Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Nieuwe Testament
Romeinen 2
God oordeelt eerlijk
Jij die een ander oordeelt
Daarom heb je geen excuus, mens, wie je ook bent die een ander oordeelt.
Waarin je een ander oordeelt, veroordeel je jezelf, want jij doet dezelfde dingen.
Waarin je een ander oordeelt, veroordeel je jezelf, want jij doet dezelfde dingen.
Wij weten dat God rechtvaardig oordeelt over wie zulke dingen doet.
Denk jij, mens, dat je aan het oordeel van God ontkomt?
Je oordeelt anderen, maar je doet hetzelfde.
Je oordeelt anderen, maar je doet hetzelfde.
Of minacht je de rijkdom van Zijn goedheid, verdraagzaamheid en geduld?
Weet je niet dat de goedheid van God je tot bekering wil brengen?
Weet je niet dat de goedheid van God je tot bekering wil brengen?
Maar door je harde en onbekeerde hart stapel je toorn op voor jezelf.
Die komt op de dag van de toorn, wanneer het rechtvaardige oordeel van God openbaar wordt.
Die komt op de dag van de toorn, wanneer het rechtvaardige oordeel van God openbaar wordt.
God zal ieder mens vergelden naar zijn daden.
Wie met volharding het goede doet en zoekt naar heerlijkheid, eer en onvergankelijkheid, krijgt het eeuwige leven.
Maar wie ruzie zoekt, de waarheid ongehoorzaam is en het onrecht gehoorzaamt, krijgt woede en toorn.
Er komt verdrukking en benauwdheid over ieder mens die het kwade doet, eerst over de Jood en ook over de Griek.
Maar er is heerlijkheid, eer en vrede voor ieder die het goede doet, eerst voor de Jood en ook voor de Griek.
Want God maakt geen onderscheid tussen mensen.
De wet en het geweten
Wie zonder wet gezondigd heeft, zal ook zonder wet verloren gaan.
Wie onder de wet gezondigd heeft, zal door de wet geoordeeld worden.
Wie onder de wet gezondigd heeft, zal door de wet geoordeeld worden.
Want niet wie de wet horen, zijn rechtvaardig voor God.
Wie de wet doen, zullen rechtvaardig verklaard worden.
Wie de wet doen, zullen rechtvaardig verklaard worden.
De volken hebben de wet niet.
Maar als zij van nature doen wat de wet vraagt, zijn zij voor zichzelf een wet, ook al hebben zij de wet niet.
Maar als zij van nature doen wat de wet vraagt, zijn zij voor zichzelf een wet, ook al hebben zij de wet niet.
Zij laten zien dat het werk van de wet in hun hart geschreven staat.
Hun geweten getuigt mee, en hun gedachten klagen hen aan of verdedigen hen.
Hun geweten getuigt mee, en hun gedachten klagen hen aan of verdedigen hen.
Dat blijkt op de dag dat God het verborgene van de mensen oordeelt door Jezus Christus, zoals mijn evangelie zegt.
De Jood en de wet
Kijk, jij noemt jezelf een Jood.
Je steunt op de wet en je roemt op God.
Je steunt op de wet en je roemt op God.
Je kent Zijn wil en je weet wat het beste is, want je bent onderwezen uit de wet.
Je vertrouwt erop dat je een gids bent voor blinden en een licht voor wie in het donker zijn.
Je bent een leraar van onverstandigen en een onderwijzer van onwetenden.
In de wet heb je immers de vorm van de kennis en de waarheid.
In de wet heb je immers de vorm van de kennis en de waarheid.
Jij die een ander onderwijst, onderwijs je jezelf niet?
Jij die verkondigt dat je niet mag stelen, steel je zelf?
Jij die verkondigt dat je niet mag stelen, steel je zelf?
Jij die zegt dat je geen overspel mag plegen, pleeg je zelf overspel?
Jij die een afkeer hebt van afgoden, beroof je hun tempels?
Jij die een afkeer hebt van afgoden, beroof je hun tempels?
Jij die roemt op de wet, onteer je God door de wet te overtreden?
Want door jullie wordt de Naam van God gelasterd onder de volken, zoals er geschreven staat.
De besnijdenis heeft zin als je de wet doet.
Maar als je de wet overtreedt, is je besnijdenis onbesneden geworden.
Maar als je de wet overtreedt, is je besnijdenis onbesneden geworden.
Als een onbesneden man zich houdt aan de regels van de wet, telt zijn onbesneden zijn dan niet als besnijdenis?
Hij is van nature onbesneden en houdt toch de wet.
Zo zal hij jou oordelen, die met de letter en de besnijdenis de wet overtreedt.
Zo zal hij jou oordelen, die met de letter en de besnijdenis de wet overtreedt.
Want je bent geen Jood door wat aan de buitenkant te zien is, en dat is ook de besnijdenis niet, in het lichaam.
Je bent Jood in het verborgene, en de besnijdenis is die van het hart, door de Geest en niet door de letter.
Zo iemand krijgt zijn lof niet van mensen, maar van God.
Zo iemand krijgt zijn lof niet van mensen, maar van God.