Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Nieuwe Testament
Handelingen 9
Saulus bij Damaskus
Saulus ziet het licht
Saulus was nog vol dreiging en moordlust tegen de leerlingen van de Heere.
Hij ging naar de hogepriester.
Hij ging naar de hogepriester.
Hij vroeg hem om brieven voor de synagogen in Damaskus.
Als hij daar mensen van die weg vond, mannen of vrouwen, mocht hij hen geboeid naar Jeruzalem brengen.
Als hij daar mensen van die weg vond, mannen of vrouwen, mocht hij hen geboeid naar Jeruzalem brengen.
Onderweg kwam hij in de buurt van Damaskus.
Plotseling scheen er een licht uit de hemel om hem heen.
Plotseling scheen er een licht uit de hemel om hem heen.
Hij viel op de grond en hoorde een stem tegen hem zeggen: Saul, Saul, waarom vervolg je mij?
Hij zei: Wie bent U, Heere?
De Heere zei: Ik ben Jezus, die jij vervolgt.
Het is hard voor je om tegen de prikkels te schoppen.
De Heere zei: Ik ben Jezus, die jij vervolgt.
Het is hard voor je om tegen de prikkels te schoppen.
Bevend en verbaasd zei hij: Heere, wat wilt U dat ik doe?
De Heere zei tegen hem: Sta op en ga de stad in.
Daar zal je gezegd worden wat je moet doen.
De Heere zei tegen hem: Sta op en ga de stad in.
Daar zal je gezegd worden wat je moet doen.
De mannen die met hem reisden, stonden verbijsterd.
Zij hoorden wel de stem, maar zagen niemand.
Zij hoorden wel de stem, maar zagen niemand.
Saulus stond op van de grond.
Toen hij zijn ogen opendeed, zag hij niets.
Zij namen hem bij de hand en brachten hem naar Damaskus.
Toen hij zijn ogen opendeed, zag hij niets.
Zij namen hem bij de hand en brachten hem naar Damaskus.
Drie dagen lang kon hij niet zien.
Hij at niet en dronk niet.
Hij at niet en dronk niet.
Ananias legt hem de handen op
In Damaskus woonde een leerling die Ananias heette.
De Heere zei tegen hem in een visioen: Ananias!
Hij zei: Hier ben ik, Heere.
De Heere zei tegen hem in een visioen: Ananias!
Hij zei: Hier ben ik, Heere.
De Heere zei tegen hem: Sta op en ga naar de straat die de Rechte heet.
Vraag in het huis van Judas naar een man uit Tarsus die Saulus heet, want hij bidt.
Vraag in het huis van Judas naar een man uit Tarsus die Saulus heet, want hij bidt.
In een visioen heeft hij een man gezien die Ananias heet.
Die kwam binnen en legde hem de handen op, zodat hij weer kon zien.
Die kwam binnen en legde hem de handen op, zodat hij weer kon zien.
Ananias antwoordde: Heere, ik heb van veel mensen over deze man gehoord.
Hij heeft Uw heiligen in Jeruzalem veel kwaad gedaan.
Hij heeft Uw heiligen in Jeruzalem veel kwaad gedaan.
Hier heeft hij volmacht van de overpriesters om iedereen te binden die Uw Naam aanroept.
Maar de Heere zei tegen hem: Ga toch.
Deze man is een instrument dat ik gekozen heb om mijn Naam te dragen voor de volken, voor koningen en voor de Israëlieten.
Deze man is een instrument dat ik gekozen heb om mijn Naam te dragen voor de volken, voor koningen en voor de Israëlieten.
Ik zal hem laten zien hoeveel hij moet lijden om mijn Naam.
Ananias ging op weg en kwam het huis binnen.
Hij legde hem de handen op en zei: Saul, broeder, de Heere heeft mij gestuurd.
Het is Jezus, die aan je verschenen is op de weg hierheen.
Je zult weer zien en vervuld worden met de Heilige Geest.
Hij legde hem de handen op en zei: Saul, broeder, de Heere heeft mij gestuurd.
Het is Jezus, die aan je verschenen is op de weg hierheen.
Je zult weer zien en vervuld worden met de Heilige Geest.
Meteen vielen er als schellen van zijn ogen, en hij kon weer zien.
Hij stond op en liet zich dopen.
Hij stond op en liet zich dopen.
Hij at iets en kwam weer op krachten.
Saulus bleef een paar dagen bij de leerlingen in Damaskus.
Saulus bleef een paar dagen bij de leerlingen in Damaskus.
Saulus verkondigt Christus
Meteen verkondigde hij Christus in de synagogen.
Hij zei dat Hij de Zoon van God is.
Hij zei dat Hij de Zoon van God is.
Iedereen die het hoorde, was verbijsterd.
Zij zeiden: Is dit niet de man die in Jeruzalem iedereen vervolgde die deze Naam aanriep?
Hij kwam hier toch om hen geboeid naar de overpriesters te brengen?
Zij zeiden: Is dit niet de man die in Jeruzalem iedereen vervolgde die deze Naam aanriep?
