Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Jozua 13

Het land dat nog verdeeld moet worden

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 5 minuten
Wat er nog overblijft
Jozua was oud geworden, hoogbejaard.
De HEERE zei tegen hem: Je bent oud geworden, hoogbejaard, en er is nog heel veel land over dat in bezit genomen moet worden.
Dit is het land dat nog overblijft: het hele gebied van de Filistijnen en heel Gesuri.
Het loopt van de Sichor ten oosten van Egypte tot aan het gebied van Ekron in het noorden, dat bij de Kanaänieten gerekend wordt.
Het is het gebied van de vijf vorsten van de Filistijnen, in Gaza, Asdod, Askelon, Gath en Ekron, en van de Avvieten.

In het zuiden is het het hele land van de Kanaänieten.
Ook Meara, dat van de Sidoniërs is, hoort erbij, tot aan Afek en de grens van de Amorieten.

Verder is het het land van de Giblieten en de hele Libanon in het oosten.
Dat loopt van Baäl-Gad aan de voet van de berg Hermon tot waar men Hamath binnenkomt.

Alle bewoners van het bergland, van de Libanon tot aan Misrefoth-Maim, alle Sidoniërs, zal ik voor de Israëlieten uit verdrijven.
Verdeel jij het land alvast onder Israël als erfdeel, zoals ik je heb opgedragen.

Verdeel dit land nu als erfdeel onder de negen stammen en de halve stam van Manasse.
Het gebied ten oosten van de Jordaan
Samen met de andere helft van Manasse hebben de Rubenieten en de Gadieten hun erfdeel al gekregen.
Mozes gaf het hun aan de oostkant van de Jordaan, zoals Mozes, de dienaar van de HEERE, het hun toegewezen had.
Hun gebied liep vanaf Aroër aan de oever van de beek Arnon en de stad midden in het dal.
Het omvatte de hele hoogvlakte van Medeba tot Dibon.
Het omvatte alle steden van Sihon, de koning van de Amorieten, die in Hesbon regeerde, tot aan de grens van de Ammonieten.
Ook Gilead hoorde erbij, het gebied van de Gesurieten en de Maächathieten, de hele berg Hermon en heel Basan tot aan Salcha.
Het omvatte het hele koninkrijk van Og in Basan, die in Astharoth en Edreï regeerde.
Hij was een van de laatsten van de reuzen.
Mozes had hen verslagen en verdreven.
Maar de Israëlieten verdreven de Gesurieten en de Maächathieten niet.
Gesur en Maächath wonen nog steeds tussen de Israëlieten.
Alleen de stam Levi gaf hij geen erfdeel.
De vuuroffers voor de HEERE, de God van Israël, zijn hun erfdeel, zoals Hij hun beloofd had.
Het erfdeel van Ruben
Mozes gaf de stam Ruben een erfdeel, verdeeld naar hun families.
Hun gebied liep vanaf Aroër aan de oever van de beek Arnon en de stad midden in het dal, over de hele hoogvlakte bij Medeba.
Het omvatte Hesbon met alle steden op de hoogvlakte: Dibon, Bamoth-Baäl, Beth-Baäl-Meon,
Jahza, Kedemoth, Mefaäth,
Kirjathaïm, Sibma en Zereth-Hassahar op de berg in het dal,
Beth-Peor, de hellingen van de Pisga en Beth-Jesimoth.
Het omvatte alle steden van de hoogvlakte en het hele koninkrijk van Sihon, de koning van de Amorieten, die in Hesbon regeerde.
Mozes had hem verslagen, samen met de vorsten van Midian: Evi, Rekem, Zur, Hur en Reba.
Zij waren vazallen van Sihon en woonden in het land.
Ook Bileam, de zoon van Beor, de waarzegger, hadden de Israëlieten met het zwaard gedood, samen met de anderen die zij doodden.
De grens van de Rubenieten was de Jordaan met de oever.
Dat was het erfdeel van de Rubenieten, verdeeld naar hun families, met de steden en hun dorpen.
Het erfdeel van Gad
Mozes gaf ook de stam Gad een erfdeel, verdeeld naar hun families.
Hun gebied omvatte Jaëzer, alle steden van Gilead en de helft van het land van de Ammonieten, tot aan Aroër tegenover Rabba.
Het liep van Hesbon tot Ramath-Mizpa en Betonim, en van Mahanaïm tot aan het gebied van Debir.
In het dal omvatte het Beth-Haram, Beth-Nimra, Sukkoth en Zafon, de rest van het koninkrijk van Sihon, de koning van Hesbon.
De Jordaan was de grens, tot aan het eind van het meer Kinnereth, aan de oostkant van de Jordaan.
Dat was het erfdeel van de Gadieten, verdeeld naar hun families, met de steden en hun dorpen.
Het erfdeel van de halve stam van Manasse
Mozes had ook de halve stam van Manasse een erfdeel gegeven, verdeeld naar hun families.
Hun gebied liep vanaf Mahanaïm over heel Basan, het hele koninkrijk van Og, de koning van Basan.
Het omvatte ook alle dorpen van Jaïr in Basan, zestig steden.
De helft van Gilead, met Astharoth en Edreï, de koninklijke steden van Og in Basan, ging naar de nakomelingen van Machir, de zoon van Manasse.
Het ging naar de helft van de nakomelingen van Machir, verdeeld naar hun families.
Dit is wat Mozes als erfdeel verdeeld had in de vlakte van Moab, aan de oostkant van de Jordaan, tegenover Jericho.
Maar de stam Levi gaf Mozes geen erfdeel.
De HEERE, de God van Israël, is zelf hun erfdeel, zoals Hij hun beloofd had.

Download hoofdstuk als tekstbestand