Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Nieuwe Testament
Lukas 9
Jezus maakt duidelijk wie Hij is en wat volgen kost
Jezus stuurt de twaalf leerlingen uit
Jezus riep de twaalf leerlingen bijeen.
Hij gaf hun kracht en gezag over alle demonen en de macht om ziekten te genezen.
Hij gaf hun kracht en gezag over alle demonen en de macht om ziekten te genezen.
Daarna stuurde Hij hen eropuit om Gods koninkrijk te verkondigen en zieke mensen te genezen.
Hij zei tegen hen: Neem niets mee voor onderweg: geen wandelstok, reistas, brood of geld.
Neem ook geen extra kledingstuk mee.
Neem ook geen extra kledingstuk mee.
Wanneer jullie ergens een huis binnengaan, blijf daar dan tot jullie uit die plaats vertrekken.
Als de mensen jullie niet ontvangen, verlaat dan hun stad.
Schud zelfs het stof van jullie voeten als getuigenis tegen hen.
Schud zelfs het stof van jullie voeten als getuigenis tegen hen.
De leerlingen vertrokken en trokken van dorp tot dorp.
Overal verkondigden ze het goede nieuws en genazen ze zieke mensen.
Overal verkondigden ze het goede nieuws en genazen ze zieke mensen.
Herodes vraagt zich af wie Jezus is
Vorst Herodes hoorde alles wat Jezus deed.
Hij raakte in verwarring, want sommige mensen zeiden dat Johannes uit de dood was opgestaan.
Hij raakte in verwarring, want sommige mensen zeiden dat Johannes uit de dood was opgestaan.
Anderen zeiden dat Elia was verschenen.
Weer anderen dachten dat een profeet uit het verleden was opgestaan.
Weer anderen dachten dat een profeet uit het verleden was opgestaan.
Herodes zei: Johannes heb ik laten onthoofden.
Maar wie is deze Man over wie ik zulke dingen hoor?
Daarom wilde hij Jezus graag zien.
Maar wie is deze Man over wie ik zulke dingen hoor?
Daarom wilde hij Jezus graag zien.
Jezus geeft 5.000 mensen te eten
De apostelen keerden terug en vertelden Jezus alles wat ze hadden gedaan.
Hij nam hen mee naar een afgelegen plek bij de stad Bethsaïda.
Hij nam hen mee naar een afgelegen plek bij de stad Bethsaïda.
De menigten merkten het en volgden Hem.
Jezus ontving hen, sprak over Gods koninkrijk en genas iedereen die genezing nodig had.
Jezus ontving hen, sprak over Gods koninkrijk en genas iedereen die genezing nodig had.
Tegen het einde van de dag kwamen de twaalf bij Jezus.
Ze zeiden: Stuur de menigte weg.
Dan kunnen de mensen in de omliggende dorpen eten en onderdak zoeken.
We zijn hier immers op een afgelegen plaats.
Ze zeiden: Stuur de menigte weg.
Dan kunnen de mensen in de omliggende dorpen eten en onderdak zoeken.
We zijn hier immers op een afgelegen plaats.
Jezus antwoordde: Geven jullie hun te eten.
Ze zeiden: We hebben maar vijf broden en twee vissen.
Moeten wij soms eten voor al deze mensen gaan kopen?
Ze zeiden: We hebben maar vijf broden en twee vissen.
Moeten wij soms eten voor al deze mensen gaan kopen?
Er waren ongeveer 5.000 mannen.
Jezus zei tegen Zijn leerlingen: Laat hen in groepen van ongeveer 50 mensen gaan zitten.
Jezus zei tegen Zijn leerlingen: Laat hen in groepen van ongeveer 50 mensen gaan zitten.
De leerlingen deden wat Hij zei en lieten iedereen plaatsnemen.
Jezus nam de vijf broden en twee vissen.
Hij keek omhoog naar de hemel, sprak de zegen uit en brak het brood.
Daarna gaf Hij alles aan de leerlingen om uit te delen.
Hij keek omhoog naar de hemel, sprak de zegen uit en brak het brood.
Daarna gaf Hij alles aan de leerlingen om uit te delen.
Iedereen at en werd verzadigd.
De leerlingen verzamelden wat overbleef: twaalf manden vol stukken brood.
De leerlingen verzamelden wat overbleef: twaalf manden vol stukken brood.
Petrus belijdt Christus en Jezus spreekt over volgen
Toen Jezus eens alleen aan het bidden was, waren Zijn leerlingen bij Hem.
Hij vroeg hun: Wie zeggen de mensen dat ik ben?
Hij vroeg hun: Wie zeggen de mensen dat ik ben?
Ze antwoordden: Sommigen zeggen Johannes de Doper.
