Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Psalmen 95

Kom, laten wij knielen

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · 1 minuut
Laten wij juichen voor de rots
Kom, laten wij juichen voor de HEERE.
Laten wij jubelen voor de rots die ons redt.

Laten wij Hem tegemoet gaan met een danklied.
Laten wij voor Hem juichen met liederen.

Want de HEERE is een grote God, een groot Koning boven alle goden.
In Zijn hand liggen de diepten van de aarde.
Van Hem zijn de toppen van de bergen.

Van Hem is de zee, want Hij heeft haar gemaakt.
Zijn handen hebben het droge land gevormd.

Kom, laten wij aanbidden en buigen.
Laten wij knielen voor de HEERE die ons gemaakt heeft.

Want Hij is onze God.
Wij zijn het volk van Zijn weide, de schapen van Zijn hand.
Luisterden jullie vandaag maar naar Zijn stem:
Maak je hart niet hard
Maak je hart niet hard, zoals bij Meriba, zoals op de dag van Massa in de woestijn.
Daar daagden jullie voorouders mij uit.
Zij stelden mij op de proef, hoewel ze mijn werk hadden gezien.

Veertig jaar had ik verdriet om dat geslacht.
Ik zei: Zij zijn een volk dat in zijn hart afdwaalt.
Zij kennen mijn wegen niet.

Daarom heb ik in mijn woede gezworen: Nooit zullen zij komen op de plaats van mijn rust.

Download hoofdstuk als tekstbestand