Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Apocriefe boeken
Boek der Wijsheid 5
De spijt van de goddelozen
Dit was de man over wie wij lachten
Dan zal de rechtvaardige met groot zelfvertrouwen staan tegenover wie hem onderdrukt hebben en zijn inspanningen verworpen hebben.
En als zij dat zien, zullen zij door zware angst van streek raken en zij zullen zich ontzetten over deze onverwachte redding.
Vol spijt zullen zij tegen elkaar zeggen, zuchtend van angst in hun geest: Dit was de man over wie wij vroeger lachten en die wij voor schut zetten.
Wij dwazen hielden zijn leven voor waanzin en zijn einde voor oneervol.
Hoe wordt hij nu gerekend tot de kinderen van God, en hoe is zijn lot onder de heiligen!
Werkelijk, wij zijn van de weg van de waarheid afgedwaald.
Het licht van de gerechtigheid heeft ons niet beschenen en de zon van de gerechtigheid is voor ons niet opgegaan.
Het licht van de gerechtigheid heeft ons niet beschenen en de zon van de gerechtigheid is voor ons niet opgegaan.
Wij hebben ons volgestopt op de paden van onrecht en ondergang.
Wij zijn door woeste omwegen getrokken, maar de weg van de Heere hebben wij niet gekend.
Wij zijn door woeste omwegen getrokken, maar de weg van de Heere hebben wij niet gekend.
Wat hebben wij aan onze hoogmoed gehad?
Wat heeft onze rijkdom met al zijn opschepperij ons opgeleverd?
Wat heeft onze rijkdom met al zijn opschepperij ons opgeleverd?
Voorbij als een schaduw
Dat alles is voorbijgegaan als een schaduw, en als een bericht dat langskomt,
als een schip dat door de golven van het water vaart: als het voorbij is, vind je er geen spoor van, en ook niet het spoor van zijn kiel door de golven.
Of zoals je geen spoor vindt van de vlucht van een vogel die door de lucht vliegt: als de vleugels bewegen, gaat de slag van de wieken door de lichte lucht, die door de kracht van het suizen gespleten wordt, en daarna vind je er geen teken van de doortocht in.
Of zoals de lucht meteen weer samenkomt wanneer een pijl naar een doel geschoten is, zodat je niet weet waar hij doorheen gegaan is.
Zo zijn ook wij: zodra wij geboren waren, hielden wij op.
Wij kunnen geen teken van deugd laten zien, maar wij zijn in ons eigen kwaad opgebrand.
Want de hoop van de goddeloze is als een pluisje dat door de wind wordt meegenomen, als een dunne rijp die door een wervelwind wordt weggejaagd, als rook die door de wind verwaait, of als de herinnering aan iemand die maar één dag te gast is geweest.
De wapenrusting van God
Maar de rechtvaardigen leven voor altijd.
Hun loon is bij de Heere, en de Allerhoogste zorgt voor hen.
Hun loon is bij de Heere, en de Allerhoogste zorgt voor hen.
Daarom zullen zij een prachtig koninkrijk krijgen en een mooie kroon uit de hand van de Heere.
Want met Zijn rechterhand zal Hij hen beschermen en met Zijn arm zal Hij hen beschutten.
Want met Zijn rechterhand zal Hij hen beschermen en met Zijn arm zal Hij hen beschutten.
Hij zal Zijn ijver als een volledige wapenrusting aantrekken en Zijn schepselen bewapenen om wraak te nemen op de vijanden.
Hij zal de gerechtigheid aantrekken als een borstharnas en een eerlijk oordeel opzetten als een helm.
Hij zal de heiligheid nemen als een onoverwinnelijk schild,
en Hij zal Zijn strenge toorn slijpen tot een zwaard, en de wereld zal met Hem meevechten tegen wie geen verstand hebben.
De goedgerichte pijlen van de bliksem zullen uitgaan en als van een strak gespannen boog uit de wolken het doel treffen.
Dikke hagelstenen zullen geworpen worden, als uit een slinger van woede.
Het water van de zee zal tegen hen tekeergaan en de rivieren zullen samen heftig overstromen.
Het water van de zee zal tegen hen tekeergaan en de rivieren zullen samen heftig overstromen.
De Geest van de kracht zal hen tegenhouden en hen als een wervelwind uitwaaien.
Het onrecht zal de hele aarde verwoesten en de boosaardigheid zal de tronen van de machtigen omverwerpen.
Het onrecht zal de hele aarde verwoesten en de boosaardigheid zal de tronen van de machtigen omverwerpen.