Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Deuteronomium 29
Het verbond in het land Moab
Wat jullie gezien hebben
Dit zijn de woorden van het verbond dat de HEERE Mozes opdroeg met de Israëlieten te sluiten in het land Moab.
Het kwam naast het verbond dat Hij met hen bij Horeb gesloten had.
Het kwam naast het verbond dat Hij met hen bij Horeb gesloten had.
Mozes riep heel Israël bijeen en zei tegen hen: Jullie hebben gezien wat de HEERE in Egypte voor jullie ogen gedaan heeft.
Hij deed het met Farao, met al zijn dienaren en met heel zijn land.
Hij deed het met Farao, met al zijn dienaren en met heel zijn land.
Jullie hebben met eigen ogen de grote beproevingen gezien, die tekenen en grote wonderen.
Maar tot vandaag heeft de HEERE jullie geen hart gegeven om het te begrijpen, geen ogen om te zien en geen oren om te horen.
Veertig jaar heb ik jullie door de woestijn geleid.
Jullie kleren zijn niet versleten, en je sandalen zijn niet versleten aan je voeten.
Jullie kleren zijn niet versleten, en je sandalen zijn niet versleten aan je voeten.
Jullie hebben geen brood gegeten en geen wijn of sterke drank gedronken.
Zo zouden jullie weten dat ik de HEERE, jullie God, ben.
Zo zouden jullie weten dat ik de HEERE, jullie God, ben.
Toen jullie op deze plaats kwamen, trokken Sihon, de koning van Hesbon, en Og, de koning van Basan, ons tegemoet om te strijden.
Maar wij versloegen hen.
Maar wij versloegen hen.
Wij namen hun land in en gaven het als erfdeel aan de Rubenieten, de Gadieten en de halve stam van Manasse.
Houd je daarom aan de woorden van dit verbond en doe ze.
Dan zal alles wat jullie doen, slagen.
Dan zal alles wat jullie doen, slagen.
Allen staan voor de HEERE
Vandaag staan jullie allemaal voor de HEERE, jullie God: de hoofden van jullie stammen, jullie oudsten en jullie bestuurders, alle mannen van Israël.
Ook jullie kinderen en vrouwen staan hier, en de vreemdeling in jullie kamp, van houthakker tot waterdrager.
Zo gaan jullie het verbond van de HEERE, jullie God, binnen, met de eed die de HEERE, jullie God, vandaag met jullie sluit.
Zo maakt Hij jullie vandaag tot Zijn volk, en is Hij jullie God.
Dat heeft Hij jullie beloofd en onder ede toegezegd aan jullie voorouders Abraham, Izak en Jakob.
Dat heeft Hij jullie beloofd en onder ede toegezegd aan jullie voorouders Abraham, Izak en Jakob.
Niet alleen met jullie sluit ik dit verbond met deze eed.
Ik sluit het ook met wie hier vandaag bij ons staat voor de HEERE, onze God, en met wie hier vandaag niet bij ons is.
Waarschuwing tegen afval
Want jullie weten hoe wij in Egypte gewoond hebben, en hoe wij door het gebied van de volken getrokken zijn.
Jullie hebben hun gruwelijke afgoden gezien, van hout en steen, van zilver en goud, die zij bij zich hadden.
Laat er onder jullie geen man of vrouw, geen familie of stam zijn die zich vandaag van de HEERE, onze God, afkeert.
Laat niemand de goden van die volken gaan dienen.
Laat er onder jullie geen wortel zijn waaruit gif en bitterheid opschieten.
Laat niemand de goden van die volken gaan dienen.
Laat er onder jullie geen wortel zijn waaruit gif en bitterheid opschieten.
Stel dat iemand de woorden van deze eed hoort en zichzelf gerust stelt.
Hij denkt: Het gaat mij goed, ook al volg ik mijn eigen koppige hart.
Zo voegt hij bij zijn dorst ook nog dronkenschap.
Hij denkt: Het gaat mij goed, ook al volg ik mijn eigen koppige hart.
Zo voegt hij bij zijn dorst ook nog dronkenschap.
De HEERE zal zo iemand niet willen vergeven.
De toorn en de jaloezie van de HEERE zullen tegen die man ontbranden.
Alle vloeken die in dit boek staan, zullen op hem rusten, en de HEERE zal zijn naam onder de hemel uitwissen.
De toorn en de jaloezie van de HEERE zullen tegen die man ontbranden.
Alle vloeken die in dit boek staan, zullen op hem rusten, en de HEERE zal zijn naam onder de hemel uitwissen.
De HEERE zal hem voor het onheil apart zetten uit alle stammen van Israël.
Alle vloeken van het verbond die in dit wetboek staan, zullen hem treffen.
Alle vloeken van het verbond die in dit wetboek staan, zullen hem treffen.
Later zullen jullie kinderen, de generatie na jullie, en de buitenlanders die uit verre landen komen, de plagen van dit land zien.
Zij zien de ziekten waarmee de HEERE het getroffen heeft.
Zij zien de ziekten waarmee de HEERE het getroffen heeft.
Het hele land is zwavel en zout, een verschroeide vlakte.
Er wordt niet gezaaid, er komt niets op en er groeit geen gras.
Het is verwoest zoals Sodom en Gomorra, Adama en Zeboïm, die de HEERE in Zijn toorn en woede verwoestte.
Er wordt niet gezaaid, er komt niets op en er groeit geen gras.
Het is verwoest zoals Sodom en Gomorra, Adama en Zeboïm, die de HEERE in Zijn toorn en woede verwoestte.
Alle volken zullen vragen: Waarom heeft de HEERE dit met dit land gedaan?
Waarom was Zijn toorn zo groot?
Waarom was Zijn toorn zo groot?
Dan zegt men: Omdat zij het verbond van de HEERE, de God van hun voorouders, verlaten hebben.
Dat verbond had Hij met hen gesloten toen Hij hen uit Egypte leidde.
Dat verbond had Hij met hen gesloten toen Hij hen uit Egypte leidde.
Zij zijn andere goden gaan dienen en hebben zich voor hen neergebogen.
Het waren goden die hen niet kenden en die hun nooit iets gegeven hadden.
Het waren goden die hen niet kenden en die hun nooit iets gegeven hadden.
Daarom ontbrandde de toorn van de HEERE tegen dit land.
Hij liet alle vloeken over het land komen die in dit boek staan.
Hij liet alle vloeken over het land komen die in dit boek staan.
In Zijn toorn, woede en grote verontwaardiging heeft de HEERE hen uit hun land gerukt.
Hij heeft hen naar een ander land verbannen, zoals nu te zien is.
Hij heeft hen naar een ander land verbannen, zoals nu te zien is.
Wat verborgen is, is voor de HEERE, onze God.
Maar wat bekendgemaakt is, is voor ons en onze kinderen, voor altijd, zodat wij alle woorden van deze wet doen.
Maar wat bekendgemaakt is, is voor ons en onze kinderen, voor altijd, zodat wij alle woorden van deze wet doen.