Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Genesis 8

Het water zakt

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 3 minuten
De ark komt tot rust
God dacht aan Noach en aan alle wilde dieren en het vee dat bij hem in de ark was.
Hij liet een wind over de aarde waaien, waardoor het water begon te zakken.
De bronnen van de diepe wateren en de sluizen van de hemel werden gesloten.
De stortregen uit de hemel hield op.
Het water trok steeds verder van de aarde weg.
Na 150 dagen was het water flink gezakt.
Op de zeventiende dag van de zevende maand kwam de ark tot rust op de bergen van Ararat.
Het water bleef zakken tot de tiende maand.
Op de eerste dag van die maand werden de toppen van de bergen zichtbaar.
De raaf en de duif
Na veertig dagen opende Noach het venster dat hij in de ark had gemaakt.
Hij liet een raaf los.
Die bleef heen en weer vliegen totdat het water op de aarde was opgedroogd.
Daarna liet Noach een duif los om te zien of het water van de aardbodem was weggezakt.
Maar de duif vond nergens een plek om te rusten en keerde terug naar Noach in de ark, want overal op aarde stond nog water.
Hij stak zijn hand uit, pakte haar en haalde haar weer de ark in.
Noach wachtte nog zeven dagen en liet de duif opnieuw uit de ark los.
Tegen de avond kwam de duif bij hem terug met een vers geplukt olijfblad in haar snavel.
Toen wist Noach dat het water op de aarde verder was gezakt.
Hij wachtte nog eens zeven dagen en liet de duif weer los.
Nu kwam ze niet meer bij hem terug.
De aarde wordt droog
In het 601e jaar van Noachs leven, op de eerste dag van de eerste maand, was het water op de aarde opgedroogd.
Noach haalde het deksel van de ark af en keek naar buiten.
De aardbodem was droog.
Op de zevenentwintigste dag van de tweede maand was de aarde helemaal droog.
Iedereen verlaat de ark
Toen zei God tegen Noach:
Ga met je vrouw, je zonen en hun vrouwen de ark uit.
Laat ook alle dieren die bij je zijn naar buiten gaan: de vogels, het vee en alle dieren die over de grond kruipen.
Ze moeten zich op de aarde voortplanten, vruchtbaar zijn en talrijk worden.

Noach ging naar buiten, samen met zijn zonen, zijn vrouw en de vrouwen van zijn zonen.
Alle dieren, alle kruipende dieren en alle vogels, alles wat zich op de aarde beweegt, gingen soort voor soort de ark uit.
Noach brengt een offer
Noach bouwde een altaar voor de HEERE.
Hij nam van alle reine soorten vee en vogels en offerde die als brandoffer op het altaar.
De HEERE rook de aangename geur en zei in Zijn hart: Ik zal de aardbodem nooit meer vervloeken vanwege de mens.
Het mensenhart heeft immers al van jongs af aan de neiging om kwaad te doen.
Ook zal ik nooit meer al wat leeft doden zoals ik nu heb gedaan.

Zolang de aarde bestaat, zullen zaaien en oogsten, kou en hitte, zomer en winter, dag en nacht nooit ophouden.

Download hoofdstuk als tekstbestand