Direct naar de inhoud

Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV

Ethiopische boeken

Henoch 56

De engelen met de gesels

ProeftekstGods Woord in begrijpelijke taal · ongeveer 2 minuten
Naar wie gaan zij?
En ik zag daar het leger van de engelen van de straf, terwijl zij verder gingen en gesels van ijzer en koper vasthielden.
En ik vroeg aan de engel van de vrede die met mij meeging: Naar wie gaan zij die de gesels vasthouden?
En hij zei tegen mij: Ieder naar hun uitverkorenen en hun geliefden, zodat die in de kloof van de diepte van het dal gegooid worden.
En dan zal dat dal gevuld worden met hun uitverkorenen en hun geliefden, en de dagen van hun leven zullen ten einde komen, en de dagen van hun verleiding zullen van nu af niet meer geteld worden.
De Parthen en de Meden
En in die dagen zullen de engelen zich verzamelen en zich met hun hoofden naar het oosten werpen, naar het volk van de Parthen en van de Meden.
Zij zullen de koningen opstoken, en een geest van onrust zal over hen komen, en zij zullen hen van hun tronen opjagen.
En zij zullen uittrekken als leeuwen uit hun holen en als hongerige wolven midden in hun kudde.

En zij zullen optrekken en het land van Zijn uitverkorenen vertrappen, en het land van Zijn uitverkorenen zal voor hen een dorsvloer en een gebaande weg worden.
Maar de stad van Zijn rechtvaardigen zal een hindernis worden voor hun paarden.
En zij zullen onderling strijd beginnen, en hun rechterhand zal sterk zijn tegen henzelf, en niemand zal zijn naaste en zijn broer kennen, en geen zoon zijn vader en zijn moeder, totdat het aantal lijken door hun dood en hun slachting groot wordt, en hun straf zal niet voor niets zijn.

En in die dagen zal het dodenrijk zijn mond opendoen, en zij zullen erin verzwolgen worden.
En tot hun ondergang zal het dodenrijk de zondaars verzwelgen, weg van het gezicht van de uitverkorenen.

Download hoofdstuk als tekstbestand