Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Nieuwe Testament
Mattheüs 9
Jezus vergeeft, geneest en roept mensen
Een verlamde man wordt genezen en vergeven
Jezus stapte in de boot, voer naar de overkant en kwam in Zijn eigen stad.
Daar brachten mensen een verlamde man bij Hem, liggend op een mat.
Daar brachten mensen een verlamde man bij Hem, liggend op een mat.
Toen Jezus hun geloof zag, zei Hij tegen de verlamde man: Houd moed, mijn zoon!
Je zonden zijn je vergeven.
Je zonden zijn je vergeven.
Enkele schriftgeleerden dachten bij zichzelf: Deze man lastert God.
Jezus kende hun gedachten en vroeg: Waarom denken jullie zulke slechte dingen?
Wat is gemakkelijker: zeggen: Je zonden zijn je vergeven, of zeggen: Sta op en loop?
Maar ik zal jullie laten zien dat de Mensenzoon op aarde macht heeft om zonden te vergeven.
Toen zei Hij tegen de verlamde man: Sta op, pak je mat op en ga naar huis.
Toen zei Hij tegen de verlamde man: Sta op, pak je mat op en ga naar huis.
De man stond op en ging naar huis.
Toen de menigten dit zagen, waren ze verbaasd.
Ze loofden God, omdat Hij mensen zo’n macht had gegeven.
Ze loofden God, omdat Hij mensen zo’n macht had gegeven.
Jezus roept Mattheüs
Toen Jezus verderging, zag Hij bij het tolhuis een man zitten die Mattheüs heette.
Jezus zei tegen hem: Volg mij.
Mattheüs stond op en volgde Hem.
Jezus zei tegen hem: Volg mij.
Mattheüs stond op en volgde Hem.
Later at Jezus in het huis van Mattheüs.
Veel tollenaars en zondaars kwamen erbij en aten samen met Jezus en Zijn leerlingen.
Veel tollenaars en zondaars kwamen erbij en aten samen met Jezus en Zijn leerlingen.
Toen de Farizeeën dit zagen, vroegen ze aan Zijn leerlingen: Waarom eet jullie Meester met tollenaars en zondaars?
Jezus hoorde het en antwoordde: Gezonde mensen hebben geen dokter nodig, maar zieke mensen wel.
Ga onderzoeken wat deze woorden betekenen: Ik wil barmhartigheid en geen offers.
Want ik ben niet gekomen om rechtvaardige mensen te roepen, maar zondaars tot bekering.
Want ik ben niet gekomen om rechtvaardige mensen te roepen, maar zondaars tot bekering.
Vragen over vasten
Daarna kwamen de leerlingen van Johannes naar Jezus toe.
Ze vroegen: Waarom vasten wij en de Farizeeën vaak, maar Uw leerlingen niet?
Ze vroegen: Waarom vasten wij en de Farizeeën vaak, maar Uw leerlingen niet?
Jezus antwoordde: Kunnen bruiloftsgasten treuren zolang de bruidegom bij hen is?
Er komt een tijd dat de bruidegom van hen wordt weggenomen.
Dan zullen ze vasten.
Er komt een tijd dat de bruidegom van hen wordt weggenomen.
Dan zullen ze vasten.
Niemand naait een lap nieuwe, ongekrompen stof op een oud kledingstuk.
De lap trekt eraan en maakt de scheur juist groter.
De lap trekt eraan en maakt de scheur juist groter.
Ook giet niemand nieuwe wijn in oude leren zakken.
Anders barsten de zakken, loopt de wijn weg en gaan de zakken verloren.
Nieuwe wijn hoort in nieuwe leren zakken.
Zo blijven beide behouden.
Anders barsten de zakken, loopt de wijn weg en gaan de zakken verloren.
Nieuwe wijn hoort in nieuwe leren zakken.
Zo blijven beide behouden.
Een meisje en een zieke vrouw
Terwijl Jezus nog met hen sprak, kwam er een leider naar Hem toe.
