Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Leviticus 25
Het sabbatsjaar en het jubeljaar
Het sabbatsjaar
De HEERE sprak bij de berg Sinaï tegen Mozes:
Zeg tegen de Israëlieten: Wanneer jullie in het land komen dat ik jullie geef, moet het land rusten.
Die rust is een sabbat voor de HEERE.
Die rust is een sabbat voor de HEERE.
Zes jaar lang mogen jullie je akkers inzaaien, je wijngaarden snoeien en de opbrengst oogsten.
Maar in het zevende jaar moet het land volledig rusten.
Het is een sabbat voor de HEERE.
Zaai geen akker in en snoei geen wijngaard.
Het is een sabbat voor de HEERE.
Zaai geen akker in en snoei geen wijngaard.
Oogst niet wat na de vorige oogst vanzelf opkomt.
Pluk ook geen druiven van ongesnoeide wijnstokken.
Het land moet een jaar rusten.
Pluk ook geen druiven van ongesnoeide wijnstokken.
Het land moet een jaar rusten.
Wat het land in dat sabbatsjaar voortbrengt, mag dienen als voedsel voor jullie, jullie slaven, slavinnen, dagloners en inwonende vreemdelingen.
Ook jullie vee en de wilde dieren in het land mogen alles eten wat het land voortbrengt.
Het jubeljaar
Tel zeven perioden van zeven jaar: zeven maal zeven jaar.
Samen zijn dat 49 jaar.
Samen zijn dat 49 jaar.
Laat op de tiende dag van de zevende maand overal de ramshoorn klinken.
Laat die op de Verzoendag door heel jullie land klinken.
Laat die op de Verzoendag door heel jullie land klinken.
Heilig het vijftigste jaar en kondig vrijheid af voor alle inwoners van het land.
Het is jullie jubeljaar.
Iedereen keert terug naar zijn familie en krijgt zijn familiebezit terug.
Het is jullie jubeljaar.
Iedereen keert terug naar zijn familie en krijgt zijn familiebezit terug.
Het vijftigste jaar is jullie jubeljaar.
Zaai niet, oogst niet wat vanzelf opkomt en pluk geen druiven van ongesnoeide wijnstokken.
Zaai niet, oogst niet wat vanzelf opkomt en pluk geen druiven van ongesnoeide wijnstokken.
Het is een heilig jubeljaar.
Eet rechtstreeks van wat het land vanzelf voortbrengt.
Eet rechtstreeks van wat het land vanzelf voortbrengt.
In dat jubeljaar moet iedereen terugkeren naar zijn familiebezit.
Eerlijke prijzen en het land van de HEERE
Als jullie iets verkopen aan of kopen van een volksgenoot, mogen jullie elkaar niet benadelen.
Koop van je volksgenoot op basis van het aantal jaren tot het volgende jubeljaar.
Hij verkoopt het aantal oogsten dat nog overblijft.
Hij verkoopt het aantal oogsten dat nog overblijft.
Verhoog de prijs als er veel jaren over zijn en verlaag hem als er weinig over zijn.
Je koopt immers alleen een bepaald aantal oogsten.
Je koopt immers alleen een bepaald aantal oogsten.
Benadeel elkaar niet, maar heb ontzag voor jullie God.
Ik ben de HEERE, jullie God.
Ik ben de HEERE, jullie God.
Houd je aan mijn voorschriften en leef volgens mijn bepalingen.
Dan zullen jullie veilig in het land wonen.
Dan zullen jullie veilig in het land wonen.
Het land zal zijn vruchten geven.
Jullie zullen genoeg eten en er veilig wonen.
Jullie zullen genoeg eten en er veilig wonen.
Misschien vragen jullie: ‘Wat moeten we in het zevende jaar eten?
We mogen dan toch niet zaaien of onze oogst binnenhalen?’
We mogen dan toch niet zaaien of onze oogst binnenhalen?’
Dan zal ik in het zesde jaar mijn zegen over jullie sturen.
Dat jaar zal genoeg opbrengen voor drie jaar.
Dat jaar zal genoeg opbrengen voor drie jaar.
In het achtste jaar zullen jullie weer zaaien, maar nog van de oude oogst eten.
Tot de oogst van het negende jaar binnenkomt, eten jullie daarvan.
Tot de oogst van het negende jaar binnenkomt, eten jullie daarvan.
Land mag nooit voorgoed worden verkocht, want het land is van mij.
Jullie verblijven bij mij als vreemdelingen en tijdelijke bewoners.
Jullie verblijven bij mij als vreemdelingen en tijdelijke bewoners.
In heel het land dat jullie bezitten, moeten jullie toestaan dat grond wordt teruggekocht.
Familiebezit terugkopen
Als een volksgenoot verarmt en een deel van zijn familiebezit verkoopt, moet zijn naaste familielid komen en dat terugkopen.
Als iemand geen familielid heeft dat het kan terugkopen, maar later zelf genoeg geld bijeenbrengt, mag hij het zelf terugkopen.
Hij berekent hoeveel jaren sinds de verkoop zijn verstreken.
Hij betaalt de koper het bedrag voor de resterende jaren terug en krijgt zijn bezit terug.
Hij betaalt de koper het bedrag voor de resterende jaren terug en krijgt zijn bezit terug.
Kan hij niet genoeg terugbetalen, dan blijft het bezit tot het jubeljaar bij de koper.
In het jubeljaar komt het vrij.
De verkoper keert dan terug naar zijn bezit.
In het jubeljaar komt het vrij.
