Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Job 9
Hoe kan een mens gelijk krijgen bij God?
Wie kan zich tegen Hem verzetten?
Maar Job antwoordde:
Natuurlijk weet ik dat het zo is.
Maar hoe zou een mens gelijk krijgen bij God?
Maar hoe zou een mens gelijk krijgen bij God?
Als iemand met Hem in discussie wil, kan hij Hem niet één op de duizend vragen beantwoorden.
Hij is wijs van hart en sterk van kracht.
Wie heeft zich ooit tegen Hem verhard en het overleefd?
Wie heeft zich ooit tegen Hem verhard en het overleefd?
Hij verzet bergen zonder dat zij het merken.
In zijn woede keert Hij ze om.
In zijn woede keert Hij ze om.
Hij laat de aarde van haar plaats schudden, zodat haar zuilen beven.
Hij geeft de zon een bevel, en zij komt niet op.
Hij verzegelt de sterren.
Hij verzegelt de sterren.
Hij spant in zijn eentje de hemel uit en loopt over de hoogten van de zee.
Hij maakte de Grote Beer, de Orion, het Zevengesternte en de sterren van het zuiden.
Hij doet grote dingen die niemand kan doorgronden, wonderen die niemand kan tellen.
Kijk, Hij gaat mij voorbij, en ik zie Hem niet.
Hij komt langs, en ik merk Hem niet op.
Hij komt langs, en ik merk Hem niet op.
Kijk, Hij grijpt, en wie laat Hem teruggeven?
Wie zegt tegen Hem: Wat doet U daar?
Wie zegt tegen Hem: Wat doet U daar?
God houdt zijn toorn niet in.
Zelfs de helpers van Rahab buigen onder Hem.
Zelfs de helpers van Rahab buigen onder Hem.
Ik kan Hem niet antwoorden
Hoeveel minder zou ik Hem kunnen antwoorden en mijn woorden tegenover Hem kiezen?
Zelfs als ik gelijk had, zou ik Hem niet antwoorden.
Ik zou mijn rechter om genade vragen.
Ik zou mijn rechter om genade vragen.
Als ik roep en Hij antwoordt, geloof ik nog niet dat Hij naar mij geluisterd heeft.
Want Hij vermorzelt mij in een storm en maakt mijn wonden groter zonder reden.
Hij laat mij niet op adem komen, maar verzadigt mij met bitterheid.
Gaat het om kracht?
Kijk, Hij is sterk.
Gaat het om recht?
Wie daagt Hem voor de rechter?
Kijk, Hij is sterk.
Gaat het om recht?
Wie daagt Hem voor de rechter?
Als ik mijzelf vrijspreek, veroordeelt mijn eigen mond mij.
Ben ik onschuldig, dan verklaart Hij mij toch schuldig.
Ben ik onschuldig, dan verklaart Hij mij toch schuldig.
Ik ben onschuldig, maar het kan mij niets meer schelen.
Ik veracht mijn leven.
Ik veracht mijn leven.
Het komt op hetzelfde neer.
Daarom zeg ik: Hij maakt een einde aan de onschuldige en aan de goddeloze.
Daarom zeg ik: Hij maakt een einde aan de onschuldige en aan de goddeloze.
Als een plaag ineens doodt, lacht Hij om de wanhoop van de onschuldigen.
De aarde is in de macht van goddelozen.
Hij bedekt het gezicht van haar rechters.
Als Hij het niet doet, wie dan?
Hij bedekt het gezicht van haar rechters.
Als Hij het niet doet, wie dan?
Er is geen scheidsrechter
Mijn dagen waren sneller dan een hardloper.
Zij vluchtten weg zonder het goede te zien.
Zij vluchtten weg zonder het goede te zien.
Zij gleden voorbij als boten van riet, als een adelaar die op zijn prooi duikt.
Als ik zeg: Ik zal mijn klacht vergeten, mijn gezicht opklaren en weer vrolijk zijn,
dan schrik ik weer terug voor al mijn pijn.
Ik weet dat U mij niet onschuldig zult verklaren.
Ik weet dat U mij niet onschuldig zult verklaren.
Ik word toch schuldig bevonden.
Waarom zou ik mij dan voor niets afmatten?
Waarom zou ik mij dan voor niets afmatten?
Al waste ik mij met sneeuwwater en maakte ik mijn handen schoon met loog,
dan zou U mij toch in de modderpoel dopen, zodat mijn eigen kleren van mij zouden walgen.
Hij is namelijk geen mens zoals ik, die ik zou kunnen antwoorden als wij samen voor de rechter kwamen.
Er is geen scheidsrechter tussen ons, die zijn hand op ons beiden kan leggen.
Laat Hij zijn stok van mij weghalen en mij niet langer met schrik overvallen.
Dan zou ik spreken zonder bang voor Hem te zijn.
Maar zo sta ik er niet voor.
Maar zo sta ik er niet voor.