Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Nieuwe Testament

1 Johannes 4

God is liefde

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 3 minuten
Toets de geesten
Geliefden, geloof niet elke geest.
Toets de geesten of zij uit God zijn.
Er zijn namelijk veel valse profeten de wereld in gegaan.
Hieraan herkennen jullie de Geest van God: elke geest die belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God.
En elke geest die dat niet belijdt, is niet uit God.
Dat is de geest van de antichrist.
Jullie hebben gehoord dat die komt, en hij is nu al in de wereld.
Kinderen, jullie zijn uit God en jullie hebben hen overwonnen.
Hij die in jullie is, is namelijk groter dan hij die in de wereld is.
Zij zijn uit de wereld.
Daarom spreken zij uit de wereld en de wereld luistert naar hen.
Wij zijn uit God.
Wie God kent, luistert naar ons.
Wie niet uit God is, luistert niet naar ons.
Hieraan herkennen wij de geest van de waarheid en de geest van de dwaling.
Liefde uit God
Geliefden, laten wij elkaar liefhebben, want de liefde is uit God.
Ieder die liefheeft, is uit God geboren en kent God.
Wie niet liefheeft, heeft God niet leren kennen, want God is liefde.
Hierin is de liefde van God aan ons zichtbaar geworden: God heeft Zijn enige Zoon in de wereld gestuurd, zodat wij door Hem zouden leven.
Hierin is de liefde: niet dat wij God liefgehad hebben, maar dat Hij ons heeft liefgehad.
Hij heeft Zijn Zoon gestuurd als verzoening voor onze zonden.
Geliefden, als God ons zo heeft liefgehad, dan horen ook wij elkaar lief te hebben.
Niemand heeft ooit God gezien.
Hebben wij elkaar lief, dan blijft God in ons en is Zijn liefde in ons volmaakt.
Hieraan weten wij dat wij in Hem blijven en Hij in ons: Hij heeft ons van Zijn Geest gegeven.
En wij hebben gezien en getuigen dat de Vader Zijn Zoon gestuurd heeft als Redder van de wereld.
Wie belijdt dat Jezus de Zoon van God is, in hem blijft God, en hij blijft in God.
Wij hebben de liefde leren kennen die God voor ons heeft, en wij geloven erin.
God is liefde.
Wie in de liefde blijft, blijft in God, en God in hem.
Hierin is de liefde bij ons volmaakt geworden, zodat wij vrijmoedigheid hebben op de dag van het oordeel.
Zoals Hij is, zijn wij namelijk ook in deze wereld.
In de liefde is geen angst.
De volmaakte liefde drijft de angst uit.
Angst heeft namelijk met straf te maken, en wie bang is, is niet volmaakt in de liefde.
Wij hebben Hem lief, omdat Hij ons eerst heeft liefgehad.
Zegt iemand: Ik heb God lief, en haat hij zijn broeder, dan is hij een leugenaar.
Wie zijn broeder niet liefheeft die hij ziet, kan God niet liefhebben die hij niet ziet.
Dit gebod hebben wij van Hem: wie God liefheeft, moet ook zijn broeder liefhebben.

Download hoofdstuk als tekstbestand