Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Psalmen 28
De HEERE is mijn kracht en mijn schild
Hoor mijn smeken
Een psalm van David.
Tot U roep ik, HEERE, mijn rots.
Houd U niet doof voor mij.
Want als U zwijgt, lijk ik op wie in de kuil afdalen.
Tot U roep ik, HEERE, mijn rots.
Houd U niet doof voor mij.
Want als U zwijgt, lijk ik op wie in de kuil afdalen.
Hoor mijn smeken als ik tot U roep, als ik mijn handen ophef naar Uw heilige tempel.
Sleur mij niet mee met de goddelozen en met wie onrecht doen.
Zij praten vriendelijk met hun naaste, maar er is kwaad in hun hart.
Zij praten vriendelijk met hun naaste, maar er is kwaad in hun hart.
Geef hun naar hun daden en naar het kwaad van hun doen.
Geef hun naar het werk van hun handen.
Laat hun eigen daden op hen terugkomen.
Geef hun naar het werk van hun handen.
Laat hun eigen daden op hen terugkomen.
Want zij letten niet op wat de HEERE doet en niet op het werk van Zijn handen.
Daarom zal Hij hen afbreken en niet opbouwen.
Daarom zal Hij hen afbreken en niet opbouwen.
Geprezen zij de HEERE, want Hij heeft mijn smeken gehoord.
De HEERE is mijn kracht en mijn schild.
Op Hem vertrouwde mijn hart en ik werd geholpen.
Daarom juicht mijn hart en met mijn lied zal ik Hem prijzen.
Op Hem vertrouwde mijn hart en ik werd geholpen.
Daarom juicht mijn hart en met mijn lied zal ik Hem prijzen.
De HEERE is de kracht van Zijn volk.
Hij is de vesting die Zijn gezalfde redt.
Hij is de vesting die Zijn gezalfde redt.
Red Uw volk en zegen Uw erfdeel.
Weid hen en draag hen, voor altijd.
Weid hen en draag hen, voor altijd.