Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Ethiopische boeken
Henoch 75
De vier dagen die niet meetellen
Daarom dwalen de mensen
En de leiders van de hoofden van de duizenden, die over de hele schepping en over alle sterren aangesteld zijn, hebben ook te maken met de vier dagen die worden toegevoegd en die niet van hun standplaats te scheiden zijn, volgens de hele berekening van het jaar.
En zij doen dienst op de vier dagen die niet in de berekening van het jaar meegeteld worden.
En zij doen dienst op de vier dagen die niet in de berekening van het jaar meegeteld worden.
En daardoor dwalen de mensen wat hen betreft, want die lichten doen werkelijk dienst op de wereldstandplaatsen: een in de eerste poort, een in de derde poort, een in de vierde poort en een in de zesde poort.
En de nauwkeurigheid van de wereld wordt vol in haar driehonderdvierenzestig wereldstandplaatsen.
En de nauwkeurigheid van de wereld wordt vol in haar driehonderdvierenzestig wereldstandplaatsen.
Want voor de tekenen en de tijden en de jaren en de dagen liet Uriël het mij zien, de engel die de Heere van de heerlijkheid, die eeuwig is, aangesteld heeft over alle lichten van de hemel, in de hemel en in de wereld, zodat zij zouden heersen over het gezicht van de hemel en op de aarde gezien zouden worden, en leiders zouden zijn voor de dag en voor de nacht: de zon en de maan en de sterren, en heel de dienende menigte die hun ronde maakt in alle wagens van de hemel.
De twaalf poorten en de vensters
Zo liet Uriël mij twaalf geopende poorten zien in de kring van de wagen van de zon aan de hemel, waaruit de stralen van de zon naar buiten komen en waaruit de warmte over de aarde uitgaat wanneer zij op de vastgestelde tijden geopend worden,
en voor de winden en voor de geest van de dauw, wanneer zij op hun tijden geopend worden, terwijl zij open staan in de hemel, aan de einden.
Twaalf poorten zag ik in de hemel, aan de einden van de aarde, waaruit de zon en de maan en de sterren en alle werken van de hemel naar buiten komen, uit het oosten en uit het westen.
En er zijn veel geopende vensters aan hun linkerhand en aan hun rechterhand.
En één venster brengt op zijn tijd warmte voort, volgens die poorten waaruit de sterren naar buiten komen, zoals Hij het hun opgedragen heeft, en waarin zij ondergaan naar hun getal.
En één venster brengt op zijn tijd warmte voort, volgens die poorten waaruit de sterren naar buiten komen, zoals Hij het hun opgedragen heeft, en waarin zij ondergaan naar hun getal.
En ik zag wagens aan de hemel, die door de wereld snelden, boven die poorten en onder die poorten, waarin de sterren draaien die niet ondergaan.
En één is groter dan zij allemaal, en die maakt zijn ronde door de hele wereld.