Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Nieuwe Testament

Openbaring 22

De rivier van het leven

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 3 minuten
De boom van het leven
Hij liet mij een zuivere rivier zien van het water van het leven, helder als kristal.
Die kwam uit de troon van God en van het Lam.
Midden op de straat van de stad, aan weerskanten van de rivier, stond de boom van het leven.
Die geeft twaalf keer vrucht, elke maand opnieuw.
De bladeren van de boom zijn tot genezing van de volken.
Er zal geen vervloeking meer zijn.
De troon van God en van het Lam zal erin staan, en Zijn dienaren zullen Hem dienen.
Zij zullen Zijn gezicht zien en Zijn Naam zal op hun voorhoofd staan.
Nacht zal er niet zijn.
Zij hebben geen lamp of zonlicht nodig, want de Heere God geeft hun licht.
En zij zullen heersen tot in alle eeuwigheid.
Ik kom snel
Hij zei tegen mij: Deze woorden zijn betrouwbaar en waar.
De Heere, de God van de geesten van de profeten, heeft Zijn engel gestuurd om Zijn dienaren te laten zien wat er snel moet gebeuren.

Kijk, ik kom snel.
Gelukkig is wie de woorden van de profetie van dit boek bewaart.

En ik, Johannes, ben degene die dit gezien en gehoord heeft.
Toen ik het gehoord en gezien had, viel ik neer om te aanbidden aan de voeten van de engel die mij dit liet zien.
Maar hij zei tegen mij: Doe dat niet.
Ik ben een mededienaar van jou, van je medegelovigen de profeten en van wie de woorden van dit boek bewaren.
Aanbid God.

En hij zei tegen mij: Verzegel de woorden van de profetie van dit boek niet, want de tijd is dichtbij.
Wie onrecht doet, laat hij nog onrecht doen.
Wie vuil is, laat hij nog vuil worden.
Wie rechtvaardig is, laat hij nog rechtvaardig doen.
En wie heilig is, laat hij nog heiliger worden.

Kijk, ik kom snel.
Mijn loon is bij mij, om ieder te vergelden naar zijn werk.

Ik ben de alfa en de omega, het begin en het einde, de eerste en de laatste.
Gelukkig zijn zij die hun kleren wassen.
Zij hebben recht op de boom van het leven en mogen door de poorten de stad binnengaan.

Maar buiten blijven de honden, de tovenaars, wie ontucht plegen, de moordenaars, de afgodendienaars en iedereen die de leugen liefheeft en doet.
Kom, Jezus
Ik, Jezus, heb mijn engel gestuurd om jullie dit te getuigen voor de gemeenschappen.
Ik ben de wortel en het nageslacht van David, de stralende morgenster.

De Geest en de bruid zeggen: Kom.
En wie het hoort, moet zeggen: Kom.
Wie dorst heeft, moet komen.
En wie wil, mag het water van het leven voor niets nemen.
Ik verklaar aan iedereen die de woorden van dit boek hoort: voegt iemand er iets aan toe?
Dan zal God hem de plagen toevoegen die in dit boek staan.
En haalt iemand iets weg van de woorden van dit boek?
Dan zal God zijn deel weghalen uit het boek van het leven en uit de heilige stad.
Hij die dit getuigt, zegt: Ja, ik kom snel.
Amen.
Ja, kom, Heere Jezus.
De genade van onze Heere Jezus Christus zij met jullie allemaal.
Amen.

Download hoofdstuk als tekstbestand