Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

1 Koningen 6

De bouw van de tempel

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 6 minuten
Salomo bouwt het huis van de HEERE
In het 480ste jaar na de uittocht van de Israëlieten uit Egypte begon Salomo met de bouw van het huis van de HEERE.
Dat was in het vierde jaar van zijn regering over Israël, in de maand Ziv, de tweede maand.
Het huis dat koning Salomo voor de HEERE bouwde, was ongeveer 27 meter lang, 9 meter breed en 13,5 meter hoog.
De voorhal voor de grote zaal van het huis was ongeveer 9 meter lang, even breed als het huis.
Aan de voorkant van het huis was de voorhal ongeveer 4,5 meter diep.
Hij maakte vensters in het huis met vaste traliewerken.
Tegen de muren van het huis bouwde hij rondom een aanbouw, rond de grote zaal en het binnenste heiligdom.
Zo maakte hij rondom zijkamers.
De onderste verdieping was ongeveer 2,25 meter breed, de middelste 2,7 meter en de derde 3,15 meter.
Want hij had de muur van het huis aan de buitenkant rondom trapsgewijs laten inspringen.
Zo hoefden de balken niet in de muren van het huis te steunen.
Het huis werd gebouwd van stenen die al in de groeve pasklaar waren gemaakt.
Daarom werd er tijdens de bouw in het huis geen hamer, bijl of ander ijzeren gereedschap gehoord.
De ingang van de onderste zijkamers was aan de rechterkant van het huis.
Via wenteltrappen ging men naar de middelste verdieping, en van de middelste naar de derde.
Zo bouwde hij het huis en voltooide het.
Hij bedekte het huis met balken en planken van ceder.
Tegen het hele huis bouwde hij de aanbouw, elke verdieping ongeveer 2,25 meter hoog.
Hij verbond die met cederbalken aan het huis.
Het woord van de HEERE tot Salomo
Toen kwam het woord van de HEERE tot Salomo:
Je bouwt dit huis.
Als je leeft naar mijn verordeningen, mijn bepalingen uitvoert en al mijn geboden in acht neemt, dan zal ik mijn woord aan jou waarmaken.
Dat is het woord dat ik tot je vader David gesproken heb.

Dan zal ik midden onder de Israëlieten wonen, en ik zal mijn volk Israël niet verlaten.
Zo bouwde Salomo het huis en voltooide het.
Het binnenste van de tempel
Hij bekleedde de muren van het huis aan de binnenkant met cederplanken, van de vloer tot aan het plafond.
Zo bekleedde hij ze van binnen met hout.
De vloer van het huis bedekte hij met planken van dennenhout.
Achter in het huis bouwde hij een ruimte van ongeveer 9 meter, van de vloer tot aan het plafond met cederplanken bekleed.
Die bouwde hij van binnen als het binnenste heiligdom, het heilige der heiligen.
Het huis ervoor, de grote zaal, was ongeveer 18 meter lang.
Het cederhout aan de binnenkant van het huis was versierd met snijwerk van knoppen en open bloemen.
Alles was van ceder, er was geen steen te zien.
Het binnenste heiligdom richtte hij in het huis in, om daar de ark van het verbond van de HEERE te plaatsen.
Het binnenste heiligdom was ongeveer 9 meter lang, 9 meter breed en 9 meter hoog.
Hij bekleedde het met zuiver goud.
Ook het altaar van cederhout bekleedde hij.
Salomo bekleedde het huis aan de binnenkant met zuiver goud.
Voor het binnenste heiligdom trok hij gouden kettingen, en hij bekleedde het met goud.
Zo bekleedde hij het hele huis met goud, tot het hele huis klaar was.
Ook het hele altaar bij het binnenste heiligdom bekleedde hij met goud.
In het binnenste heiligdom maakte hij twee cherubs van olijfhout.
Elk was ongeveer 4,5 meter hoog.
De ene vleugel van de cherub was ongeveer 2,25 meter, en de andere vleugel ook.
Van de ene vleugelpunt tot de andere was het ongeveer 4,5 meter.
Ook de andere cherub mat ongeveer 4,5 meter.
Beide cherubs hadden dezelfde maat en dezelfde vorm.
De ene cherub was ongeveer 4,5 meter hoog, en de andere ook.
Hij zette de cherubs midden in het binnenste deel van het huis.
De cherubs spreidden hun vleugels uit.
De vleugel van de ene raakte de ene muur, en de vleugel van de andere raakte de andere muur.
In het midden van het huis raakten hun vleugels elkaar.
Hij bekleedde de cherubs met goud.
Op alle muren van het huis rondom maakte hij snijwerk van cherubs, palmbomen en open bloemen, zowel binnen als buiten.
Ook de vloer van het huis bekleedde hij met goud, zowel binnen als buiten.
Voor de ingang van het binnenste heiligdom maakte hij deuren van olijfhout.
De bovendorpel en de deurposten besloegen een vijfde van de muur.
De twee deuren waren van olijfhout.
Hij sneed er cherubs, palmbomen en open bloemen in en bekleedde die met goud.
Ook de cherubs en de palmbomen bedekte hij met goud.
Zo maakte hij ook voor de ingang van de grote zaal deurposten van olijfhout, die een vierde van de muur besloegen.
De twee deuren waren van dennenhout.
Elke deur bestond uit twee draaibare panelen.
Hij sneed er cherubs, palmbomen en open bloemen in en bekleedde die met goud, precies passend op het snijwerk.
Daarna bouwde hij de binnenste voorhof, met drie lagen gehouwen stenen en een laag cederbalken.
In het vierde jaar werd de fundering van het huis van de HEERE gelegd, in de maand Ziv.
In het elfde jaar, in de maand Bul, de achtste maand, was het huis in al zijn onderdelen en volgens alle voorschriften voltooid.
Zo had hij er zeven jaar aan gebouwd.

Download hoofdstuk als tekstbestand