Anderen zeggen Elia.
Weer anderen denken dat een profeet uit het verleden is opgestaan.
Anderen zeggen Elia.
Weer anderen denken dat een profeet uit het verleden is opgestaan.
Toen vroeg Hij: En jullie, wie zeggen jullie dat ik ben?
Petrus antwoordde: U bent de Christus van God.
Petrus antwoordde: U bent de Christus van God.
Jezus verbood hun streng dit aan iemand te vertellen.
Hij zei: De Mensenzoon moet veel lijden.
De leiders, hogepriesters en schriftgeleerden zullen Hem verwerpen.
Hij zal gedood worden en op de derde dag opstaan.
De leiders, hogepriesters en schriftgeleerden zullen Hem verwerpen.
Hij zal gedood worden en op de derde dag opstaan.
Daarna zei Hij tegen iedereen: Wie achter mij aan wil komen, moet zichzelf verloochenen.
Hij moet elke dag zijn kruis opnemen en mij volgen.
Hij moet elke dag zijn kruis opnemen en mij volgen.
Want wie zijn leven wil behouden, zal het verliezen.
Maar wie zijn leven om mij verliest, zal het behouden.
Maar wie zijn leven om mij verliest, zal het behouden.
Wat heeft iemand eraan de hele wereld te winnen als hij zichzelf verliest of zichzelf ernstige schade toebrengt?
Wie zich voor mij en mijn woorden schaamt, voor hem zal de Mensenzoon zich schamen.
Dat gebeurt wanneer Hij komt in de heerlijkheid van zichzelf, Zijn Vader en de heilige engelen.
Dat gebeurt wanneer Hij komt in de heerlijkheid van zichzelf, Zijn Vader en de heilige engelen.
Ik verzeker jullie: sommige mensen die hier staan, zullen niet sterven voordat zij Gods koninkrijk hebben gezien.
Jezus wordt op de berg verheerlijkt
Ongeveer acht dagen na deze woorden nam Jezus Petrus, Johannes en Jakobus mee.
Hij klom de berg op om te bidden.
Hij klom de berg op om te bidden.
Terwijl Hij bad, veranderde het uiterlijk van Zijn gezicht.
Zijn kleding werd stralend wit.
Zijn kleding werd stralend wit.
Plotseling stonden er twee mannen met Hem te praten.
Het waren Mozes en Elia.
Het waren Mozes en Elia.
Zij verschenen in heerlijkheid en spraken over Jezus' vertrek uit deze wereld, dat Hij in Jeruzalem zou volbrengen.
Petrus en de anderen waren door slaap overmand.
Toen ze klaarwakker werden, zagen ze Zijn heerlijkheid en de twee mannen die bij Hem stonden.
Toen ze klaarwakker werden, zagen ze Zijn heerlijkheid en de twee mannen die bij Hem stonden.
Toen de mannen wilden vertrekken, zei Petrus tegen Jezus: Meester, het is goed dat wij hier zijn.
Laten we drie tenten maken: één voor U, één voor Mozes en één voor Elia.
Hij wist niet wat hij zei.
Laten we drie tenten maken: één voor U, één voor Mozes en één voor Elia.
Hij wist niet wat hij zei.
Terwijl Petrus nog sprak, kwam er een wolk die hen overschaduwde.
Toen ze in de wolk kwamen, werden ze bang.
Toen ze in de wolk kwamen, werden ze bang.
Uit de wolk klonk een stem: Dit is mijn geliefde Zoon.
Luister naar Hem!
Luister naar Hem!
Nadat de stem had geklonken, zagen ze alleen Jezus.
Ze zwegen en vertelden in die tijd niemand wat ze hadden gezien.
Ze zwegen en vertelden in die tijd niemand wat ze hadden gezien.
Jezus bevrijdt een jongen en spreekt opnieuw over Zijn lijden
De volgende dag daalden ze de berg af.
Een grote menigte kwam Jezus tegemoet.
Een grote menigte kwam Jezus tegemoet.
Een man uit de menigte riep: Meester, ik smeek U naar mijn zoon te kijken.
Hij is mijn enige kind.
Hij is mijn enige kind.
Een geest grijpt hem plotseling, zodat hij begint te schreeuwen.
De geest laat hem stuiptrekken en schuimbekken.
Hij mishandelt hem en laat hem nauwelijks los.
De geest laat hem stuiptrekken en schuimbekken.
Hij mishandelt hem en laat hem nauwelijks los.
Ik heb Uw leerlingen gevraagd de geest uit te drijven, maar ze konden het niet.
Jezus antwoordde: Wat zijn jullie toch ongelovig en verkeerd!
Hoe lang moet ik nog bij jullie blijven en jullie verdragen?
