Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Jeremia 19
De gebroken kruik
Naar het dal van Hinnom
Dit zegt de HEERE: Ga een aarden kruik kopen en neem enkele oudsten van het volk en van de priesters mee.
Ga naar het dal van de zoon van Hinnom, bij de ingang van de Scherfpoort.
Roep daar de woorden uit die ik tegen je zeg.
Roep daar de woorden uit die ik tegen je zeg.
Zeg: hoor het woord van de HEERE, koningen van Juda en inwoners van Jeruzalem.
Dit zegt de HEERE van de legermachten, de God van Israël.
Kijk, ik breng onheil over deze plaats, zodat ieder die het hoort, zal tuiten in de oren.
Dit zegt de HEERE van de legermachten, de God van Israël.
Kijk, ik breng onheil over deze plaats, zodat ieder die het hoort, zal tuiten in de oren.
Want zij hebben mij verlaten en deze plaats vervreemd.
Zij brandden er wierook voor andere goden die zij niet kenden, zij, hun vaderen en de koningen van Juda.
Zij hebben deze plaats gevuld met bloed van onschuldigen.
Zij brandden er wierook voor andere goden die zij niet kenden, zij, hun vaderen en de koningen van Juda.
Zij hebben deze plaats gevuld met bloed van onschuldigen.
Zij bouwden de offerhoogten van Baäl om hun zonen met vuur te verbranden als brandoffers voor Baäl.
Dat heb ik niet geboden, niet gezegd en het is niet in mijn hart opgekomen.
Dat heb ik niet geboden, niet gezegd en het is niet in mijn hart opgekomen.
Daarom komen er dagen, zegt de HEERE, dat deze plaats niet meer Tofeth of dal van de zoon van Hinnom heet, maar Moorddal.
Want ik zal het plan van Juda en Jeruzalem op deze plaats verijdelen.
Ik laat hen vallen door het zwaard voor hun vijanden, door de hand van wie hun leven zoeken.
Hun lijken geef ik als voedsel aan de vogels en de dieren.
Ik laat hen vallen door het zwaard voor hun vijanden, door de hand van wie hun leven zoeken.
Hun lijken geef ik als voedsel aan de vogels en de dieren.
Ik zal deze stad tot een schrikbeeld en tot gefluit maken.
Iedereen die erlangs komt, zal ontzet zijn en fluiten om al haar plagen.
Iedereen die erlangs komt, zal ontzet zijn en fluiten om al haar plagen.
Ik zal hen het vlees van hun zonen en dochters laten eten.
Ieder zal het vlees van zijn naaste eten, in de belegering en de benauwdheid waarmee hun vijanden hen benauwen.
Ieder zal het vlees van zijn naaste eten, in de belegering en de benauwdheid waarmee hun vijanden hen benauwen.
Zo breek ik dit volk
Dan moet je de kruik breken voor de ogen van de mannen die met je meegegaan zijn.
Zeg tegen hen: dit zegt de HEERE van de legermachten.
Zo zal ik dit volk en deze stad breken, zoals men een aarden pot breekt die niet meer heel te maken is.
Men zal in Tofeth begraven omdat er geen andere plaats is.
Zo zal ik dit volk en deze stad breken, zoals men een aarden pot breekt die niet meer heel te maken is.
Men zal in Tofeth begraven omdat er geen andere plaats is.
Zo zal ik met deze plaats doen en met haar inwoners, zegt de HEERE, en ik maak deze stad als Tofeth.
De huizen van Jeruzalem en de huizen van de koningen van Juda worden onrein als de plaats Tofeth.
Op hun daken brandden zij wierook voor heel het leger van de hemel en brachten zij drankoffers aan andere goden.
Op hun daken brandden zij wierook voor heel het leger van de hemel en brachten zij drankoffers aan andere goden.
Toen kwam Jeremia terug uit Tofeth, waarheen de HEERE hem gestuurd had om te profeteren.
Hij ging in de voorhof van het huis van de HEERE staan en sprak tot het hele volk.
Hij ging in de voorhof van het huis van de HEERE staan en sprak tot het hele volk.
Dit zegt de HEERE van de legermachten, de God van Israël.
Kijk, ik breng over deze stad en al haar steden al het kwaad dat ik over haar gesproken heb.
Want zij hebben hun nek hard gemaakt om niet naar mijn woorden te luisteren.
Kijk, ik breng over deze stad en al haar steden al het kwaad dat ik over haar gesproken heb.
Want zij hebben hun nek hard gemaakt om niet naar mijn woorden te luisteren.