Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Numeri 15
Regels voor offers, voor zonde zonder opzet, en kwastjes aan de kleren
Graan- en drankoffers bij elk offer
De HEERE zei tegen Mozes:
Zeg tegen de Israëlieten: Straks komen jullie in het land dat ik jullie geef om er te wonen.
Misschien brengen jullie daar een offer voor de HEERE, een brandoffer of een slachtoffer.
Dat kan zijn bij een gelofte, als vrijwillige gave of op jullie vaste feesten.
Jullie geven de HEERE dan een aangename geur met runderen of kleinvee.
Dat kan zijn bij een gelofte, als vrijwillige gave of op jullie vaste feesten.
Jullie geven de HEERE dan een aangename geur met runderen of kleinvee.
Wie zo zijn gave aan de HEERE brengt, moet er een graanoffer bij doen: ongeveer 2 liter fijn meel, aangemaakt met ongeveer 1 liter olie.
Bij het brandoffer of het slachtoffer van een lam doen jullie ook ongeveer 1 liter wijn als drankoffer.
Bij een ram doen jullie een graanoffer van ongeveer 4 liter fijn meel, aangemaakt met ongeveer 1,3 liter olie.
Als drankoffer brengen jullie dan ongeveer 1,3 liter wijn, als een aangename geur voor de HEERE.
Brengen jullie een jonge stier als brandoffer of slachtoffer, bij een gelofte of als dankoffer voor de HEERE,
dan doen jullie er een graanoffer bij van ongeveer 6 liter fijn meel, aangemaakt met ongeveer 2 liter olie.
Als drankoffer brengen jullie dan ongeveer 2 liter wijn, als een offer met een aangename geur voor de HEERE.
Zo moet het gaan bij elke stier, elke ram en elk lam of geitje.
Hoeveel dieren jullie ook offeren, bij elk ervan doen jullie het zo.
Ieder die in Israël geboren is, moet het zo doen wanneer hij een offer met een aangename geur voor de HEERE brengt.
Misschien woont er een vreemdeling bij jullie, of iemand die al generaties onder jullie leeft.
Wil hij een offer met een aangename geur voor de HEERE brengen, dan doet hij het net zoals jullie.
Wil hij een offer met een aangename geur voor de HEERE brengen, dan doet hij het net zoals jullie.
Voor de gemeenschap geldt één regel, voor jullie en voor de vreemdeling die bij jullie woont.
Dat is een blijvende regel voor alle generaties: voor de HEERE is de vreemdeling gelijk aan jullie.
Dat is een blijvende regel voor alle generaties: voor de HEERE is de vreemdeling gelijk aan jullie.
Er geldt één wet en één recht voor jullie en voor de vreemdeling die bij jullie woont.
Het eerste van het deeg
De HEERE zei verder tegen Mozes:
Zeg tegen de Israëlieten: Straks komen jullie in het land waar ik jullie heen breng.
Als jullie dan van het brood van dat land eten, moeten jullie een deel apart zetten als gave voor de HEERE.
Zet een koek van het eerste deeg apart als gave, zoals jullie ook een gave van de dorsvloer apart zetten.
Geef de HEERE een gave van het eerste deeg, generatie na generatie.
Zonde zonder opzet en met opzet
Het kan gebeuren dat jullie zonder het te willen niet doen wat de HEERE tegen Mozes heeft gezegd.
Het gaat om alles wat de HEERE jullie door Mozes heeft opgedragen, vanaf de dag dat Hij het opdroeg en voor alle generaties daarna.
Stel dat het zonder opzet gebeurd is en de gemeenschap het niet gemerkt heeft.
Dan brengt de hele gemeenschap een jonge stier als brandoffer, een aangename geur voor de HEERE.
Daarbij horen het graanoffer en het drankoffer volgens de regel, en een geitenbok als zondoffer.
Dan brengt de hele gemeenschap een jonge stier als brandoffer, een aangename geur voor de HEERE.
Daarbij horen het graanoffer en het drankoffer volgens de regel, en een geitenbok als zondoffer.
De priester doet verzoening voor de hele gemeenschap van Israël, en het wordt hun vergeven.
Het was immers zonder opzet, en zij hebben hun gave voor de HEERE gebracht, met hun zondoffer voor hun vergissing.
Het was immers zonder opzet, en zij hebben hun gave voor de HEERE gebracht, met hun zondoffer voor hun vergissing.
Het wordt de hele gemeenschap van Israël vergeven, en ook de vreemdeling die bij hen woont.
Het hele volk heeft het immers zonder opzet gedaan.
Het hele volk heeft het immers zonder opzet gedaan.
Zondigt een enkeling zonder opzet, dan brengt hij een geit van een jaar oud als zondoffer.
De priester doet voor de HEERE verzoening voor wie zonder opzet gezondigd heeft, en het wordt hem vergeven.
Voor wie zonder opzet zondigt, geldt een wet, voor wie in Israël geboren is en voor de vreemdeling die bij hen woont.
Maar wie met opzet zondigt, of hij nu in Israël geboren is of een vreemdeling, beledigt de HEERE.
Die persoon wordt uit zijn volk verwijderd.
Die persoon wordt uit zijn volk verwijderd.
Hij heeft het woord van de HEERE geminacht en Zijn gebod gebroken.
Hij wordt beslist verwijderd; zijn schuld rust op hem.
Hij wordt beslist verwijderd; zijn schuld rust op hem.
De man die op de sabbat hout sprokkelde
Toen de Israëlieten in de woestijn waren, betrapten zij een man die op de sabbat hout sprokkelde.
Zij brachten hem bij Mozes, Aäron en de hele gemeenschap.
Zij hielden hem in bewaring, want er was nog niet bepaald wat er met hem moest gebeuren.
De HEERE zei tegen Mozes: Die man moet gedood worden.
De hele gemeenschap moet hem buiten het kamp stenigen.
De hele gemeenschap moet hem buiten het kamp stenigen.
De hele gemeenschap bracht hem buiten het kamp en stenigde hem, zodat hij stierf, zoals de HEERE Mozes had opgedragen.
Kwastjes aan de kleren
De HEERE zei tegen Mozes:
Zeg tegen de Israëlieten dat zij kwastjes maken aan de hoeken van hun kleren, generatie na generatie.
In elk kwastje moeten zij een blauwe draad doen.
In elk kwastje moeten zij een blauwe draad doen.
Die kwastjes zijn er om naar te kijken.
Zo denken jullie aan alle geboden van de HEERE en houden jullie je eraan.
Dan volgen jullie niet jullie eigen hart en jullie eigen ogen, die jullie van mij afbrengen.
Zo denken jullie aan alle geboden van de HEERE en houden jullie je eraan.
Dan volgen jullie niet jullie eigen hart en jullie eigen ogen, die jullie van mij afbrengen.
Zo denken jullie aan al mijn geboden en doen jullie ze, en zijn jullie heilig voor jullie God.
Ik ben de HEERE, jullie God, die jullie uit Egypte heeft geleid om jullie God te zijn.
Ik ben de HEERE, jullie God.
Ik ben de HEERE, jullie God.