Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Numeri 20

Water uit de rots, en de dood van Aäron

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 5 minuten
Mirjam sterft; het volk heeft geen water
In de eerste maand kwam de hele gemeenschap van Israël in de woestijn Zin aan, en het volk bleef in Kades.
Daar stierf Mirjam, en daar werd zij begraven.
Er was geen water voor de gemeenschap.
Daarom kwamen zij bijeen tegen Mozes en Aäron.
Het volk kreeg ruzie met Mozes.
Zij zeiden: Waren wij maar gestorven toen onze broers voor de HEERE omkwamen.
Waarom hebben jullie de gemeenschap van de HEERE naar deze woestijn gebracht?
Moeten wij hier sterven, wij en ons vee?

Waarom hebben jullie ons uit Egypte gehaald en naar deze ellendige plek gebracht?
Er groeit geen graan, er zijn geen vijgen, geen wijnstokken en geen granaatappels.
Er is zelfs geen water om te drinken.

Mozes en Aäron gingen weg bij de gemeenschap naar de ingang van de ontmoetingstent en vielen op hun gezicht.
Toen verscheen de heerlijkheid van de HEERE aan hen.
Water uit de rots bij Meriba
De HEERE zei tegen Mozes:
Neem de staf en roep de gemeenschap bijeen, jij en je broer Aäron.
Spreek voor hun ogen tegen de rots, dan zal die water geven.
Zo haal je water uit de rots voor hen, en geef je de gemeenschap en hun vee te drinken.

Mozes pakte de staf die voor de HEERE lag, zoals Hij hem had opgedragen.
Mozes en Aäron riepen de gemeenschap bijeen voor de rots.
Hij zei tegen hen: Luister, opstandelingen!
Moeten wij soms water voor jullie uit deze rots halen?

Toen hief Mozes zijn hand op en sloeg twee keer met zijn staf op de rots.
Er stroomde veel water uit, zodat de gemeenschap en hun vee konden drinken.
Maar de HEERE zei tegen Mozes en Aäron: Jullie hebben mij niet vertrouwd.
Jullie hebben mij voor de ogen van de Israëlieten niet als heilig laten zien.
Daarom zullen jullie deze gemeenschap niet brengen in het land dat ik hun geef.

Dit is het water van Meriba, waar de Israëlieten ruzie maakten met de HEERE en waar Hij zich als heilig liet zien.
Edom weigert de doortocht
Vanuit Kades stuurde Mozes boden naar de koning van Edom.
Zij zeiden: Zo zegt uw broer Israël: u weet van alle moeite die wij hebben gehad.
Onze voorouders trokken naar Egypte en wij hebben daar lange tijd gewoond.
De Egyptenaren behandelden ons en onze voorouders slecht.

Toen riepen wij tot de HEERE.
Hij hoorde ons, stuurde een engel en leidde ons uit Egypte.
Nu zijn wij hier in Kades, een stad aan de grens van uw gebied.

Laat ons toch door uw land trekken.
Wij gaan niet door akkers of wijngaarden en drinken geen water uit de putten.
Wij volgen de koningsweg en wijken niet naar rechts of links, tot wij door uw gebied zijn.

Maar Edom antwoordde: Jullie trekken niet door mijn land.
Anders kom ik jullie met het zwaard tegemoet.

De Israëlieten zeiden tegen hem: Wij blijven op de gebaande weg.
Drinken wij of ons vee van uw water, dan betalen wij ervoor.
Wij willen alleen maar te voet doortrekken.

Maar hij zei: Jullie trekken er niet door.
En Edom trok hen tegemoet met een groot en sterk leger.
Zo weigerde Edom Israël door zijn gebied te laten trekken.
Daarom ging Israël een andere weg.
Aäron sterft op de berg Hor
De hele gemeenschap van Israël vertrok uit Kades en kwam bij de berg Hor.
Bij de berg Hor, aan de grens van Edom, zei de HEERE tegen Mozes en Aäron:
Aäron gaat nu naar zijn voorouders.
Hij komt niet in het land dat ik aan de Israëlieten geef, omdat jullie bij het water van Meriba tegen mijn bevel in zijn gegaan.

Neem Aäron en zijn zoon Eleazar mee de berg Hor op.
Trek Aäron zijn priesterkleren uit en trek ze zijn zoon Eleazar aan.
Aäron zal daar sterven en naar zijn voorouders gaan.

Mozes deed wat de HEERE had opgedragen.
Voor de ogen van de hele gemeenschap gingen zij de berg Hor op.
Mozes trok Aäron zijn kleren uit en trok ze zijn zoon Eleazar aan.
Aäron stierf daar, op de top van de berg.
Toen kwamen Mozes en Eleazar van de berg af.
Toen de hele gemeenschap zag dat Aäron gestorven was, rouwde heel Israël dertig dagen om hem.

Download hoofdstuk als tekstbestand