Breng uw zoon hier.
Hoe lang moet ik nog bij jullie blijven en jullie verdragen?
Breng uw zoon hier.
Terwijl de jongen naar Jezus liep, gooide de demon hem op de grond en liet hem stuiptrekken.
Jezus bestrafte de onreine geest.
Hij genas het kind en gaf hem terug aan zijn vader.
Jezus bestrafte de onreine geest.
Hij genas het kind en gaf hem terug aan zijn vader.
Iedereen stond versteld van Gods grote macht.
Terwijl de mensen zich nog verbaasden over alles wat Jezus deed, zei Hij tegen Zijn leerlingen:
Terwijl de mensen zich nog verbaasden over alles wat Jezus deed, zei Hij tegen Zijn leerlingen:
Onthoud goed wat ik jullie zeg: de Mensenzoon zal worden overgeleverd in de handen van mensen.
Maar de leerlingen begrepen deze uitspraak niet.
De betekenis bleef voor hen verborgen.
Ze durfden Hem er niet naar te vragen.
De betekenis bleef voor hen verborgen.
Ze durfden Hem er niet naar te vragen.
Wie werkelijk groot is
De leerlingen begonnen met elkaar te discussiëren over de vraag wie van hen de belangrijkste was.
Jezus wist wat er in hun hart omging.
Daarom nam Hij een kind en zette het naast zich.
Daarom nam Hij een kind en zette het naast zich.
Hij zei tegen hen: Wie dit kind in mijn naam ontvangt, ontvangt mij.
Wie mij ontvangt, ontvangt Hem die mij heeft gestuurd.
Wie van jullie de minste is, die is werkelijk groot.
Wie mij ontvangt, ontvangt Hem die mij heeft gestuurd.
Wie van jullie de minste is, die is werkelijk groot.
Johannes zei: Meester, we zagen iemand in Uw naam demonen uitdrijven.
We hebben geprobeerd hem tegen te houden, omdat hij U niet samen met ons volgt.
We hebben geprobeerd hem tegen te houden, omdat hij U niet samen met ons volgt.
Jezus antwoordde: Houd hem niet tegen.
Wie niet tegen ons is, is voor ons.
Wie niet tegen ons is, is voor ons.
Een Samaritaans dorp weigert Jezus
De tijd naderde waarop Jezus in de hemel zou worden opgenomen.
Daarom ging Hij vastberaden op weg naar Jeruzalem.
Daarom ging Hij vastberaden op weg naar Jeruzalem.
Hij stuurde boodschappers voor zich uit.
Zij gingen naar een Samaritaans dorp om daar alles voor Hem voor te bereiden.
Zij gingen naar een Samaritaans dorp om daar alles voor Hem voor te bereiden.
Maar de inwoners wilden Hem niet ontvangen, omdat Hij op weg was naar Jeruzalem.
Toen Jakobus en Johannes dit zagen, vroegen ze: Heere, wilt U dat wij vuur uit de hemel laten neerdalen?
Moeten wij hen zo vernietigen, zoals Elia deed?
Moeten wij hen zo vernietigen, zoals Elia deed?
Maar Jezus draaide zich om en bestrafte hen: Jullie beseffen niet door welke geest jullie je laten leiden.
De Mensenzoon is niet gekomen om mensenlevens te vernietigen, maar om ze te redden.
Daarna gingen ze naar een ander dorp.
Daarna gingen ze naar een ander dorp.
Wat het kost om Jezus te volgen
Terwijl ze verder reisden, zei iemand tegen Jezus: Heere, ik zal U volgen waar U ook heen gaat.
Jezus antwoordde: Vossen hebben holen en vogels hebben nesten.
Maar de Mensenzoon heeft geen plek waar Hij Zijn hoofd kan neerleggen.
Maar de Mensenzoon heeft geen plek waar Hij Zijn hoofd kan neerleggen.
Tegen een ander zei Hij: Volg mij.
Maar die man antwoordde: Heere, sta mij toe eerst mijn vader te gaan begraven.
Maar die man antwoordde: Heere, sta mij toe eerst mijn vader te gaan begraven.
Jezus zei: Laat de doden hun eigen doden begraven.
Maar u moet op weg gaan en Gods koninkrijk verkondigen.
Maar u moet op weg gaan en Gods koninkrijk verkondigen.
Weer iemand anders zei: Heere, ik zal U volgen.
Maar laat mij eerst afscheid nemen van mijn huisgenoten.
Maar laat mij eerst afscheid nemen van mijn huisgenoten.
Jezus antwoordde: Wie zijn hand aan de ploeg slaat en achterom blijft kijken, is niet geschikt voor Gods koninkrijk.