Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Haggaï 2
De heerlijkheid van dit huis
Wees sterk en werk door
Het was op de vierentwintigste dag van de zesde maand, in het tweede jaar van koning Darius.
In de zevende maand, op de eenentwintigste dag van de maand, kwam het woord van de HEERE door de profeet Haggai.
Spreek nu tot Zerubbabel, de zoon van Sealthiël, de gouverneur van Juda.
Spreek ook tot Josua, de hogepriester, en tot de rest van het volk.
Spreek ook tot Josua, de hogepriester, en tot de rest van het volk.
Wie is er onder jullie nog over die dit huis in zijn eerste pracht gezien heeft?
En hoe ziet het er nu voor jullie uit?
Is het in jullie ogen niet als niets?
En hoe ziet het er nu voor jullie uit?
Is het in jullie ogen niet als niets?
Maar wees nu sterk, Zerubbabel, zegt de HEERE.
Wees sterk, Josua, zoon van Jozadak, hogepriester.
Wees sterk, heel het volk van het land, zegt de HEERE.
Ga aan het werk, want ik ben met jullie, zegt de HEERE van de legermachten.
Wees sterk, Josua, zoon van Jozadak, hogepriester.
Wees sterk, heel het volk van het land, zegt de HEERE.
Ga aan het werk, want ik ben met jullie, zegt de HEERE van de legermachten.
Dat is het woord waarmee ik een verbond met jullie sloot toen jullie uit Egypte trokken.
Mijn Geest blijft in jullie midden.
Wees niet bang.
Mijn Geest blijft in jullie midden.
Wees niet bang.
Want dit zegt de HEERE van de legermachten.
Nog even, en ik zal de hemel en de aarde, de zee en het droge land laten beven.
Nog even, en ik zal de hemel en de aarde, de zee en het droge land laten beven.
Ja, ik zal alle volken laten beven.
Zij zullen komen met hun kostbaarheden en ik zal dit huis met heerlijkheid vullen, zegt de HEERE van de legermachten.
Zij zullen komen met hun kostbaarheden en ik zal dit huis met heerlijkheid vullen, zegt de HEERE van de legermachten.
Van mij is het zilver en van mij is het goud, zegt de HEERE van de legermachten.
De heerlijkheid van dit laatste huis zal groter zijn dan die van het eerste, zegt de HEERE van de legermachten.
Op deze plaats zal ik vrede geven, zegt de HEERE van de legermachten.
Op deze plaats zal ik vrede geven, zegt de HEERE van de legermachten.
Wat rein is en wat onrein is
Op de vierentwintigste dag van de negende maand, in het tweede jaar van Darius, kwam het woord van de HEERE door de profeet Haggai.
Dit zegt de HEERE van de legermachten: vraag de priesters om onderwijs.
Stel dat iemand heilig vlees in de punt van zijn kleed draagt.
Hij raakt met die punt brood, soep, wijn, olie of ander voedsel aan.
Wordt dat dan heilig?
De priesters antwoordden: Nee.
Hij raakt met die punt brood, soep, wijn, olie of ander voedsel aan.
Wordt dat dan heilig?
De priesters antwoordden: Nee.
Haggai zei: Stel dat iemand die onrein is door een dood lichaam, iets van die dingen aanraakt.
Wordt het dan onrein?
De priesters antwoordden: Het wordt onrein.
Wordt het dan onrein?
De priesters antwoordden: Het wordt onrein.
Toen zei Haggai: Zo is dit volk en zo is deze natie voor mij, zegt de HEERE.
En zo is al het werk van hun handen.
Wat zij daar offeren, is onrein.
En zo is al het werk van hun handen.
Wat zij daar offeren, is onrein.
Let nu goed op, vanaf deze dag en verder.
Denk terug aan de tijd voordat er steen op steen gelegd werd aan de tempel van de HEERE.
Denk terug aan de tijd voordat er steen op steen gelegd werd aan de tempel van de HEERE.
Voordat dit gebeurde, kwam men bij een korenhoop van twintig maten en er waren er maar tien.
Men kwam bij de wijnbak om vijftig maten te scheppen en er waren er maar twintig.
Men kwam bij de wijnbak om vijftig maten te scheppen en er waren er maar twintig.
Ik sloeg jullie met graanbrand, meeldauw en hagel, al het werk van jullie handen.
Toch keerden jullie je niet naar mij, zegt de HEERE.
Toch keerden jullie je niet naar mij, zegt de HEERE.
Let toch goed op, vanaf deze dag en verder.
Let goed op vanaf de vierentwintigste dag van de negende maand.
Dat is de dag dat het fundament van de tempel van de HEERE gelegd is.
Let goed op vanaf de vierentwintigste dag van de negende maand.
Dat is de dag dat het fundament van de tempel van de HEERE gelegd is.
Is er nog zaad in de schuur?
Ook de wijnstok, de vijgenboom, de granaatappelboom en de olijfboom hebben nog niets gedragen.
Vanaf deze dag zal ik zegenen.
Ook de wijnstok, de vijgenboom, de granaatappelboom en de olijfboom hebben nog niets gedragen.
Vanaf deze dag zal ik zegenen.
Ik maak je tot een zegelring
Het woord van de HEERE kwam voor de tweede keer tot Haggai, op de vierentwintigste dag van de maand.
Spreek tot Zerubbabel, de gouverneur van Juda: Ik zal de hemel en de aarde laten beven.
Ik zal de troon van de koninkrijken omkeren.
Ik zal de kracht van de koninkrijken van de volken vernietigen.
Ik zal de wagens omkeren en wie erop rijden.
De paarden en hun ruiters zullen vallen, ieder door het zwaard van de ander.
Ik zal de kracht van de koninkrijken van de volken vernietigen.
Ik zal de wagens omkeren en wie erop rijden.
De paarden en hun ruiters zullen vallen, ieder door het zwaard van de ander.
Op die dag, zegt de HEERE van de legermachten, zal ik je nemen, Zerubbabel, zoon van Sealthiël, mijn knecht, zegt de HEERE.
Ik zal je maken tot een zegelring, want ik heb je uitgekozen, zegt de HEERE van de legermachten.
Ik zal je maken tot een zegelring, want ik heb je uitgekozen, zegt de HEERE van de legermachten.