Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Oude Testament

1 Samuel 12

Samuël neemt afscheid als leider

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 5 minuten
Samuël legt verantwoording af
Toen zei Samuël tegen heel Israël: Kijk, ik heb geluisterd naar alles wat jullie mij gevraagd hebben, en ik heb een koning over jullie aangesteld.
Nu gaat de koning voor jullie uit.
Ik ben oud en grijs geworden, en mijn zonen zijn bij jullie.
Ik ben jullie voorgegaan vanaf mijn jeugd tot vandaag.

Hier sta ik.
Getuig tegen mij voor de HEERE en voor Zijn gezalfde.
Van wie heb ik een os of een ezel genomen?
Wie heb ik onrecht gedaan of onderdrukt?
Van wie heb ik steekpenningen aangenomen om een oogje dicht te knijpen?
Dan zal ik het jullie teruggeven.

Zij zeiden: U hebt ons geen onrecht gedaan en ons niet onderdrukt.
U hebt van niemand iets aangenomen.

Hij zei tegen hen: De HEERE is vandaag getuige tegen jullie, en ook Zijn gezalfde is getuige, dat jullie niets bij mij gevonden hebben.
Het volk zei: Hij is getuige!
Herinnering aan de daden van de HEERE
Samuël zei verder tegen het volk: Het is de HEERE Die Mozes en Aäron heeft aangesteld, en Die jullie vaders uit Egypte heeft geleid.
Kom nu hier staan, dan zal ik met jullie een rechtszaak voeren voor de HEERE.
Het gaat over alle rechtvaardige daden die de HEERE voor jullie en jullie vaders heeft gedaan.

Nadat Jakob in Egypte was gekomen, riepen jullie vaders tot de HEERE.
De HEERE stuurde Mozes en Aäron.
Zij leidden jullie vaders uit Egypte en lieten hen op deze plaats wonen.

Maar zij vergaten de HEERE, hun God.
Toen leverde Hij hen uit aan Sisera, de legeraanvoerder van Hazor.
Hij leverde hen ook uit aan de Filistijnen en aan de koning van Moab, die tegen hen streden.

Zij riepen tot de HEERE: Wij hebben gezondigd, want wij hebben de HEERE verlaten en de Baäls en Astartes gediend.
Red ons nu uit de macht van onze vijanden, dan zullen wij U dienen.

Toen stuurde de HEERE Jerubbaäl, Bedan, Jefta en Samuël.
Hij redde jullie uit de macht van jullie vijanden rondom, zodat jullie veilig woonden.

Maar toen jullie zagen dat Nahas, de koning van de Ammonieten, tegen jullie optrok, zeiden jullie tegen mij: Nee, een koning moet over ons regeren.
Terwijl de HEERE, jullie God, jullie koning was!

Kijk, hier is de koning die jullie gekozen hebben, om wie jullie gevraagd hebben.
De HEERE heeft een koning over jullie aangesteld.

Vrees de HEERE, dien Hem en luister naar Hem.
Wees niet ongehoorzaam aan het bevel van de HEERE.
Dan zullen jullie en de koning die over jullie regeert, de HEERE, jullie God, volgen.

Maar misschien luisteren jullie niet naar de HEERE en zijn jullie ongehoorzaam aan Zijn bevel.
Dan zal de hand van de HEERE tegen jullie zijn, zoals tegen jullie vaders.

Donder en regen in de oogsttijd
Kom nu hier staan en kijk naar het grote wonder dat de HEERE voor jullie ogen zal doen.
Is het vandaag niet de tijd van de tarweoogst?
Ik zal tot de HEERE roepen, en Hij zal donder en regen sturen.
Dan zullen jullie inzien hoe groot het kwaad is dat jullie in de ogen van de HEERE gedaan hebben door een koning te vragen.

Samuël riep tot de HEERE, en die dag stuurde de HEERE donder en regen.
Toen werd het hele volk heel bang voor de HEERE en voor Samuël.
Het hele volk zei tegen Samuël: Bid voor uw dienaren tot de HEERE, uw God, zodat wij niet sterven.
Want boven op al onze zonden hebben wij nog dit kwaad gedaan, dat wij een koning gevraagd hebben.

Samuël zei tegen het volk: Wees niet bang.
Jullie hebben al dit kwaad wel gedaan, maar keer je niet van de HEERE af.
Dien de HEERE met heel je hart.

Keer je niet af om nietige afgoden achterna te lopen.
Die kunnen niet helpen en niet redden, want zij zijn nietig.

De HEERE zal Zijn volk niet in de steek laten, omwille van Zijn grote naam.
Want het heeft de HEERE behaagd jullie tot Zijn volk te maken.

Wat mij betreft: het zij verre van mij dat ik tegen de HEERE zou zondigen door op te houden voor jullie te bidden.
Ik zal jullie de goede en rechte weg leren.

Vrees alleen de HEERE en dien Hem trouw met heel je hart.
Want kijk eens wat voor grote dingen Hij voor jullie gedaan heeft!

Maar als jullie toch kwaad blijven doen, zullen jullie omkomen, zowel jullie als jullie koning.

Download hoofdstuk als tekstbestand