Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Psalmen 56
Op God vertrouw ik, ik ben niet bang
De hele dag verdraaien ze mijn woorden
Een gouden lied van David, voor de koorleider, op de wijs van De duif van de verre bomen.
Van toen de Filistijnen hem in Gat hadden gegrepen.
Van toen de Filistijnen hem in Gat hadden gegrepen.
Wees mij genadig, o God, want mensen willen mij verslinden.
De hele dag verdrukt mijn belager mij.
De hele dag verdrukt mijn belager mij.
Mijn belagers willen mij de hele dag verslinden.
Want ik heb er veel die tegen mij vechten, Allerhoogste.
Want ik heb er veel die tegen mij vechten, Allerhoogste.
Op de dag dat ik bang ben, zal ik op U vertrouwen.
Bij God prijs ik Zijn woord.
Op God vertrouw ik, ik ben niet bang.
Wat kan een mens mij doen?
Op God vertrouw ik, ik ben niet bang.
Wat kan een mens mij doen?
De hele dag verdraaien ze mijn woorden.
Al hun gedachten over mij zijn slecht.
Al hun gedachten over mij zijn slecht.
Ze scholen samen en verstoppen zich.
Ze letten op mijn stappen, want ze willen mij doden.
Ze letten op mijn stappen, want ze willen mij doden.
Zouden ze na zoveel onrecht vrijuit gaan?
Sla de volken neer in Uw woede, o God.
Sla de volken neer in Uw woede, o God.
Mijn tranen in Uw kruik
U hebt mijn omzwervingen geteld.
Vang mijn tranen op in Uw kruik.
Staan ze niet in Uw boek?
Vang mijn tranen op in Uw kruik.
Staan ze niet in Uw boek?
Mijn vijanden zullen terugdeinzen op de dag dat ik roep.
Dit weet ik: God is met mij.
Dit weet ik: God is met mij.
Bij God prijs ik Zijn woord.
Bij de HEERE prijs ik Zijn woord.
Bij de HEERE prijs ik Zijn woord.
Op God vertrouw ik, ik ben niet bang.
Wat kan een mens mij doen?
Wat kan een mens mij doen?
O God, wat ik U beloofde zal ik nakomen.
Ik zal U dankoffers brengen.
Ik zal U dankoffers brengen.
Want U hebt mij van de dood gered.
U hebt mijn voeten voor struikelen behoed.
Zo mag ik voor Gods gezicht wandelen in het licht van de levenden.
U hebt mijn voeten voor struikelen behoed.
Zo mag ik voor Gods gezicht wandelen in het licht van de levenden.