Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Spreuken 8
De Wijsheid roept
Tot u roep ik
Roept de Wijsheid niet?
Laat het Inzicht haar stem niet horen?
Laat het Inzicht haar stem niet horen?
Boven op de hoogten langs de weg, waar de paden samenkomen, staat zij.
Bij de poorten, aan de ingang van de stad, bij de deuren roept zij luid:
Tot u, mannen, roep ik.
Mijn stem gaat naar de mensenkinderen.
Mijn stem gaat naar de mensenkinderen.
Onervaren mensen, leer inzicht.
Dwazen, word verstandig van hart.
Dwazen, word verstandig van hart.
Luister, want ik zeg belangrijke dingen.
Mijn lippen spreken alleen wat eerlijk is.
Mijn lippen spreken alleen wat eerlijk is.
Mijn mond spreekt de waarheid uit.
Goddeloosheid is een gruwel voor mijn lippen.
Goddeloosheid is een gruwel voor mijn lippen.
Alle woorden van mijn mond zijn rechtvaardig.
Er zit niets kroms of verdraaids in.
Er zit niets kroms of verdraaids in.
Zij zijn alle duidelijk voor wie verstand heeft, en juist voor wie kennis vinden.
Neem mijn opvoeding aan, en niet zilver.
Neem kennis, liever dan het beste goud.
Neem kennis, liever dan het beste goud.
Want wijsheid is beter dan robijnen.
Niets van wat je verlangt, is met haar te vergelijken.
Niets van wat je verlangt, is met haar te vergelijken.
Bij mij is raad en kracht
Ik, Wijsheid, woon bij de bedachtzaamheid.
Ik vind kennis en overleg.
Ik vind kennis en overleg.
Ontzag voor de HEERE is het kwade haten.
Trots, hoogmoed, de slechte weg en een valse mond haat ik.
Trots, hoogmoed, de slechte weg en een valse mond haat ik.
Bij mij is raad en beleid.
Ik ben het inzicht, bij mij is kracht.
Ik ben het inzicht, bij mij is kracht.
Door mij regeren koningen en stellen leiders het recht vast.
Door mij heersen vorsten en aanzienlijken, alle rechters op aarde.
Ik heb lief wie mij liefhebben.
Wie mij vroeg zoeken, zullen mij vinden.
Wie mij vroeg zoeken, zullen mij vinden.
Rijkdom en eer zijn bij mij, duurzaam bezit en gerechtigheid.
Mijn vrucht is beter dan goud, zelfs dan zuiver goud.
Wat ik opbreng, is meer dan uitgelezen zilver.
Wat ik opbreng, is meer dan uitgelezen zilver.
Ik loop op de weg van de gerechtigheid, midden op de paden van het recht.
Zo geef ik wie mij liefhebben een blijvend bezit.
Ik vul hun schatkamers.
Ik vul hun schatkamers.
Voordat de aarde bestond
De HEERE bezat mij aan het begin van zijn weg, nog voor zijn werken van toen.
Van eeuwigheid af ben ik aangesteld, vanaf het begin, voordat de aarde bestond.
Ik werd geboren toen er nog geen waterdiepten waren, toen er nog geen bronnen vol water waren.
Voordat de bergen vastgezet werden, eerder dan de heuvels, werd ik geboren.
Hij had de aarde en de velden nog niet gemaakt, nog geen kluitje van de wereld.
Toen Hij de hemel klaarmaakte, was ik erbij.
Toen Hij een cirkel trok over de diepte,
Toen Hij een cirkel trok over de diepte,
toen Hij de wolken hoog vastzette, toen Hij de bronnen van de diepte vast liet staan,
toen Hij de zee haar grens gaf, zodat het water zijn bevel niet overtrad, toen Hij de fundamenten van de aarde legde,
toen was ik bij Hem als een lieveling.
Ik was dag aan dag zijn vreugde, altijd spelend voor zijn gezicht.
Ik was dag aan dag zijn vreugde, altijd spelend voor zijn gezicht.
Ik speelde op de aarde die Hij gemaakt had, en ik had vreugde in de mensenkinderen.
Gelukkig wie naar mij luistert
Luister nu naar mij, kinderen.
Gelukkig zijn wie mijn wegen bewaren.
Gelukkig zijn wie mijn wegen bewaren.
Luister naar de opvoeding en word wijs.
Sla haar niet in de wind.
Sla haar niet in de wind.
Gelukkig is de mens die naar mij luistert, die dag aan dag bij mijn deuren waakt en bij mijn deurposten wacht.
Want wie mij vindt, vindt het leven en krijgt de gunst van de HEERE.
Maar wie tegen mij zondigt, doet zichzelf geweld aan.
Wie mij haten, hebben de dood lief.
Wie mij haten, hebben de dood lief.