Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
Exodus 39
De priesterkleding en de voltooide tabernakel
De efod
Van blauw, purper en scharlaken maakten zij ambtskleding voor de dienst in het heiligdom.
Ook maakten zij de heilige kleding voor Aäron, zoals de HEERE Mozes had bevolen.
Ook maakten zij de heilige kleding voor Aäron, zoals de HEERE Mozes had bevolen.
Hij maakte de efod heel kunstig van goud, blauw, purper, scharlaken en fijn getwijnd linnen.
Zij sloegen goud tot dunne platen en sneden die in draden.
Die verwerkten zij heel kunstig tussen het blauw, purper, scharlaken en fijne linnen.
Die verwerkten zij heel kunstig tussen het blauw, purper, scharlaken en fijne linnen.
Zij maakten twee schouderstukken aan de efod die hem bij elkaar hielden.
Aan beide uiteinden werd hij zo samengevoegd.
Aan beide uiteinden werd hij zo samengevoegd.
De kunstig geweven gordel vormde één geheel met de efod.
Hij was van dezelfde materialen: goud, blauw, purper, scharlaken en fijn getwijnd linnen.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Hij was van dezelfde materialen: goud, blauw, purper, scharlaken en fijn getwijnd linnen.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Zij maakten de sardonixstenen klaar, zetten ze in gouden houders en graveerden er als op een zegel de namen van Israëls zonen in.
Hij bevestigde ze aan de schouderstukken van de efod als herinneringsstenen voor de Israëlieten.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Het borststuk
Hij maakte het borststuk heel kunstig, op dezelfde manier als de efod, van goud, blauw, purper, scharlaken en fijn getwijnd linnen.
Het borststuk was vierkant en dubbelgevouwen, ongeveer 22 centimeter lang en 22 centimeter breed.
Zij zetten er vier rijen edelstenen in.
De eerste rij bestond uit een sardis, een topaas en een karbonkel.
De eerste rij bestond uit een sardis, een topaas en een karbonkel.
De tweede rij bestond uit een smaragd, een saffier en een diamant.
De derde rij bestond uit een hyacint, een agaat en een amethist.
De vierde rij bestond uit een turkoois, een sardonix en een jaspis.
Alle stenen werden in gouden houders gezet.
Alle stenen werden in gouden houders gezet.
De twaalf stenen droegen de namen van Israëls zonen.
Elke naam was gegraveerd zoals op een zegel.
Elke steen vertegenwoordigde één van de twaalf stammen.
Elke naam was gegraveerd zoals op een zegel.
Elke steen vertegenwoordigde één van de twaalf stammen.
Voor het borststuk maakten zij ook twee even lange, gevlochten kettinkjes van zuiver goud.
Zij maakten twee gouden houders en twee gouden ringen.
De ringen bevestigden ze aan de beide hoeken van het borststuk.
De ringen bevestigden ze aan de beide hoeken van het borststuk.
Zij bevestigden de twee gevlochten gouden kettinkjes aan de ringen op de hoeken van het borststuk.
De andere uiteinden van de kettinkjes bevestigden zij aan de twee gouden houders.
Die zetten zij voor op de schouderstukken van de efod.
Die zetten zij voor op de schouderstukken van de efod.
Zij maakten nog twee gouden ringen en bevestigden die aan de twee onderhoeken van het borststuk, aan de binnenrand naast de efod.
Zij maakten nog twee gouden ringen.
Die zetten zij vooraan onderaan op de schouderstukken van de efod, vlak bij de naad en boven de kunstige gordel.
Die zetten zij vooraan onderaan op de schouderstukken van de efod, vlak bij de naad en boven de kunstige gordel.
Zij bonden de ringen van het borststuk met een blauw koord vast aan de ringen van de efod.
Zo bleef het borststuk boven de kunstige gordel en kwam het niet los van de efod.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Zo bleef het borststuk boven de kunstige gordel en kwam het niet los van de efod.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
De mantel van de efod
Hij maakte de mantel onder de efod van geweven stof, helemaal blauw.
Midden in de mantel zat een opening voor het hoofd, net als bij een pantser.
