Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Exodus 14
De HEERE leidt Israël door de zee
De HEERE laat Israël terugkeren
De HEERE zei tegen Mozes:
Zeg tegen de Israëlieten: Keer terug en sla je kamp op voor Pi-hachiroth, tussen Migdol en de zee, tegenover Baäl-zefon.
Sla daar je kamp op aan de zee.
Sla daar je kamp op aan de zee.
Farao zal over de Israëlieten zeggen: Ze zijn verdwaald in het land.
De woestijn houdt hen gevangen.
De woestijn houdt hen gevangen.
Ik zal Farao's hart hard maken, zodat hij hen achtervolgt.
Zo zal ik bij Farao en zijn hele leger laten zien hoe machtig ik ben.
De Egyptenaren zullen weten dat ik de HEERE ben.
De Israëlieten deden wat de HEERE had opgedragen.
Zo zal ik bij Farao en zijn hele leger laten zien hoe machtig ik ben.
De Egyptenaren zullen weten dat ik de HEERE ben.
De Israëlieten deden wat de HEERE had opgedragen.
Farao achtervolgt de Israëlieten
Toen Farao hoorde dat het volk was gevlucht, veranderden hij en zijn dienaren van gedachten.
Ze zeiden: Wat hebben we gedaan?
We hebben Israël laten gaan, en nu dient het ons niet meer!
Ze zeiden: Wat hebben we gedaan?
We hebben Israël laten gaan, en nu dient het ons niet meer!
Farao liet zijn strijdwagen inspannen en nam zijn volk met zich mee.
Hij nam zeshonderd van zijn beste strijdwagens mee, samen met alle andere wagens van Egypte.
Alle wagens stonden onder bevel van officieren.
Alle wagens stonden onder bevel van officieren.
De HEERE maakte het hart van Farao, de koning van Egypte, hard.
Daardoor achtervolgde hij de Israëlieten.
Zij waren echter openlijk en vol vertrouwen uit Egypte vertrokken.
Daardoor achtervolgde hij de Israëlieten.
Zij waren echter openlijk en vol vertrouwen uit Egypte vertrokken.
De Egyptenaren achtervolgden hen met alle paarden, strijdwagens, ruiters en het leger van Farao.
Zij haalden de Israëlieten in bij hun kamp aan de zee, bij Pi-hachiroth, tegenover Baäl-zefon.
Zij haalden de Israëlieten in bij hun kamp aan de zee, bij Pi-hachiroth, tegenover Baäl-zefon.
Het volk wordt bang
Toen Farao dichtbij kwam, keken de Israëlieten op en zagen ze de Egyptenaren achter zich aankomen.
Ze werden doodsbang en riepen tot de HEERE.
Ze werden doodsbang en riepen tot de HEERE.
Ze zeiden tegen Mozes: Waren er in Egypte soms geen graven, zodat u ons meenam om in deze woestijn te sterven?
Waarom hebt u ons uit Egypte weggehaald en dit met ons gedaan?
Waarom hebt u ons uit Egypte weggehaald en dit met ons gedaan?
Hebben we in Egypte niet tegen u gezegd: Laat ons met rust en laat ons de Egyptenaren dienen?
Wij kunnen beter de Egyptenaren dienen dan in deze woestijn sterven.
Wij kunnen beter de Egyptenaren dienen dan in deze woestijn sterven.
Mozes antwoordde het volk: Wees niet bang.
Blijf standvastig en kijk hoe de HEERE jullie vandaag zal redden.
De Egyptenaren die jullie vandaag zien, zullen jullie nooit meer terugzien.
Blijf standvastig en kijk hoe de HEERE jullie vandaag zal redden.
De Egyptenaren die jullie vandaag zien, zullen jullie nooit meer terugzien.
De HEERE zal voor jullie strijden.
Jullie hoeven alleen maar stil te zijn.
Jullie hoeven alleen maar stil te zijn.
De HEERE beveelt het volk verder te trekken
Toen zei de HEERE tegen Mozes: Waarom roep je tot mij?
Zeg tegen de Israëlieten: Trek verder.
Zeg tegen de Israëlieten: Trek verder.
Hef uw staf op, strek uw hand uit over de zee en splijt haar.
Dan kunnen de Israëlieten midden door de zee over droge grond gaan.
Dan kunnen de Israëlieten midden door de zee over droge grond gaan.
Ik zal het hart van de Egyptenaren hard maken, zodat zij achter de Israëlieten de zee ingaan.
