Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Ethiopische boeken

2 Meqabyan 7

Wee u die God niet kent

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 2 minuten
Berouw dat niet meer helpt
Wee u en wie zijn zoals u, die God niet kennen, die u geschapen heeft, en die Zijn gebod en Zijn woord niet kennen.
Want u zult zich bekeren daar waar bekering niets meer oplevert, wanneer u gegeseld wordt in de pijniging van het dodenrijk.

En daar ontkomt u niet aan, tot in eeuwigheid: u en uw goden, en zij aan wie u offert en voor wie u zich neerbuigt alsof het God was, uw Schepper — aan wezens die geen ziel en geen adem hebben, die zich niet kunnen wreken op wie hun kwaad doet en geen goed kunnen doen aan wie hun goed doet.
Want zij zijn het werk van mensenhanden, waarin Satan spreekt om het hart van dwazen zoals u te laten afdwalen, zodat hij u in de hel van het vuur kan gooien: u en de priesters van uw goden en de demonen die aan u onderworpen zijn.
Want u weet niet dat het u niets oplevert.
U dwaalt en u gaat verloren.

En de dieren zijn beter dan u — de dieren die God geschapen heeft om u te eten te geven — en de wilde dieren en de honden.
Want zij hebben geen tweede oordeel, maar alleen één dood.

Maar u, u zult sterven en voor de tweede keer geoordeeld worden in de verschrikking van de hel, waar geen ontkomen aan is, tot in eeuwigheid.
Zij verdwenen voor zijn ogen
En toen zij dit gezegd hadden, gingen zij weg en verdwenen zij voor zijn ogen.
En Tsirutsaydan was heel bang en beefde, en dat ging niet van hem weg tot het licht werd.
En daarna ging hij naar de plaats waar hij de lijken van de rechtvaardigen neergegooid had, en hij vond hen niet, want hij wilde hen begraven.
Maar hij kon hen niet vinden, want God had hen verborgen, zodat er niets van hun lichaam gevonden zou worden.

Download hoofdstuk als tekstbestand