Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Nieuwe Testament

Romeinen 10

Dichtbij is het woord

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 3 minuten
Israël en de gerechtigheid van God
Broeders, mijn hart verlangt ernaar en ik bid tot God dat Israël gered wordt.
Ik kan van hen getuigen dat zij zich met vuur inzetten voor God, maar zonder goed inzicht.
Zij kennen de gerechtigheid van God niet en willen hun eigen gerechtigheid opbouwen.
Daarom onderwerpen zij zich niet aan de gerechtigheid van God.
Christus is namelijk het einde van de wet.
Zo krijgt iedereen die gelooft de gerechtigheid.
Mozes schrijft over de gerechtigheid uit de wet: Wie deze dingen doet, zal daardoor leven.
Maar de gerechtigheid uit het geloof zegt dit: Zeg niet in je hart: wie zal naar de hemel opstijgen?
Dat zou betekenen dat je Christus naar beneden haalt.
Zeg ook niet: wie zal naar de afgrond afdalen?
Dat zou betekenen dat je Christus uit de doden omhoog haalt.
Wat zegt zij dan wel?
Dichtbij je is het woord, in je mond en in je hart.
Dat is het woord van het geloof dat wij verkondigen.
Belijd met je mond dat Jezus de Heere is en geloof in je hart dat God Hem uit de doden heeft opgewekt.
Dan word je gered.
Met het hart geloof je en word je rechtvaardig.
Met de mond belijd je en word je gered.
De Schrift zegt namelijk: Wie in Hem gelooft, wordt niet beschaamd.
Er is geen verschil tussen Jood en Griek.
Dezelfde is Heere van allen en Hij is rijk voor iedereen die Hem aanroept.
Want iedereen die de Naam van de Heere aanroept, zal gered worden.
Hoe zullen zij horen?
Maar hoe kunnen zij Hem aanroepen als zij niet in Hem geloven?
Hoe kunnen zij geloven als zij niet van Hem gehoord hebben?
En hoe kunnen zij horen als niemand het hun vertelt?
Hoe kan iemand het vertellen als hij niet gestuurd is?
Zo staat er geschreven: Wat zijn de voeten mooi van wie vrede brengen en goed nieuws verkondigen.
Maar niet iedereen is het evangelie gehoorzaam geweest.
Jesaja zegt immers: Heere, wie heeft geloofd wat wij vertelden?
Het geloof komt dus door het horen, en het horen door het woord van God.
Maar ik vraag: hebben zij het niet gehoord?
Jawel: hun geluid is over de hele aarde gegaan en hun woorden tot aan de einden van de wereld.
Ik vraag verder: heeft Israël het niet begrepen?
Mozes zegt als eerste: Ik maak jullie jaloers door wie geen volk is.
Ik maak jullie boos door een volk zonder verstand.

En Jesaja durft te zeggen: Ik ben gevonden door wie mij niet zochten.
Ik heb mij bekendgemaakt aan wie niet naar mij vroegen.

Maar tegen Israël zegt Hij: De hele dag heb ik mijn handen uitgestrekt naar een volk dat ongehoorzaam is en tegenspreekt.

Download hoofdstuk als tekstbestand