Hij kwam hier toch om hen geboeid naar de overpriesters te brengen?
Maar Saulus werd steeds sterker.
Hij overtuigde de Joden in Damaskus en bewees dat Jezus de Christus is.
Hij overtuigde de Joden in Damaskus en bewees dat Jezus de Christus is.
Na een lange tijd overlegden de Joden samen om hem te doden.
Maar Saulus hoorde van hun plan.
Zij bewaakten dag en nacht de poorten om hem te kunnen doden.
Zij bewaakten dag en nacht de poorten om hem te kunnen doden.
Toen namen de leerlingen hem 's nachts mee.
Zij lieten hem in een mand langs de muur naar beneden zakken.
Zij lieten hem in een mand langs de muur naar beneden zakken.
Saulus kwam in Jeruzalem en probeerde zich bij de leerlingen aan te sluiten.
Maar zij waren allemaal bang voor hem en geloofden niet dat hij een leerling was.
Maar zij waren allemaal bang voor hem en geloofden niet dat hij een leerling was.
Barnabas nam hem mee en bracht hem bij de apostelen.
Hij vertelde hun hoe Saulus onderweg de Heere gezien had en dat Hij tegen hem gesproken had.
Ook vertelde hij hoe Saulus in Damaskus vrijmoedig gesproken had in de Naam van Jezus.
Hij vertelde hun hoe Saulus onderweg de Heere gezien had en dat Hij tegen hem gesproken had.
Ook vertelde hij hoe Saulus in Damaskus vrijmoedig gesproken had in de Naam van Jezus.
Zo ging hij in Jeruzalem met hen in en uit.
Hij sprak vrijmoedig in de Naam van de Heere Jezus.
Hij ging ook in discussie met de Griekssprekende Joden, maar die probeerden hem te doden.
Hij ging ook in discussie met de Griekssprekende Joden, maar die probeerden hem te doden.
Toen de gelovigen dat merkten, brachten zij hem naar Cesarea en stuurden hem door naar Tarsus.
De gemeenschappen in heel Judea, Galilea en Samaria hadden nu vrede.
Zij werden opgebouwd en leefden in ontzag voor de Heere.
Door de bemoediging van de Heilige Geest groeiden zij in aantal.
Zij werden opgebouwd en leefden in ontzag voor de Heere.
Door de bemoediging van de Heilige Geest groeiden zij in aantal.
Eneas en Tabitha
Petrus reisde overal rond.
Zo kwam hij ook bij de heiligen die in Lydda woonden.
Zo kwam hij ook bij de heiligen die in Lydda woonden.
Daar vond hij een man die Eneas heette.
Hij was verlamd en lag al acht jaar op bed.
Hij was verlamd en lag al acht jaar op bed.
Petrus zei tegen hem: Eneas, Jezus Christus maakt je gezond.
Sta op en maak je bed op.
Meteen stond hij op.
Sta op en maak je bed op.
Meteen stond hij op.
Alle inwoners van Lydda en Saron zagen hem, en zij bekeerden zich tot de Heere.
In Joppe woonde een leerlinge die Tabitha heette; vertaald is dat Dorkas.
Zij deed veel goede dingen en gaf veel weg aan de armen.
Zij deed veel goede dingen en gaf veel weg aan de armen.
In die dagen werd zij ziek en stierf.
Zij wasten haar en legden haar in de bovenzaal.
Zij wasten haar en legden haar in de bovenzaal.
Lydda ligt dicht bij Joppe.
De leerlingen hoorden dat Petrus daar was en stuurden twee mannen naar hem toe.
Zij vroegen hem om meteen naar hen toe te komen.
De leerlingen hoorden dat Petrus daar was en stuurden twee mannen naar hem toe.
Zij vroegen hem om meteen naar hen toe te komen.
Petrus stond op en ging met hen mee.
Toen hij aankwam, brachten zij hem naar de bovenzaal.
Alle weduwen stonden huilend om hem heen.
Zij lieten de jassen en kleren zien die Dorkas gemaakt had toen zij nog bij hen was.
Toen hij aankwam, brachten zij hem naar de bovenzaal.
Alle weduwen stonden huilend om hem heen.
Zij lieten de jassen en kleren zien die Dorkas gemaakt had toen zij nog bij hen was.
Petrus stuurde iedereen naar buiten.
Hij knielde en bad.
Toen keerde hij zich naar het lichaam en zei: Tabitha, sta op!
Zij deed haar ogen open, zag Petrus en ging rechtop zitten.
Hij knielde en bad.
Toen keerde hij zich naar het lichaam en zei: Tabitha, sta op!
Zij deed haar ogen open, zag Petrus en ging rechtop zitten.
Hij gaf haar een hand en hielp haar overeind.
Toen riep hij de heiligen en de weduwen en liet haar levend aan hen zien.
Toen riep hij de heiligen en de weduwen en liet haar levend aan hen zien.
Dit werd bekend in heel Joppe, en veel mensen kwamen tot geloof in de Heere.
Petrus bleef een lange tijd in Joppe, bij een leerlooier die Simon heette.