Zo zal ik door Farao en zijn hele leger, zijn strijdwagens en ruiters, mijn heerlijkheid tonen.
Zo zal ik door Farao en zijn hele leger, zijn strijdwagens en ruiters, mijn heerlijkheid tonen.
Wanneer ik mijn heerlijkheid toon door Farao, zijn strijdwagens en zijn ruiters, zullen de Egyptenaren weten dat ik de HEERE ben.
De wolk scheidt de twee legers
Toen verliet de Engel van God Zijn plaats voor het leger van Israël en ging Hij achter hen staan.
Ook de wolkkolom verplaatste zich van voor hen naar achteren.
Ook de wolkkolom verplaatste zich van voor hen naar achteren.
De wolkkolom kwam tussen het Egyptische en het Israëlische leger te staan.
Aan de Egyptische kant bracht de wolk duisternis, maar aan de Israëlische kant verlichtte zij de nacht.
Zo konden de twee legers de hele nacht niet bij elkaar komen.
Aan de Egyptische kant bracht de wolk duisternis, maar aan de Israëlische kant verlichtte zij de nacht.
Zo konden de twee legers de hele nacht niet bij elkaar komen.
Mozes strekte zijn hand uit over de zee.
De HEERE liet de zee de hele nacht terugwijken door een sterke oostenwind.
Hij maakte de zee droog en spleet het water.
De HEERE liet de zee de hele nacht terugwijken door een sterke oostenwind.
Hij maakte de zee droog en spleet het water.
De Israëlieten gingen over droge grond midden door de zee.
Het water stond als een muur aan hun rechterkant en aan hun linkerkant.
Het water stond als een muur aan hun rechterkant en aan hun linkerkant.
De Egyptenaren raken in paniek
De Egyptenaren vervolgden hen de zee in.
Alle paarden, strijdwagens en ruiters van Farao gingen achter hen aan.
Alle paarden, strijdwagens en ruiters van Farao gingen achter hen aan.
Vroeg in de ochtend keek de HEERE vanuit de vuur- en wolkkolom neer op het Egyptische leger.
Hij bracht het leger in verwarring.
Hij bracht het leger in verwarring.
Hij liet de wielen van hun strijdwagens losraken, zodat ze maar moeilijk vooruitkwamen.
Toen zeiden de Egyptenaren: Laten we voor Israël vluchten!
De HEERE strijdt voor hen tegen Egypte.
Toen zeiden de Egyptenaren: Laten we voor Israël vluchten!
De HEERE strijdt voor hen tegen Egypte.
De zee keert terug
De HEERE zei tegen Mozes: Strek uw hand uit over de zee.
Dan zal het water terugstromen over de Egyptenaren, hun strijdwagens en hun ruiters.
Dan zal het water terugstromen over de Egyptenaren, hun strijdwagens en hun ruiters.
Mozes strekte zijn hand uit over de zee.
Tegen het aanbreken van de ochtend stroomde de zee met haar normale kracht terug.
De Egyptenaren vluchtten, maar de zee kwam hun tegemoet.
Zo stortte de HEERE de Egyptenaren midden in de zee.
Tegen het aanbreken van de ochtend stroomde de zee met haar normale kracht terug.
De Egyptenaren vluchtten, maar de zee kwam hun tegemoet.
Zo stortte de HEERE de Egyptenaren midden in de zee.
Het terugstromende water bedekte alle strijdwagens en ruiters van Farao's leger die de Israëlieten de zee in waren gevolgd.
Niet één van hen bleef over.
Niet één van hen bleef over.
Maar de Israëlieten gingen over droge grond midden door de zee.
Het water stond als een muur aan hun rechterkant en aan hun linkerkant.
Het water stond als een muur aan hun rechterkant en aan hun linkerkant.
Zo redde de HEERE Israël die dag uit de macht van de Egyptenaren.
De Israëlieten zagen de Egyptenaren dood op de zeekust liggen.
De Israëlieten zagen de Egyptenaren dood op de zeekust liggen.
Israël zag het machtige werk dat de HEERE tegen de Egyptenaren had gedaan.
Het volk kreeg diep ontzag voor de HEERE.
Zij geloofden in de HEERE en vertrouwden Mozes, Zijn dienaar.
Het volk kreeg diep ontzag voor de HEERE.
Zij geloofden in de HEERE en vertrouwden Mozes, Zijn dienaar.