Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
1 Koningen 15
Abiam, Asa, Nadab en Baësa
Abiam koning van Juda
In het achttiende jaar van koning Jerobeam, de zoon van Nebat, werd Abiam koning over Juda.
Hij regeerde drie jaar in Jeruzalem.
Zijn moeder heette Maächa, een dochter van Abisalom.
Zijn moeder heette Maächa, een dochter van Abisalom.
Hij leefde in alle zonden die zijn vader vóór hem had gedaan.
Zijn hart was niet volkomen toegewijd aan de HEERE, zijn God, zoals het hart van zijn vader David.
Zijn hart was niet volkomen toegewijd aan de HEERE, zijn God, zoals het hart van zijn vader David.
Maar omwille van David gaf de HEERE, zijn God, hem een lamp in Jeruzalem.
Hij liet zijn zoon na hem opstaan en liet Jeruzalem voortbestaan.
Hij liet zijn zoon na hem opstaan en liet Jeruzalem voortbestaan.
Want David had gedaan wat goed is in de ogen van de HEERE.
Zijn hele leven was hij niet afgeweken van alles wat Hij hem geboden had, behalve in de zaak van Uria, de Hethiet.
Zijn hele leven was hij niet afgeweken van alles wat Hij hem geboden had, behalve in de zaak van Uria, de Hethiet.
Er was oorlog geweest tussen Rehabeam en Jerobeam, zolang hij leefde.
Wat verder over Abiam te vertellen is en alles wat hij deed, staat in het boek van de kronieken van de koningen van Juda.
Er was ook oorlog tussen Abiam en Jerobeam.
Er was ook oorlog tussen Abiam en Jerobeam.
Abiam ging bij zijn voorouders te ruste, en men begroef hem in de stad van David.
Zijn zoon Asa werd koning in zijn plaats.
Zijn zoon Asa werd koning in zijn plaats.
Asa koning van Juda
In het twintigste jaar van Jerobeam, de koning van Israël, werd Asa koning over Juda.
Hij regeerde 41 jaar in Jeruzalem.
Zijn moeder heette Maächa, een dochter van Abisalom.
Zijn moeder heette Maächa, een dochter van Abisalom.
Asa deed wat goed is in de ogen van de HEERE, zoals zijn vader David.
Hij verdreef de tempelprostitués uit het land en verwijderde alle drekgoden die zijn vaders gemaakt hadden.
Zelfs zijn moeder Maächa zette hij af als koningin-moeder, omdat zij een gruwelijk afgodsbeeld voor de gewijde paal had gemaakt.
Asa hakte dat gruwelijke beeld om en verbrandde het bij de beek Kidron.
Asa hakte dat gruwelijke beeld om en verbrandde het bij de beek Kidron.
De offerhoogten werden niet weggehaald.
Toch was het hart van Asa zijn hele leven volkomen toegewijd aan de HEERE.
Toch was het hart van Asa zijn hele leven volkomen toegewijd aan de HEERE.
Hij bracht de gewijde gaven van zijn vader en zijn eigen gewijde gaven naar het huis van de HEERE: zilver, goud en voorwerpen.
Er was voortdurend oorlog tussen Asa en Baësa, de koning van Israël.
Baësa, de koning van Israël, trok op tegen Juda en versterkte Rama.
Zo wilde hij verhinderen dat iemand bij Asa, de koning van Juda, kon komen of van hem kon weggaan.
Zo wilde hij verhinderen dat iemand bij Asa, de koning van Juda, kon komen of van hem kon weggaan.
Toen nam Asa al het zilver en goud dat nog over was in de schatkamers van het huis van de HEERE en van het paleis.
Hij gaf het aan zijn dienaren.
Koning Asa stuurde hen naar Benhadad, de zoon van Tabrimmon, de zoon van Hezion, de koning van Syrië, die in Damaskus woonde.
Hij liet zeggen:
Hij gaf het aan zijn dienaren.
Koning Asa stuurde hen naar Benhadad, de zoon van Tabrimmon, de zoon van Hezion, de koning van Syrië, die in Damaskus woonde.
Hij liet zeggen:
Er is een verbond tussen mij en u, zoals er een verbond was tussen mijn vader en uw vader.
Kijk, ik stuur u een geschenk van zilver en goud.
