steden overblijft.
Spreuken over de volken
Toen hij Amalek zag, sprak hij zijn spreuk uit: Amalek was het eerste onder de volken, maar zijn einde is de ondergang.
Toen hij de Kenieten zag, sprak hij zijn spreuk uit: Je woonplaats is sterk, je nest ligt hoog in de rotsen.
Toch zal Kaïn verwoest worden, tot Assur je gevangen wegvoert.
Verder sprak hij zijn spreuk uit: Wie blijft er in leven als God dit doet?
Schepen komen vanaf de kust van Kittim.
Zij onderdrukken Assur en zij onderdrukken Heber.
Maar ook hij gaat ten onder.
Zij onderdrukken Assur en zij onderdrukken Heber.
Maar ook hij gaat ten onder.
Toen stond Bileam op en ging terug naar huis.
Ook Balak ging weg.
Ook Balak ging weg.