Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

Ezechiël 13

Profeten die kalk over een muur smeren

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 5 minuten
Vrede, terwijl er geen vrede is
Het woord van de HEERE kwam tot mij.
Mensenkind, profeteer tegen de profeten van Israël die maar wat profeteren.
Zeg tegen hen die uit hun eigen hart profeteren: hoor het woord van de HEERE.

Dit zegt de Heere HEERE: wee die dwaze profeten die hun eigen geest volgen en niets gezien hebben!
Israël, je profeten zijn als vossen tussen de ruïnes.
Jullie zijn niet in de bres gaan staan.
Jullie hebben de muur rond het volk van Israël niet dichtgemaakt om stand te houden in de strijd op de dag van de HEERE.

Zij zien loze visioenen en voorspellen leugens.
Zij zeggen: de HEERE heeft gesproken, terwijl de HEERE hen niet gestuurd heeft.
En zij verwachten dat hun woord uitkomt.

Hebben jullie geen loos visioen gezien en geen leugen voorspeld?
Jullie zeggen: de HEERE spreekt, terwijl ik niets gesproken heb.

Daarom zegt de Heere HEERE dit: jullie spreken loze woorden en zien leugens.
Daarom, kijk, ik keer mij tegen jullie, zegt de Heere HEERE.

Mijn hand zal tegen de profeten zijn die loze visioenen zien en leugens voorspellen.
Zij zullen niet in de kring van mijn volk zijn.
Zij worden niet in het register van het volk van Israël geschreven en komen niet in het land van Israël.
Dan zullen jullie weten dat ik de Heere HEERE ben.

Zij misleiden mijn volk door te zeggen: vrede, terwijl er geen vrede is.
De een bouwt een wankele muur en kijk, de anderen smeren die met kalk dicht.

Zeg tegen wie met kalk smeren dat de muur zal omvallen.
Er komt een stortregen.
En jullie, grote hagelstenen, zullen vallen.
Een zware storm zal de muur splijten.

Kijk, als die muur gevallen is, zal men dan niet tegen jullie zeggen: waar is de kalklaag die jullie erop gesmeerd hebben?
Daarom zegt de Heere HEERE dit: ik zal hem in mijn woede door een zware storm splijten.
Er zal een stortregen komen in mijn toorn en grote hagelstenen in mijn woede, om hem te vernietigen.

Zo zal ik de muur afbreken die jullie met kalk gesmeerd hebben.
Ik zal hem tegen de grond gooien, zodat zijn fundament bloot komt te liggen.
Zo zal de stad vallen en jullie zullen in haar midden omkomen.
Dan zullen jullie weten dat ik de HEERE ben.

Zo zal ik mijn woede uiten tegen de muur en tegen wie hem met kalk gesmeerd hebben.
Ik zal tegen jullie zeggen: die muur is er niet meer en wie hem smeerden, zijn er ook niet meer.

Dat zijn de profeten van Israël die over Jeruzalem profeteren.
Zij zien voor haar een visioen van vrede, terwijl er geen vrede is, zegt de Heere HEERE.

De vrouwen met hun banden
En jij, mensenkind, kijk naar de vrouwen van je volk die uit hun eigen hart profeteren.
Profeteer tegen hen.

Zeg: dit zegt de Heere HEERE.
Wee de vrouwen die banden naaien voor alle polsen en sluiers maken voor hoofden van elke maat, om mensen te vangen.
Willen jullie de mensen van mijn volk vangen en jullie eigen leven redden?

Jullie onteren mij bij mijn volk voor een handvol gerst en een paar stukken brood.
Jullie doden mensen die niet mogen sterven en houden mensen in leven die niet mogen leven.
Dat doen jullie door te liegen tegen mijn volk, dat naar leugens luistert.

Daarom zegt de Heere HEERE dit: kijk, ik keer mij tegen jullie banden, waarmee jullie mensen vangen als vogels.
Ik zal ze van jullie armen rukken.
Ik zal de mensen loslaten die jullie als vogels vingen.

Ook zal ik jullie sluiers scheuren en mijn volk uit jullie hand redden.
Zij zullen niet langer jullie prooi zijn.
Dan zullen jullie weten dat ik de HEERE ben.

Jullie hebben het hart van de rechtvaardige met leugens bedroefd, terwijl ik hem geen pijn gedaan heb.
En jullie hebben de handen van de goddeloze gesterkt, zodat hij zich niet van zijn slechte weg afkeerde en in leven bleef.

Daarom zullen jullie geen loze visioenen meer zien en niet meer waarzeggen.
Ik zal mijn volk uit jullie hand redden.
Dan zullen jullie weten dat ik de HEERE ben.

Download hoofdstuk als tekstbestand