Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
2 Kronieken 10
Israël breekt met Rehabeam
Israël komt bij Rehabeam
Rehabeam ging naar Sichem, want heel Israël was daar bijeengekomen om hem koning te maken.
Jerobeam, de zoon van Nebat, hoorde dat.
Hij was in Egypte, waar hij voor koning Salomo naartoe gevlucht was.
Daarom kwam Jerobeam terug uit Egypte.
Hij was in Egypte, waar hij voor koning Salomo naartoe gevlucht was.
Daarom kwam Jerobeam terug uit Egypte.
Zij hadden hem namelijk laten roepen.
Jerobeam kwam met heel Israël, en zij zeiden tegen Rehabeam:
Jerobeam kwam met heel Israël, en zij zeiden tegen Rehabeam:
Uw vader heeft ons een zwaar juk opgelegd.
Maak het harde werk van uw vader lichter en verlicht het juk dat hij ons opgelegd heeft.
Dan zullen wij u dienen.
Maak het harde werk van uw vader lichter en verlicht het juk dat hij ons opgelegd heeft.
Dan zullen wij u dienen.
Hij zei tegen hen: Kom over drie dagen bij mij terug.
Toen ging het volk weg.
Toen ging het volk weg.
De raad van oudsten en jongemannen
Koning Rehabeam ging te rade bij de oudsten die zijn vader Salomo gediend hadden toen die nog leefde.
Hij vroeg: Wat raadt u aan?
Wat moet ik dit volk antwoorden?
Hij vroeg: Wat raadt u aan?
Wat moet ik dit volk antwoorden?
Zij zeiden tegen hem: Wees goed voor dit volk en vriendelijk tegen hen.
Spreek goede woorden tegen hen, dan zullen zij u altijd dienen.
Spreek goede woorden tegen hen, dan zullen zij u altijd dienen.
Maar hij legde de raad van de oudsten naast zich neer.
Hij ging te rade bij de jongemannen die met hem opgegroeid waren en nu bij hem stonden.
Hij ging te rade bij de jongemannen die met hem opgegroeid waren en nu bij hem stonden.
Hij vroeg hun: Wat raadt u aan?
Wat moeten wij dit volk antwoorden?
Zij hebben mij gevraagd het juk lichter te maken dat mijn vader hun opgelegd heeft.
Wat moeten wij dit volk antwoorden?
Zij hebben mij gevraagd het juk lichter te maken dat mijn vader hun opgelegd heeft.
De jongemannen die met hem opgegroeid waren, zeiden: Het volk klaagt dat uw vader hun juk zwaar gemaakt heeft.
Zij vragen u het lichter te maken.
Antwoord hun dan zo: Mijn pink is dikker dan het middel van mijn vader.
Zij vragen u het lichter te maken.
Antwoord hun dan zo: Mijn pink is dikker dan het middel van mijn vader.
Mijn vader heeft u een zwaar juk opgelegd, maar ik zal het nog zwaarder maken.
Mijn vader heeft u met zwepen gestraft, maar ik zal u met schorpioenen straffen.
Mijn vader heeft u met zwepen gestraft, maar ik zal u met schorpioenen straffen.
Het harde antwoord
Op de derde dag kwamen Jerobeam en het hele volk bij Rehabeam, zoals de koning gezegd had.
De koning gaf hun een hard antwoord.
Hij legde de raad van de oudsten naast zich neer.
Hij legde de raad van de oudsten naast zich neer.
Hij sprak hen toe volgens de raad van de jongemannen: Mijn vader heeft uw juk zwaar gemaakt, maar ik zal het nog zwaarder maken.
Mijn vader heeft u met zwepen gestraft, maar ik zal u met schorpioenen straffen.
Mijn vader heeft u met zwepen gestraft, maar ik zal u met schorpioenen straffen.
De koning luisterde dus niet naar het volk.
Deze wending kwam van God, zodat de HEERE zijn woord waarmaakte.
Dat had Hij door Ahia uit Silo tegen Jerobeam, de zoon van Nebat, gesproken.
Deze wending kwam van God, zodat de HEERE zijn woord waarmaakte.
Dat had Hij door Ahia uit Silo tegen Jerobeam, de zoon van Nebat, gesproken.
Israël breekt met het huis van David
Heel Israël zag dat de koning niet naar hen luisterde.
Toen antwoordde het volk de koning: Wat hebben wij met David te maken?
Wij hebben geen erfdeel bij de zoon van Isaï.
Ga naar huis, Israël!
Zorg nu maar voor je eigen huis, David!
Zo ging heel Israël naar huis.
Toen antwoordde het volk de koning: Wat hebben wij met David te maken?
Wij hebben geen erfdeel bij de zoon van Isaï.
Ga naar huis, Israël!
Zorg nu maar voor je eigen huis, David!
Zo ging heel Israël naar huis.
Maar over de Israëlieten die in de steden van Juda woonden, bleef Rehabeam koning.
Toen stuurde koning Rehabeam Hadoram, die over de dwangarbeid ging.
De Israëlieten stenigden hem, zodat hij stierf.
Koning Rehabeam kon nog net op zijn wagen springen en vluchtte naar Jeruzalem.
De Israëlieten stenigden hem, zodat hij stierf.
Koning Rehabeam kon nog net op zijn wagen springen en vluchtte naar Jeruzalem.
Zo kwam Israël in opstand tegen het huis van David, tot vandaag toe.