Verbreek uw verbond met Baësa, de koning van Israël, zodat hij van mij wegtrekt.
Kijk, ik stuur u een geschenk van zilver en goud.
Verbreek uw verbond met Baësa, de koning van Israël, zodat hij van mij wegtrekt.
Benhadad luisterde naar koning Asa en stuurde zijn legeraanvoerders tegen de steden van Israël.
Hij veroverde Ijon, Dan, Abel-Beth-Maächa, heel Kinneroth en het hele land Nafthali.
Hij veroverde Ijon, Dan, Abel-Beth-Maächa, heel Kinneroth en het hele land Nafthali.
Toen Baësa dat hoorde, stopte hij met de versterking van Rama en bleef in Tirza.
Toen riep koning Asa heel Juda op, niemand was vrijgesteld.
Zij moesten de stenen en het hout van Rama weghalen, waarmee Baësa had gebouwd.
Daarmee versterkte koning Asa Geba in Benjamin en Mizpa.
Zij moesten de stenen en het hout van Rama weghalen, waarmee Baësa had gebouwd.
Daarmee versterkte koning Asa Geba in Benjamin en Mizpa.
Wat verder over Asa te vertellen is, staat in het boek van de kronieken van de koningen van Juda.
Daar staan al zijn macht, alles wat hij deed en de steden die hij bouwde.
Maar op zijn oude dag kreeg hij een ziekte aan zijn voeten.
Daar staan al zijn macht, alles wat hij deed en de steden die hij bouwde.
Maar op zijn oude dag kreeg hij een ziekte aan zijn voeten.
Asa ging bij zijn voorouders te ruste en werd bij hen begraven in de stad van zijn vader David.
Zijn zoon Josafat werd koning in zijn plaats.
Zijn zoon Josafat werd koning in zijn plaats.
Nadab koning van Israël
Nadab, de zoon van Jerobeam, werd koning over Israël in het tweede jaar van Asa, de koning van Juda.
Hij regeerde twee jaar over Israël.
Hij regeerde twee jaar over Israël.
Hij deed wat slecht is in de ogen van de HEERE.
Hij ging in de weg van zijn vader en in diens zonde, waarmee hij Israël had laten zondigen.
Hij ging in de weg van zijn vader en in diens zonde, waarmee hij Israël had laten zondigen.
Baësa, de zoon van Ahia, uit het huis van Issaschar, zwoer tegen hem samen.
Baësa doodde hem bij Gibbethon, dat van de Filistijnen was, terwijl Nadab en heel Israël Gibbethon belegerden.
Baësa doodde hem bij Gibbethon, dat van de Filistijnen was, terwijl Nadab en heel Israël Gibbethon belegerden.
Baësa doodde hem in het derde jaar van Asa, de koning van Juda, en werd koning in zijn plaats.
Zodra hij koning was, doodde hij het hele huis van Jerobeam.
Hij liet van Jerobeam niemand in leven, tot hij hen had uitgeroeid.
Zo ging het woord van de HEERE in vervulling dat Hij door Zijn dienaar Ahia uit Silo gesproken had.
Hij liet van Jerobeam niemand in leven, tot hij hen had uitgeroeid.
Zo ging het woord van de HEERE in vervulling dat Hij door Zijn dienaar Ahia uit Silo gesproken had.
Dat gebeurde vanwege de zonden van Jerobeam, die zelf zondigde en Israël liet zondigen.
Daarmee had hij de HEERE, de God van Israël, getergd.
Daarmee had hij de HEERE, de God van Israël, getergd.
Wat verder over Nadab te vertellen is en alles wat hij deed, staat in het boek van de kronieken van de koningen van Israël.
Er was voortdurend oorlog tussen Asa en Baësa, de koning van Israël.
Baësa koning van Israël
In het derde jaar van Asa, de koning van Juda, werd Baësa, de zoon van Ahia, in Tirza koning over heel Israël.
Hij regeerde 24 jaar.
Hij regeerde 24 jaar.
Hij deed wat slecht is in de ogen van de HEERE.
Hij ging in de weg van Jerobeam en in diens zonde, waarmee hij Israël had laten zondigen.
Hij ging in de weg van Jerobeam en in diens zonde, waarmee hij Israël had laten zondigen.