Rondom de opening zat een boord, zodat die niet zou scheuren.
Rondom de opening zat een boord, zodat die niet zou scheuren.
Langs de hele zoom van de mantel maakten zij granaatappels van getwijnd garen in blauw, purper en scharlaken.
Zij maakten ook belletjes van zuiver goud.
Die hingen zij rondom langs de zoom van de mantel tussen de granaatappels.
Die hingen zij rondom langs de zoom van de mantel tussen de granaatappels.
Rondom langs de zoom wisselden steeds een belletje en een granaatappel elkaar af.
De mantel was bestemd voor de dienst, zoals de HEERE Mozes had bevolen.
De mantel was bestemd voor de dienst, zoals de HEERE Mozes had bevolen.
De overige priesterkleding
Zij weefden onderkleden van fijn linnen voor Aäron en zijn zonen.
Ook maakten zij de tulband en de sierlijke hoofdbedekkingen van fijn linnen.
De onderbroeken maakten zij van fijn getwijnd linnen.
De onderbroeken maakten zij van fijn getwijnd linnen.
De geborduurde gordel maakten zij van fijn getwijnd linnen, blauw, purper en scharlaken.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Zij maakten ook de heilige kroonplaat van zuiver goud.
Daarop graveerden zij als op een zegel: HEILIG VOOR DE HEERE!
Daarop graveerden zij als op een zegel: HEILIG VOOR DE HEERE!
Zij maakten er een blauw koord aan vast om de plaat boven op de tulband te bevestigen.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Zo had de HEERE Mozes bevolen.
Het werk wordt bij Mozes gebracht
Zo werd al het werk aan de tabernakel, de ontmoetingstent, voltooid.
De Israëlieten maakten alles precies zoals de HEERE Mozes had bevolen.
De Israëlieten maakten alles precies zoals de HEERE Mozes had bevolen.
Daarna brachten zij de tabernakel naar Mozes.
Ze brachten de tent met al haar toebehoren: haken, planken, dwarsbalken, palen en voetstukken.
Ze brachten de tent met al haar toebehoren: haken, planken, dwarsbalken, palen en voetstukken.
Ook brachten zij het dekkleed van roodgeverfde ramsvellen, het dekkleed van dassenvellen en het afschermende voorhangsel.
Ook brachten zij de ark van de getuigenis met haar draagstokken en het verzoendeksel.
Zij brachten de tafel met alle bijbehorende voorwerpen en de toonbroden.
Zij brachten de zuivergouden kandelaar met de lampen die klaargezet moesten worden, al zijn gereedschap en de olie voor het licht.
Verder brachten zij het gouden altaar, de zalfolie, het geurige reukwerk en het gordijn voor de ingang van de tent.
Zij brachten het koperen altaar met zijn koperen rooster, draagstokken en alle gereedschap.
Ook brachten zij het wasbekken met zijn voetstuk.
Ook brachten zij het wasbekken met zijn voetstuk.
Zij brachten de gordijnen van de voorhof met de palen en voetstukken.
Daarbij kwamen het gordijn voor de poort, de touwen en pinnen.
Ook brachten zij alle voorwerpen voor de dienst in de tabernakel, de ontmoetingstent.
Daarbij kwamen het gordijn voor de poort, de touwen en pinnen.
Ook brachten zij alle voorwerpen voor de dienst in de tabernakel, de ontmoetingstent.
Ten slotte brachten zij de ambtskleding voor de dienst in het heiligdom.
Daarbij hoorde de heilige kleding voor priester Aäron en de kleding waarin zijn zonen als priesters dienden.
Daarbij hoorde de heilige kleding voor priester Aäron en de kleding waarin zijn zonen als priesters dienden.
De Israëlieten hadden het hele werk precies gemaakt zoals de HEERE Mozes had bevolen.
Mozes bekeek al het werk.
Hij zag dat zij alles precies hadden gemaakt zoals de HEERE had bevolen.
Toen zegende Mozes hen.
Hij zag dat zij alles precies hadden gemaakt zoals de HEERE had bevolen.
Toen zegende Mozes hen.