Nr
Origineel 1637
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
SV 1637
KT 1637
SV 1888
KT 1888
OV
OSV KT
Hebr/Grieks/Aram/Lat/Ge'ez
Verschillen SV-OV
Verschillen KT SV-OSV
Oude Testament
2 Kronieken 2
Salomo bereidt de tempelbouw voor
De werklieden
Salomo besloot een huis te bouwen voor de naam van de HEERE, en een paleis voor zichzelf.
Hij zette 70.000 dragers aan het werk en 80.000 steenhouwers in het bergland, met 3.600 opzichters erover.
De brief aan Huram
Salomo stuurde een bericht naar Huram, de koning van Tyrus: U hebt mijn vader David cederhout gestuurd voor een paleis om in te wonen.
Doe met mij hetzelfde.
Doe met mij hetzelfde.
Kijk, ik ga een huis bouwen voor de naam van de HEERE, mijn God, om het aan Hem te wijden.
Daar zullen wij geurige specerijen voor Hem branden, de toonbroden klaarleggen en elke morgen en avond brandoffers brengen.
Dat doen wij ook op de sabbatten, de nieuwemaansdagen en de feesten van de HEERE, onze God.
Dat geldt voor altijd in Israël.
Daar zullen wij geurige specerijen voor Hem branden, de toonbroden klaarleggen en elke morgen en avond brandoffers brengen.
Dat doen wij ook op de sabbatten, de nieuwemaansdagen en de feesten van de HEERE, onze God.
Dat geldt voor altijd in Israël.
Het huis dat ik ga bouwen, moet groot zijn, want onze God is groter dan alle goden.
Maar wie zou de kracht hebben om een huis voor Hem te bouwen?
Zelfs de hoogste hemel kan Hem niet bevatten.
En wie ben ik dat ik een huis voor Hem zou bouwen?
Ik kan alleen offers voor Hem branden.
Zelfs de hoogste hemel kan Hem niet bevatten.
En wie ben ik dat ik een huis voor Hem zou bouwen?
Ik kan alleen offers voor Hem branden.
Stuur mij daarom een vakman die kan werken in goud, zilver, koper en ijzer, en in purper, karmozijn en blauwpurper.
Hij moet ook verstand hebben van graveerwerk.
Hij kan samenwerken met de vaklieden die mijn vader David in Juda en Jeruzalem heeft aangesteld.
Hij moet ook verstand hebben van graveerwerk.
Hij kan samenwerken met de vaklieden die mijn vader David in Juda en Jeruzalem heeft aangesteld.
Stuur mij ook cederhout, cipressenhout en sandelhout uit de Libanon.
Ik weet namelijk dat uw mensen verstand hebben van houthakken daar.
Mijn mensen zullen hen helpen.
Ik weet namelijk dat uw mensen verstand hebben van houthakken daar.
Mijn mensen zullen hen helpen.
Zij moeten veel hout voor mij klaarmaken, want het huis dat ik ga bouwen, wordt groot en indrukwekkend.
En kijk, voor uw houthakkers geef ik ongeveer 4.400 ton tarwe en evenveel gerst.
Verder geef ik ongeveer 440.000 liter wijn en evenveel olie.
Verder geef ik ongeveer 440.000 liter wijn en evenveel olie.
Het antwoord van Huram
Huram, de koning van Tyrus, antwoordde met een brief aan Salomo: De HEERE heeft zijn volk lief.
Daarom heeft Hij u koning over hen gemaakt.
Daarom heeft Hij u koning over hen gemaakt.
Verder schreef Huram: Geprezen zij de HEERE, de God van Israël, die de hemel en de aarde gemaakt heeft.
Hij heeft koning David een wijze zoon gegeven, vol overleg en verstand, die een huis voor de HEERE en een paleis voor zichzelf zal bouwen.
Hij heeft koning David een wijze zoon gegeven, vol overleg en verstand, die een huis voor de HEERE en een paleis voor zichzelf zal bouwen.
Ik stuur u nu een vakman met veel verstand: Huram-Abi.
Zijn moeder komt uit de stam Dan en zijn vader uit Tyrus.
Hij kan werken in goud, zilver, koper, ijzer, steen en hout, en in purper, blauwpurper, fijn linnen en karmozijn.
Hij kan alle graveerwerk maken en elk ontwerp uitvoeren dat men hem voorlegt, samen met uw vaklieden en die van mijn heer, uw vader David.
Hij kan werken in goud, zilver, koper, ijzer, steen en hout, en in purper, blauwpurper, fijn linnen en karmozijn.
Hij kan alle graveerwerk maken en elk ontwerp uitvoeren dat men hem voorlegt, samen met uw vaklieden en die van mijn heer, uw vader David.
Laat mijn heer de tarwe, de gerst, de olie en de wijn aan zijn dienaren sturen, zoals hij beloofd heeft.
Wij zullen zoveel hout uit de Libanon hakken als u nodig hebt.
Wij brengen het als vlotten over zee naar Jafo, en dan kunt u het naar Jeruzalem laten halen.
Wij brengen het als vlotten over zee naar Jafo, en dan kunt u het naar Jeruzalem laten halen.
De telling van de vreemdelingen
Salomo telde alle vreemdelingen in het land Israël, net zoals zijn vader David hen geteld had.
Er waren er 153.600.
Er waren er 153.600.
Van hen maakte hij 70.000 dragers en 80.000 steenhouwers in het bergland.
Daarboven stonden 3.600 opzichters.
Daarboven stonden 3.600 opzichters.