Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Ethiopische boeken
Henoch 54
Het dal met brandend vuur
Ketenen zonder maat
En ik keek en wendde mij naar een ander deel van de aarde, en ik zag daar een diep dal met brandend vuur.
En zij brachten de koningen en de machtigen aan en gooiden hen in dat diepe dal.
En daar zagen mijn ogen hun werktuigen: hoe men ijzeren ketenen voor hen maakte, zonder maat.
En ik vroeg aan de engel van de vrede die met mij meeging: Voor wie worden deze boeien klaargemaakt?
Voor het leger van Azazel
En hij zei tegen mij: Deze worden klaargemaakt voor het leger van Azazel, zodat men hen zal grijpen en hen zal gooien onder alle veroordeling.
En met ruwe stenen zullen zij hun kaken bedekken, zoals de Heere van de geesten opgedragen heeft.
En met ruwe stenen zullen zij hun kaken bedekken, zoals de Heere van de geesten opgedragen heeft.
Michaël en Gabriël, Rafaël en Fanuël, zij zullen hen grijpen op die grote dag, en op die dag zullen zij hen in de brandende oven van vuur gooien, zodat de Heere van de geesten wraak op hen neemt om hun onrecht, omdat zij dienaren van de satan geworden waren en wie op de aarde wonen verleid hebben.
En in die dagen zal de straf van de Heere van de geesten uitgaan, en alle schatkamers van de wateren die boven de hemel zijn zullen opengaan, en de bronnen die onder de hemel en onder de aarde zijn.
En al de wateren zullen zich verenigen met de wateren die boven de hemel zijn.
Het water dat boven de hemel is, is mannelijk, en het water dat onder de aarde is, is vrouwelijk.
Het water dat boven de hemel is, is mannelijk, en het water dat onder de aarde is, is vrouwelijk.
En allen die op de aarde wonen en die onder de einden van de hemel wonen, zullen vernietigd worden.
En daardoor hebben zij hun onrecht erkend dat zij op de aarde bedreven hebben, en daardoor zullen zij te gronde gaan.