Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Apocriefe boeken
Jezus Sirach 12
Aan wie je goeddoet
Geef aan wie ontzag voor God heeft
Als je goeddoet, weet dan aan wie je het doet, en je zult voor je weldaden dank krijgen.
Doe goed aan wie ontzag voor God heeft, dan zul je vergelding vinden, en zo niet van hem, dan toch van de Allerhoogste.
Wie doorgaat met het kwade, zal het niet goed gaan, en ook niet wie niets opzijlegt om barmhartig te geven.
Geef aan wie ontzag voor God heeft, en neem de zondaar niet aan.
Doe goed aan wie nederig is en geef niets aan de goddeloze.
Onthoud hem je brood en geef het hem niet, zodat hij je daarmee niet de baas wordt.
Want je zal dubbel kwaad overkomen voor al het goede dat je hem gedaan hebt.
Onthoud hem je brood en geef het hem niet, zodat hij je daarmee niet de baas wordt.
Want je zal dubbel kwaad overkomen voor al het goede dat je hem gedaan hebt.
Want ook de Allerhoogste haat de zondaars, en wie ontzag voor Hem heeft, zal Hij wreken, maar de anderen bewaart Hij voor de zware dag van de wraak.
Geef aan wie vroom is, en neem de zondaar niet aan.
Geef aan wie vroom is, en neem de zondaar niet aan.
Vertrouw je vijand nooit
Zolang het goed gaat, wordt de vriend niet weggestuurd, en pas in tegenspoed blijft de vijand niet verborgen.
Als het iemand goed gaat, zijn zijn vijanden bedroefd, en als het hem slecht gaat, gaat ook de vriend bij hem weg.
Vertrouw je vijand nooit.
Want zoals koper roest, zo doet zijn boosheid dat ook.
En als hij vernederd wordt en gebogen loopt, houd jezelf dan in en pas voor hem op.
Dan zul je voor hem zijn als iemand die een spiegel heeft schoongeveegd, en je zult merken dat hij die niet tot het einde toe kan laten roesten.
Dan zul je voor hem zijn als iemand die een spiegel heeft schoongeveegd, en je zult merken dat hij die niet tot het einde toe kan laten roesten.
Zet hem niet naast je, zodat hij niet ooit, wanneer hij je omvergeworpen heeft, zichzelf op jouw plaats zet, en zet hem niet aan je rechterkant, zodat hij niet ooit jouw zitplaats probeert in te nemen.
Anders merk je pas op het laatst wat mijn woorden betekenen en word je door mijn woorden doorstoken.
Anders merk je pas op het laatst wat mijn woorden betekenen en word je door mijn woorden doorstoken.
Wie zal medelijden hebben met een slangenbezweerder die door een slang gebeten is, of met iedereen die dicht bij wilde dieren komt?
Zo gaat het met iemand die met een zondaar omgaat en zich in zijn zonden mengt.
Zo gaat het met iemand die met een zondaar omgaat en zich in zijn zonden mengt.
Hij zal een uur bij je blijven zolang het goed met je gaat, maar als je afdwaalt, zal hij niet volhouden.
De vijand zal wel zoete woorden op zijn lippen hebben, maar in zijn hart overlegt hij hoe hij je in een kuil kan gooien.
Met zijn ogen zal hij huilen, en als hij de gelegenheid krijgt, zal hij niet genoeg van je bloed kunnen krijgen.
Als jou iets kwaads overkomt, zul je hem daar eerder vinden dan jezelf.
Hij doet alsof hij wil helpen, en hij zal je hiel doorsnijden.
Hij doet alsof hij wil helpen, en hij zal je hiel doorsnijden.
Hij zal zijn hoofd schudden, in zijn handen klappen, veel mompelen en zijn gezicht veranderen.