Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Nehemia 5

Nehemia komt op voor de armen

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 4 minuten
Het geklaag over schulden
Maar er kwam luid geklaag van het volk en hun vrouwen tegen hun broers, de Joden.
Sommigen zeiden: Wij zijn met velen, met onze zonen en dochters.
Wij moeten graan hebben om te eten en in leven te blijven.

Anderen zeiden: Wij verpanden onze akkers, wijngaarden en huizen om in deze hongersnood graan te krijgen.
Weer anderen zeiden: Wij hebben geld geleend voor de belasting van de koning, met onze akkers en wijngaarden als onderpand.
Ons lichaam is toch net zo als dat van onze broers, en onze kinderen zijn als hun kinderen.
Toch moeten wij onze zonen en dochters als slaven afstaan.
Sommige van onze dochters zijn al slavin, en wij kunnen er niets aan doen.
Onze akkers en wijngaarden zijn van anderen.
De schuld wordt kwijtgescholden
Toen ik hun geklaag en deze woorden hoorde, werd ik heel boos.
Ik overwoog het in mijn hart en klaagde daarna de edelen en de bestuurders aan.
Ik zei tegen hen: U legt uw eigen broers een schuldlast op.
Verder riep ik een grote vergadering tegen hen bijeen.
Ik zei tegen hen: Wij hebben onze broers, de Joden, die aan de volken verkocht waren, zoveel mogelijk teruggekocht.
Zou u dan uw eigen broers verkopen, zodat zij weer aan ons verkocht worden?

Toen zwegen zij en wisten niets te zeggen.
Verder zei ik: Wat u doet, is niet goed.
Zou u niet leven met ontzag voor onze God, om de spot van de volken, onze vijanden?

Ook ik, mijn broers en mijn knechten lenen hun geld en graan.
Laten wij deze schuldlast toch loslaten.

Geef hun vandaag nog hun akkers, wijngaarden, olijfgaarden en huizen terug.
Geef ook het honderdste deel terug van het geld, het graan, de nieuwe wijn en de olie die u van hen geëist hebt.

Toen zeiden zij: Wij geven het terug en eisen niets meer van hen.
Wij zullen doen wat u zegt.

Ik riep de priesters erbij en liet hen zweren dat zij zich hieraan zouden houden.
Ook schudde ik de plooi van mijn kleed uit.
Toen zei ik: Wie zich hier niet aan houdt, moge God zo uitschudden uit zijn huis en zijn bezit.
Zo moet hij uitgeschud en leeg worden.

De hele vergadering zei: Amen.
Zij prezen de HEERE, en het volk hield zich eraan.
Nehemia neemt geen landvoogdsbrood
Vanaf de dag dat hij mij aanstelde als hun landvoogd in het land Juda, heb ik het brood van de landvoogd niet gegeten.
Dat gold ook voor mijn broers.
Het ging om twaalf jaar, van het twintigste tot het tweeëndertigste jaar van koning Arthahsasta.
De vorige landvoogden hadden het volk zwaar belast.
Zij namen brood en wijn van hen, en daarbij ongeveer een halve kilo zilver.
Ook hun knechten heersten over het volk.
Maar ik deed dat niet, omdat ik ontzag had voor God.
Ik heb juist meegewerkt aan het werk aan deze muur.
Wij hebben geen land gekocht, en al mijn knechten werkten daar mee.
Aan mijn tafel zaten ook 150 Joden en bestuurders, met de mensen die uit de volken om ons heen naar ons toe kwamen.
Per dag werden er een rund en zes uitgelezen schapen klaargemaakt, en ook vogels voor mij.
Om de tien dagen was er veel wijn van allerlei soort.
Toch vroeg ik het brood van de landvoogd niet, want de lasten voor dit volk waren al zwaar.
Denk aan mij ten goede, mijn God, om alles wat ik voor dit volk gedaan heb.

Download hoofdstuk als tekstbestand