Hij knielde voor Hem neer en zei: Mijn dochter is zojuist gestorven.
Maar kom, leg Uw hand op haar, dan zal zij leven.
Hij knielde voor Hem neer en zei: Mijn dochter is zojuist gestorven.
Maar kom, leg Uw hand op haar, dan zal zij leven.
Jezus stond op en ging met hem mee.
Zijn leerlingen volgden Hem.
Zijn leerlingen volgden Hem.
Een vrouw die al twaalf jaar bloed verloor, kwam van achteren naar Jezus toe.
Ze raakte de rand van Zijn mantel aan.
Ze raakte de rand van Zijn mantel aan.
Ze dacht: Als ik alleen maar Zijn mantel aanraak, zal ik genezen.
Jezus draaide zich om, zag haar en zei: Houd moed, dochter!
Je geloof heeft je genezen.
Vanaf dat moment was de vrouw genezen.
Je geloof heeft je genezen.
Vanaf dat moment was de vrouw genezen.
Toen Jezus bij het huis van de leider kwam, zag Hij fluitspelers en een luidruchtige menigte.
Hij zei tegen hen: Ga naar buiten.
Het meisje is niet dood, maar slaapt.
De mensen lachten Hem uit.
Het meisje is niet dood, maar slaapt.
De mensen lachten Hem uit.
Nadat de menigte naar buiten was gestuurd, ging Jezus naar binnen.
Hij pakte het meisje bij de hand en zij stond op.
Hij pakte het meisje bij de hand en zij stond op.
Het nieuws hierover verspreidde zich door dat hele gebied.
Twee blinde mannen gaan zien
Toen Jezus verderging, volgden twee blinde mannen Hem.
Ze riepen: Zoon van David, heb medelijden met ons!
Ze riepen: Zoon van David, heb medelijden met ons!
Toen Jezus een huis binnenging, kwamen de blinde mannen naar Hem toe.
Hij vroeg: Geloven jullie dat ik dit kan doen?
Ze antwoordden: Ja, Heere!
Hij vroeg: Geloven jullie dat ik dit kan doen?
Ze antwoordden: Ja, Heere!
Toen raakte Hij hun ogen aan en zei: Laat het gebeuren zoals jullie geloven.
Hun ogen gingen open.
Jezus waarschuwde hen nadrukkelijk: Zorg ervoor dat niemand dit te weten komt.
Jezus waarschuwde hen nadrukkelijk: Zorg ervoor dat niemand dit te weten komt.
Maar zodra de mannen vertrokken waren, vertelden ze in dat hele gebied over Hem.
Een stomme man gaat spreken
Terwijl zij weggingen, brachten mensen een man bij Jezus die niet kon spreken en door een demon bezeten was.
Nadat de demon was uitgedreven, kon de man spreken.
De menigten waren verbaasd en zeiden: Zoiets is in Israël nog nooit gezien!
De menigten waren verbaasd en zeiden: Zoiets is in Israël nog nooit gezien!
Maar de Farizeeën zeiden: Hij drijft demonen uit met hulp van de leider van de demonen.
Medelijden met de menigten
Jezus trok langs alle steden en dorpen.
Hij gaf onderwijs in hun synagogen en verkondigde het goede nieuws van het koninkrijk.
Hij genas elke ziekte en elke kwaal onder het volk.
Hij gaf onderwijs in hun synagogen en verkondigde het goede nieuws van het koninkrijk.
Hij genas elke ziekte en elke kwaal onder het volk.
Toen Hij de menigten zag, kreeg Hij diep medelijden met hen.
Ze waren afgemat en verstrooid, als schapen zonder herder.
Ze waren afgemat en verstrooid, als schapen zonder herder.
Toen zei Hij tegen Zijn leerlingen: De oogst is groot, maar er zijn maar weinig arbeiders.
Bid daarom tot de Heere van de oogst dat Hij arbeiders naar Zijn oogst stuurt.