Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Zacharia 13

Een bron tegen de zonde

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 2 minuten
Geen profeten meer
Op die dag zal er een bron geopend worden voor het huis van David en voor de bewoners van Jeruzalem.
Die bron is tegen de zonde en de onreinheid.

Op die dag, zegt de HEERE van de legermachten, zal ik de namen van de afgoden uit het land uitroeien.
Men zal ze niet meer noemen.
Ook de profeten en de onreine geest zal ik uit het land wegdoen.

Als iemand dan nog profeteert, zullen zijn eigen ouders tegen hem zeggen: je mag niet blijven leven.
Want je hebt leugens gesproken in de naam van de HEERE.
Zijn eigen vader en moeder zullen hem doorsteken als hij profeteert.

Op die dag zullen de profeten zich schamen voor hun eigen visioen als zij profeteren.
Zij zullen geen ruwe mantel meer aandoen om te bedriegen.

Maar hij zal zeggen: Ik ben geen profeet.
Ik ben een boer, want een mens heeft mij van jongs af aan als knecht gekocht.

Iemand zal tegen hem zeggen: wat zijn dat voor wonden tussen je handen?
Dan zal hij zeggen:
die heb ik opgelopen in het huis van mijn vrienden.

Sla de Herder
Zwaard, word wakker tegen mijn Herder en tegen de Man die mijn metgezel is, zegt de HEERE van de legermachten.
Sla de Herder en de schapen zullen verstrooid worden.
Maar mijn hand zal ik naar de kleinen keren.

In heel het land, zegt de HEERE, zullen twee delen uitgeroeid worden en sterven.
Maar het derde deel zal daarin overblijven.

Dat derde deel zal ik in het vuur brengen.
Ik zal het louteren zoals men zilver loutert en het beproeven zoals men goud beproeft.
Het zal mijn naam aanroepen en ik zal het verhoren.
Ik zal zeggen: dit is mijn volk.
En het zal zeggen:
de HEERE is mijn God.

Download hoofdstuk als tekstbestand