Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Job 38

De HEERE antwoordt uit de storm

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 4 minuten
Waar was je toen ik de aarde grondvestte?
Toen antwoordde de HEERE Job uit een storm.
Hij zei:
Wie is dat, die mijn plan verduistert met woorden zonder kennis?
Maak je klaar als een man.
Ik zal je vragen stellen, en jij onderwijst mij.

Waar was je toen ik de aarde grondvestte?
Vertel het, als je zoveel inzicht hebt.

Wie heeft haar maten bepaald?
Jij weet het vast.
Wie heeft het meetlint over haar gespannen?

Waarop zijn haar voetstukken neergezet?
Wie heeft haar hoeksteen gelegd,
toen de morgensterren samen juichten en alle hemelse wezens het uitriepen van vreugde?
Wie heeft de zee met deuren afgesloten, toen zij naar buiten brak uit de moederschoot?
Toen maakte ik een wolk tot haar kleed en dikke duisternis tot haar doeken.
Toen stelde ik mijn grens voor haar vast en zette ik grendels en deuren.
Ik zei tegen haar: tot hier en niet verder, hier stuit de hoogmoed van je golven.
De morgen, de zee en de diepte
Heb jij ooit de morgen bevolen?
Heb jij de dageraad zijn plaats gewezen,
zodat hij de randen van de aarde vastpakt en de goddelozen eruit geschud worden?
Dan verandert de aarde als klei onder een zegel.
Alles staat erop als de plooien van een kleed.

De goddelozen wordt hun licht ontnomen, en de opgeheven arm wordt gebroken.
Ben je tot bij de bronnen van de zee gekomen?
Heb je op de bodem van de diepte gelopen?

Zijn de poorten van de dood aan je getoond?
Heb je de poorten van de doodsschaduw gezien?

Heb je de breedte van de aarde overzien?
Vertel het, als je dit alles weet.

Waar is de weg naar de plek waar het licht woont?
En de duisternis, waar is haar plaats?

Kun jij haar naar haar gebied brengen?
Ken je de paden naar haar huis?

Je weet het vast, want je was toen al geboren, en je dagen zijn talrijk.
Ben je bij de voorraadkamers van de sneeuw geweest?
Heb je de voorraadkamers van de hagel gezien?

Die houd ik achter voor de tijd van nood, voor de dag van strijd en oorlog.
Waar is de weg waarlangs het licht zich verdeelt en de oostenwind zich over de aarde verspreidt?
Regen, ijs en sterren
Wie heeft een geul gegraven voor de stortregen en een weg voor de bliksem bij de donder,
om te regenen op land waar niemand woont, op de woestijn waar geen mens is,
om het verlaten en verwoeste land te drenken en gras te laten opkomen?
Heeft de regen een vader?
Wie heeft de dauwdruppels verwekt?

Uit wiens buik komt het ijs?
Wie heeft de rijp van de hemel gebaard?

Het water wordt hard als steen, en de oppervlakte van de diepte vriest dicht.
Kun jij de banden van het Zevengesternte vastmaken of de touwen van de Orion losmaken?
Kun jij de sterrenbeelden op tijd laten opkomen en de Grote Beer met haar jongen leiden?
Ken je de wetten van de hemel?
Kun jij zijn heerschappij over de aarde regelen?

Kun jij je stem naar de wolken verheffen, zodat een vloed water je bedekt?
Kun jij de bliksem uitsturen, zodat hij gaat en tegen je zegt: Hier zijn wij?
Wie heeft wijsheid in het binnenste gelegd?
Wie heeft het verstand inzicht gegeven?

Wie telt de wolken met wijsheid?
Wie kantelt de kruiken van de hemel,
als het stof tot één massa wordt en de kluiten aan elkaar kleven?

Download hoofdstuk als tekstbestand