Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Deuteronomium 19

Vrijsteden, grenzen en getuigen

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 4 minuten
Drie vrijsteden
De HEERE, je God, zal de volken uitroeien van wie Hij je het land geeft.
Je zult hun land innemen en in hun steden en huizen wonen.

Wijs dan drie steden aan midden in het land dat de HEERE, je God, je in bezit geeft.
Leg er wegen naartoe aan.
Verdeel het gebied van het land dat de HEERE, je God, je als erfdeel geeft in drie delen.
Zo kan iedere doodslager daarheen vluchten.

Dit is de regel voor een doodslager die daarheen vlucht om in leven te blijven.
Het gaat om iemand die zijn naaste zonder opzet gedood heeft, zonder dat hij eerder een hekel aan hem had.

Stel dat iemand met zijn naaste het bos in gaat om hout te hakken.
Hij haalt uit met de bijl om een boom om te hakken.
Maar het ijzer schiet van de steel en treft zijn naaste, zodat die sterft.
Die man mag naar een van deze steden vluchten en in leven blijven.

Anders zou de bloedwreker in zijn woede de doodslager achtervolgen.
Als de weg te lang is, zou hij hem inhalen en doodslaan.
Maar die man verdient de dood niet, want hij had eerder geen hekel aan hem.

Daarom draag ik je op: wijs drie steden aan.
De HEERE, je God, zal je gebied uitbreiden, zoals Hij je voorouders onder ede beloofd heeft.
Hij zal je het hele land geven dat Hij je voorouders heeft toegezegd.

Dat doet Hij als je je nauwkeurig houdt aan dit hele gebod dat ik je vandaag geef.
Heb dus de HEERE, je God, lief en ga altijd Zijn wegen.
Wijs dan nog drie steden aan, naast deze drie.

Zo wordt er in het land dat de HEERE, je God, je als erfdeel geeft, geen onschuldig bloed vergoten.
Dan rust er geen bloedschuld op je.

Maar stel dat iemand zijn naaste haat en hem opwacht.
Hij valt hem aan en slaat hem dood, en vlucht dan naar een van die steden.

Dan moeten de oudsten van zijn stad hem daar laten ophalen.
Zij leveren hem over aan de bloedwreker, zodat hij sterft.

Heb geen medelijden met hem.
Doe het onschuldig vergoten bloed weg uit Israël, dan gaat het je goed.

Verzet geen grenspalen
Verzet de grenspaal van je naaste niet, die je voorouders geplaatst hebben.
Dat geldt voor het erfdeel dat je krijgt in het land dat de HEERE, je God, je in bezit geeft.

Getuigen
Eén getuige is niet genoeg om iemand te veroordelen voor een misdaad of zonde, wat hij ook gedaan heeft.
Alleen op de verklaring van twee of drie getuigen kan een zaak worden vastgesteld.

Stel dat een kwaadwillige getuige tegen iemand optreedt en hem van een misdaad beschuldigt.
Dan moeten de twee mannen die het geschil hebben, voor de HEERE verschijnen.
Zij gaan staan voor de priesters en de rechters die er in die tijd zijn.

De rechters moeten het goed onderzoeken.
Als de getuige een valse getuige blijkt te zijn, die zijn broer vals beschuldigd heeft,
doe hem dan aan wat hij zijn broer wilde aandoen.
Zo moeten jullie het kwaad uit je midden wegdoen.

De anderen zullen het horen en bang worden.
Dan zal niemand onder jullie meer zoiets slechts doen.

Heb geen medelijden: leven om leven, oog om oog, tand om tand, hand om hand, voet om voet.

Download hoofdstuk als tekstbestand