Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Nieuwe Testament

Openbaring 10

De engel met het boekje

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 2 minuten
Zeven donderslagen
Toen zag ik een andere sterke engel uit de hemel neerdalen.
Hij was met een wolk bekleed en boven zijn hoofd stond een regenboog.
Zijn gezicht was als de zon en zijn voeten waren als zuilen van vuur.
In zijn hand had hij een klein boekje, dat open was.
Hij zette zijn rechtervoet op de zee en zijn linkervoet op het land.
Hij riep met luide stem, zoals een leeuw brult.
Toen hij geroepen had, lieten de zeven donderslagen hun stemmen horen.
Toen de zeven donderslagen gesproken hadden, wilde ik het opschrijven.
Maar ik hoorde een stem uit de hemel die tegen mij zei: Verzegel wat de zeven donderslagen gesproken hebben en schrijf het niet op.
De engel die ik op de zee en op het land zag staan, hief zijn hand op naar de hemel.
Hij zwoer bij Hem die leeft tot in alle eeuwigheid.
Die heeft de hemel, de aarde en de zee gemaakt, met alles wat daarin is.
Hij zwoer dat er geen tijd meer zou zijn.
Maar in de dagen dat de zevende engel zijn bazuin laat klinken, zal het geheim van God vervuld worden.
Zo heeft Hij het aan Zijn dienaren, de profeten, bekendgemaakt.
Johannes eet het boekje
De stem die ik uit de hemel gehoord had, sprak weer met mij.
Hij zei: Ga naar de engel die op de zee en op het land staat, en neem het open boekje uit zijn hand.
Ik ging naar de engel toe en zei tegen hem: Geef mij dat boekje.
Hij zei tegen mij: Neem het en eet het op.
Het zal je maag bitter maken, maar in je mond zal het zoet zijn als honing.

Ik nam het boekje uit de hand van de engel en at het op.
In mijn mond was het zoet als honing, maar toen ik het opgegeten had, werd mijn maag bitter.
En hij zei tegen mij: Je moet opnieuw profeteren over veel volken, naties, talen en koningen.

Download hoofdstuk als tekstbestand