De verkoper keert dan terug naar zijn bezit.
Als iemand een woonhuis in een ommuurde stad verkoopt, heeft hij precies één jaar na de verkoop om het terug te kopen.
Wordt het niet binnen dat volledige jaar teruggekocht, dan blijft het huis voorgoed van de koper en zijn nakomelingen.
In het jubeljaar komt het niet vrij.
In het jubeljaar komt het niet vrij.
Huizen in dorpen zonder stadsmuur gelden als landbouwgrond.
Ze mogen worden teruggekocht en komen in het jubeljaar vrij.
Ze mogen worden teruggekocht en komen in het jubeljaar vrij.
De Levieten behouden altijd het recht om huizen in hun eigen steden terug te kopen.
Ook een verkocht huis in een stad van de Levieten komt in het jubeljaar vrij.
Die stadshuizen zijn namelijk hun bezit onder de Israëlieten.
Die stadshuizen zijn namelijk hun bezit onder de Israëlieten.
De weidegrond rond hun steden mag niet worden verkocht, want die blijft altijd hun bezit.
Zorg voor een verarmde volksgenoot
Als een volksgenoot verarmt en niet meer in zijn levensonderhoud kan voorzien, moeten jullie hem ondersteunen.
Dit geldt ook voor een vreemdeling of tijdelijke bewoner die bij jullie woont.
Dit geldt ook voor een vreemdeling of tijdelijke bewoner die bij jullie woont.
Vraag hem geen rente of buitensporige winst.
Heb ontzag voor jullie God, zodat jullie volksgenoot bij jullie kan blijven leven.
Heb ontzag voor jullie God, zodat jullie volksgenoot bij jullie kan blijven leven.
Leen hem geen geld tegen rente en verkoop hem geen voedsel met buitensporige winst.
Ik ben de HEERE, jullie God.
Ik heb jullie uit Egypte geleid om jullie Kanaän te geven en jullie God te zijn.
Ik heb jullie uit Egypte geleid om jullie Kanaän te geven en jullie God te zijn.
Als een volksgenoot verarmt en zichzelf aan jou verkoopt, mag je hem niet als slaaf laten werken.
Behandel hem als een dagloner of tijdelijke bewoner.
Hij werkt bij jou tot het jubeljaar.
Hij werkt bij jou tot het jubeljaar.
Dan mag hij met zijn kinderen vertrekken.
Hij keert terug naar zijn familie en het familiebezit van zijn voorouders.
Hij keert terug naar zijn familie en het familiebezit van zijn voorouders.
De Israëlieten zijn mijn dienaren, die ik uit Egypte heb geleid.
Daarom mogen zij niet worden verkocht zoals men een slaaf verkoopt.
Daarom mogen zij niet worden verkocht zoals men een slaaf verkoopt.
Heers niet hardvochtig over hem, maar heb ontzag voor jullie God.
Slaven uit de omringende volken
Slaven en slavinnen mogen jullie kopen uit de volken rondom jullie.
Jullie mogen ook slaven kopen uit de families van inwonende vreemdelingen die in jullie land geboren zijn.
Zij worden jullie bezit.
Zij worden jullie bezit.
Jullie mogen hen als blijvend bezit nalaten aan jullie kinderen.
Zij mogen hen erven en voor altijd laten dienen.
Maar over een mede-Israëliet mogen jullie niet hardvochtig heersen.
Zij mogen hen erven en voor altijd laten dienen.
Maar over een mede-Israëliet mogen jullie niet hardvochtig heersen.
Een Israëliet vrijkopen
Een inwonende vreemdeling kan rijk worden, terwijl een volksgenoot bij hem verarmt.
Die volksgenoot kan zich verkopen aan de vreemdeling of een familielid van hem.
Die volksgenoot kan zich verkopen aan de vreemdeling of een familielid van hem.
Na die verkoop behoudt hij het recht om te worden vrijgekocht.
Een van zijn broers mag hem vrijkopen.
Een van zijn broers mag hem vrijkopen.
Ook zijn oom, zijn neef of een andere naaste bloedverwant uit zijn familie mag hem vrijkopen.
Kan hij het betalen, dan mag hij zichzelf vrijkopen.
Kan hij het betalen, dan mag hij zichzelf vrijkopen.
Samen met zijn koper berekent hij de jaren vanaf zijn verkoop tot het jubeljaar.
De verkoopprijs wordt over die jaren verdeeld volgens het loon van een dagloner.
De verkoopprijs wordt over die jaren verdeeld volgens het loon van een dagloner.
Zijn er nog veel jaren over, dan betaalt hij voor zijn vrijkoop een overeenkomstig deel van de oorspronkelijke prijs terug.
Zijn er nog maar weinig jaren tot het jubeljaar over, dan betaalt hij voor zijn vrijkoop een overeenkomstig kleiner bedrag.
De koper moet hem ieder jaar als een dagloner behandelen.
Jullie mogen niet toelaten dat hij hardvochtig over hem heerst.
Jullie mogen niet toelaten dat hij hardvochtig over hem heerst.
Wordt hij niet op een van deze manieren vrijgekocht, dan komt hij in het jubeljaar vrij, samen met zijn kinderen.
De Israëlieten zijn namelijk mijn dienaren.
Zij zijn mijn dienaren, die ik uit Egypte heb geleid.
Ik ben de HEERE, jullie God.
Zij zijn mijn dienaren, die ik uit Egypte heb geleid.
Ik ben de HEERE, jullie God.