Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Ethiopische boeken

Henoch 71

Opgenomen in de hemel van de hemelen

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 4 minuten
De stromen van vuur
En daarna gebeurde het dat mijn geest werd opgenomen en naar de hemel opsteeg.
En ik zag de zonen van de engelen, hoe zij op vlammen van vuur liepen.
En hun kleren waren wit, en ook hun gewaden, en de glans van hun gezicht was als sneeuw.
En ik zag twee stromen van vuur, en de glans van dat vuur straalde als hyacint.
En ik viel op mijn gezicht voor de Heere van de geesten.
En de engel Michaël, een van de hoofden van de engelen, greep mij bij mijn rechterhand en zette mij overeind en leidde mij naar alle geheimen van de barmhartigheid en de geheimen van de gerechtigheid.
En hij liet mij alle geheimen zien van de einden van de hemel, en alle schatkamers van de sterren en van de lichten, waar zij vandaan uitgaan voor het aangezicht van de heiligen.
Het huis van kristal en vuur
En de geest voerde Henoch weg naar de hemel van de hemelen.
En ik zag daar, midden in dat licht, iets dat gebouwd was uit stenen van kristal, en midden tussen die stenen tongen van levend vuur.
En mijn geest zag een gordel die dat huis van vuur omgordde.
Aan zijn vier zijden waren de stromen, vol levend vuur, en zij omgordden dat huis.
En rondom waren serafs en cherubs en ofannim.
Zij zijn het die niet slapen en die de troon van Zijn heerlijkheid bewaken.
En ik zag engelen die niet te tellen waren, duizend maal duizenden en tienduizend maal tienduizenden, die dat huis omringden.
En Michaël en Rafaël en Gabriël en Fanuël, en de heilige engelen die boven de hemel zijn, gingen dat huis in en uit.
En uit dat huis kwamen Michaël en Gabriël, Rafaël en Fanuël, en veel heilige engelen zonder getal.
En met hen het Hoofd van de dagen, en Zijn hoofd was wit en zuiver als wol, en Zijn kleed is niet te beschrijven.
En ik viel op mijn gezicht, en mijn hele lichaam smolt en mijn geest werd veranderd.
En ik riep met luide stem, in de geest van de kracht, en ik zegende en verheerlijkte en verhoogde.
En deze zegeningen die uit mijn mond kwamen, waren welkom voor het aangezicht van dat Hoofd van de dagen.
En dat Hoofd van de dagen kwam met Michaël en Gabriël, Rafaël en Fanuël, met duizenden en tienduizend maal tienduizenden engelen zonder getal.
Jij bent de Mensenzoon
En die engel kwam naar mij toe en groette mij met zijn stem en zei tegen mij: Jij bent de Mensenzoon, die tot gerechtigheid geboren bent, en de gerechtigheid woont op jou, en de gerechtigheid van het Hoofd van de dagen verlaat jou niet.
En hij zei tegen mij: Hij kondigt jou vrede aan in de naam van de wereld die komen zal.
Want vandaar is de vrede uitgegaan sinds de schepping van de wereld, en zo zal het jou vergaan tot in eeuwigheid en in alle eeuwigheid.

En allen die er zullen zijn en die jouw weg gaan, terwijl de gerechtigheid jou nooit verlaat: bij jou zal hun woning zijn en bij jou hun deel, en van jou zullen zij niet gescheiden worden tot in eeuwigheid en in alle eeuwigheid.
En zo zal er een lang leven zijn met die Mensenzoon, en er zal vrede zijn voor de rechtvaardigen en een rechte weg voor de rechtvaardigen, in de naam van de Heere van de geesten, tot in alle eeuwigheid.

Download hoofdstuk als tekstbestand