Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Apocriefe boeken

Jezus Sirach 11

Beoordeel niemand op het uiterlijk

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 5 minuten
Prijs niemand om zijn uiterlijk
De wijsheid van wie nederig is, zal zijn hoofd omhoog brengen en hem tussen de groten laten zitten.
Prijs niemand om zijn uiterlijk en heb geen afkeer van iemand om hoe hij eruitziet.
De bij is klein onder de vliegende dieren, en toch is haar opbrengst het allerzoetste.
Pronk niet met de kleren die je aanhebt en verhef je niet op je dag van eer, want de werken van de Heere zijn wonderlijk en Zijn werken zijn voor de mensen verborgen.
Veel koningen hebben op de grond gezeten, en iemand van wie niemand het verwachtte, heeft de kroon gedragen.
Veel machtigen zijn zwaar onteerd, en veel aanzienlijken zijn in de handen van anderen gevallen.
Wijs niemand terecht voordat je onderzoek gedaan hebt.
Kom eerst te weten hoe het zit, en wijs dan terecht.
Antwoord niet voordat je geluisterd hebt, en val niet midden in de woorden van een ander.
Maak geen ruzie over een zaak die jou niet aangaat, en ga niet meezitten in het gerecht van zondaars.
Alles komt van de Heere
Mijn kind, bemoei je niet met te veel dingen, want als je veel op je neemt, blijf je niet onschuldig.
Als je het najaagt, haal je het niet, en als je vlucht, ontkom je niet.
Er is menigeen die zich inspant, zwoegt en haast, en die juist des te meer tekortkomt.
En er is menigeen die traag is, die hulp nodig heeft, die kracht mist en grote armoede kent.
En het oog van de Heere ziet hem ten goede aan en richt hem op uit zijn geringheid.
Hij tilt zijn hoofd omhoog uit het verval, en velen die dat zien, verbazen zich over hem.
Goede en kwade dingen, leven en dood, armoede en rijkdom komen van de Heere.
Wijsheid en kennis en het kennen van de wet komen van de Heere.
Liefde en de wegen van goede werken komen van Hem.
Dwaling en duisternis zijn samen met de zondaars geschapen, en bij wie over kwaad opscheppen, wordt het kwaad oud.
De gave van de Heere blijft bij wie ontzag voor Hem hebben, en wat Hem behaagt, blijft voor altijd voorspoedig.
Er is menigeen die rijk wordt door zijn oplettendheid en zijn zuinigheid, en dat is dan zijn deel van het loon.
Wanneer hij zegt: Ik heb rust gevonden, nu zal ik onophoudelijk van mijn bezit eten, dan weet hij niet welke tijd hem overkomt.
Hij zal het aan anderen nalaten en sterven.
Blijf bij je werk
Blijf staan in je verbond, leef daarin en word oud terwijl je je werk doet.
Verbaas je niet over de werken van de zondaar, maar vertrouw op de Heere en blijf bij je werk.
Want het is voor de Heere gemakkelijk om een arme snel en onverwacht rijk te maken.
De zegen van de Heere ligt in het loon van wie ontzag voor Hem heeft, en in korte tijd laat Hij Zijn zegen opkomen.
Zeg niet: Wat heb ik nodig om tevreden te zijn, en voor wie zullen mijn bezittingen voortaan zijn?
Zeg niet: Ik heb genoeg, en wat ik heb is veel, en wat kan mij in dit leven nog voor kwaad overkomen?
In de goede dagen vergeet men het kwade, en in de kwade dagen denkt men niet meer aan het goede.
Want het is voor de Heere gemakkelijk om op de dag van de dood de mens naar zijn daden te vergelden.
Een slecht uur doet je het genot vergeten, en aan het eind van een mensenleven komen zijn daden aan het licht.
Prijs niemand gelukkig voor zijn dood.
Ook aan zijn kinderen ken je een man.
Pas op wie je binnenlaat
Breng niet iedereen in je huis, want een lasteraar legt veel valstrikken.
Zoals een gevangen patrijs in een kooi, zo is het hart van wie hoogmoedig is, en zoals iemand die op de loer ligt en erop uit is je te laten vallen.
Want hij loert en verandert het goede in het kwade.
Ja, juist in de mooiste dingen zal hij je een smet aanwrijven.
Uit een kleine vonk worden veel gloeiende kolen, en een mens die zondaar is, loert op bloed.
Pas op voor iemand die kwaad doet, want hij smeedt kwade plannen, zodat hij je niet ooit een blijvende schandvlek bezorgt.
Laat je een vreemde in je huis wonen, dan zal hij je met onrust storen en zal hij je van je eigen bezit beroven.

Download hoofdstuk als tekstbestand