Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Genesis 38

Juda en Tamar

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 5 minuten
Juda krijgt drie zonen
Rond die tijd verliet Juda zijn broers.
Hij trok in bij Hira, een man uit Adullam.
Daar zag Juda een dochter van een Kanaänitische man die Sua heette.
Hij trouwde met haar en sliep met haar.
Zij werd zwanger en kreeg een zoon.
Juda noemde hem Er.
Zij werd opnieuw zwanger en kreeg een zoon.
Zij noemde hem Onan.
Daarna kreeg zij nog een zoon, die zij Sela noemde.
Juda was in Chezib toen zij hem ter wereld bracht.
Er en Onan sterven
Juda koos een vrouw voor zijn oudste zoon Er.
Zij heette Tamar.
Maar Er, de oudste zoon van Juda, deed wat kwaad was in de ogen van de HEERE.
Daarom doodde de HEERE hem.
Toen zei Juda tegen Onan: Slaap met de vrouw van je broer.
Vervul je plicht als zwager en zorg voor nakomelingen voor je broer.

Onan wist dat de nakomelingen niet als zijn kinderen zouden gelden.
Daarom liet hij zijn zaad op de grond verloren gaan wanneer hij met Tamar sliep.
Zo voorkwam hij dat zijn broer nakomelingen kreeg.
Wat Onan deed, was kwaad in de ogen van de HEERE.
Daarom doodde Hij hem ook.
Daarna zei Juda tegen zijn schoondochter Tamar: Blijf als weduwe bij je vader wonen totdat mijn zoon Sela volwassen is.
Hij dacht namelijk: Anders sterft Sela misschien ook, net als zijn broers.
Tamar ging daarom bij haar vader wonen.
Tamar voert haar plan uit
Een lange tijd later stierf Juda's vrouw, de dochter van Sua.
Na zijn rouw ging Juda naar zijn schaapscheerders in Timna.
Zijn vriend Hira uit Adullam ging met hem mee.
Iemand vertelde Tamar: Je schoonvader gaat naar Timna om zijn schapen te scheren.
Toen trok Tamar haar weduwenkleren uit.
Ze bedekte haar gezicht met een sluier, hulde zich erin en ging bij de twee bronnen zitten, aan de weg naar Timna.
Ze wist namelijk dat Sela volwassen was, maar dat Juda haar niet aan hem had gegeven.
Toen Juda haar zag, dacht hij dat zij een prostituee was, omdat zij haar gezicht had bedekt.
Hij ging naar haar toe langs de weg en zei: Kom, laat mij met je slapen.
Hij wist niet dat zij zijn schoondochter was.
Tamar vroeg: Wat geeft u mij als ik met u slaap?
Juda antwoordde: Ik stuur je een geitenbokje uit de kudde.
Tamar zei: Goed, als u mij tot die tijd een onderpand geeft.
Juda vroeg: Wat voor onderpand moet ik je geven?
Tamar antwoordde: Uw zegelring, het koord en de staf in uw hand.
Juda gaf die aan haar en sliep met haar.
Tamar werd zwanger van hem.
Daarna vertrok Tamar.
Ze deed haar sluier af en trok haar weduwenkleren weer aan.
Hira zoekt de vrouw
Juda stuurde het geitenbokje met zijn vriend Hira uit Adullam mee.
Hira moest de vrouw betalen en het onderpand terughalen.
Maar hij kon haar niet vinden.
Hira vroeg aan de mensen daar: Waar is de prostituee die bij de twee bronnen langs de weg zat?
Zij antwoordden: Hier is geen prostituee geweest.
Hira ging terug naar Juda en zei: Ik heb haar niet gevonden.
De mensen daar zeiden: Hier is geen prostituee geweest.

Juda zei: Laat haar het onderpand maar houden.
Anders maken we ons belachelijk.
Ik heb dit bokje gestuurd, maar jij hebt haar niet gevonden.

Juda erkent dat Tamar in haar recht staat
Ongeveer drie maanden later kreeg Juda bericht: Uw schoondochter Tamar heeft ontucht gepleegd.
Ze is daardoor zwanger.

Juda zei: Breng haar naar buiten en verbrand haar!
Terwijl men haar naar buiten bracht, stuurde Tamar het onderpand naar haar schoonvader.
Ze gaf deze boodschap mee: Ik ben zwanger van de man van wie deze spullen zijn.
Kijk goed: van wie zijn deze zegelring, deze koorden en deze staf?

Juda herkende de voorwerpen en zei: Zij staat meer in haar recht dan ik, want ik heb haar niet aan mijn zoon Sela gegeven.
Daarna sliep Juda nooit meer met haar.
Perez en Zera worden geboren
Toen Tamar moest bevallen, bleek dat zij een tweeling droeg.
Tijdens de bevalling stak een van de baby's zijn hand naar buiten.
De verloskundige bond een scharlaken draad om zijn hand en zei: Deze komt als eerste naar buiten.
Maar hij trok zijn hand terug en zijn broer kwam als eerste naar buiten.
De verloskundige zei: Wat heb jij een doorbraak gemaakt!
Daarom kreeg hij de naam Perez.
Daarna kwam zijn broer naar buiten, met de scharlaken draad om zijn hand.
Hij kreeg de naam Zera.

Download hoofdstuk als tekstbestand